Toen August Willemsen een aantal vrienden en kennissen vroeg of ze in hun jeugd "Alleen op de Wereld" van Hector Malot (1830-1907) hadden gelezen, antwoordden ze allemaal bevestigend. Ze hadden er ook bij gehuild en herinnerden zich zonder uitzondering dezelfde scènes: de dood van Vitalis en die van het aapje, Monsieur Joli-Coeur. "Sans famille" is een van die klassiekers uit de jeugdliteratuur die op generaties kinderen een blijvende indruk heeft gemaakt en nog blijft maken. De vondeling Rémi, die zijn ware ouders nooit heeft gekend en in de loop der jaren de ene na de andere surrogaatouder verliest, heeft daardoor waarschijnlijk een belangrijker plaats verworven in het Europees collectief bewustzijn dan Winnetou en Old Shatterhand, Ivanhoe of Donald Duck. Daar kunnen de meeste schrijvers van jeugdliteratuur alleen maar van dromen. Toch wordt zowel het boek als de auteur daarmee tekortgedaan.
...

Toen August Willemsen een aantal vrienden en kennissen vroeg of ze in hun jeugd "Alleen op de Wereld" van Hector Malot (1830-1907) hadden gelezen, antwoordden ze allemaal bevestigend. Ze hadden er ook bij gehuild en herinnerden zich zonder uitzondering dezelfde scènes: de dood van Vitalis en die van het aapje, Monsieur Joli-Coeur. "Sans famille" is een van die klassiekers uit de jeugdliteratuur die op generaties kinderen een blijvende indruk heeft gemaakt en nog blijft maken. De vondeling Rémi, die zijn ware ouders nooit heeft gekend en in de loop der jaren de ene na de andere surrogaatouder verliest, heeft daardoor waarschijnlijk een belangrijker plaats verworven in het Europees collectief bewustzijn dan Winnetou en Old Shatterhand, Ivanhoe of Donald Duck. Daar kunnen de meeste schrijvers van jeugdliteratuur alleen maar van dromen. Toch wordt zowel het boek als de auteur daarmee tekortgedaan. In de nieuwe vertaling die August Willemsen van "Alleen op de Wereld" brengt, werd de oorspronkelijke editie uit 1878 gerespecteerd. Er is geen zin uit weggelaten. Als kinderen werden we in zekere zin "afgescheept" met een verkorte versie van zo'n honderd vijftig pagina's, een rompboek waarin het tijdsbeeld helemaal was verdampt. De vertaling van Willemsen behelst er meer dan vijfhonderd. Iedereen weet waarover het gaat. De vondeling Rémi wordt op achtjarige leeftijd door zijn stiefvader Barberin "verhuurd" aan de rondreizende artiest Vitalis. In het gezelschap van Vitalis, drie honden en een aap trekt hij vervolgens door het zuiden van Frankrijk. Ze scharrelen hun kostje bij elkaar door op te treden in dorpen en steden. Ondertussen leert Rémi van Vitalis lezen, schrijven en muziek maken. Het ongeluk reist echter met hem mee en slaat op gezette tijden toe: Vitalis belandt eerst in de gevangenis en vriest later dood tijdens een ijskoude winternacht. Het gezin van kweker Acquin, waarin Rémi na de dood van Vitalis enkele jaren een thuis vindt, wordt uit elkaar gerukt als gevolg van het bankroet van de kwekerij. Wanneer Rémi meent in Londen zijn ware ouders te hebben gevonden, blijken dit twee armoedige oplichters te zijn die betaald worden om hem van zijn rijke echte ouders weg te houden. Het verhaal heeft een happy end. Voor een kind is dit einde niet alleen een opluchting, maar zelfs een noodzaak, na het lezen of aanhoren van zoveel ellende. Er heerst zelfs een vorm van immanente rechtvaardigheid, want de inhaligen krijgen ook hun portie ellende toebedeeld. Bijvoorbeeld de man die alles ondergeschikt maakte aan zijn fortuin en "nu om zijn brood moet bedelen bij degenen die hij heeft vervolgd en wier dood hij heeft gewenst".EEN GEVOELIGE SNAARDe volwassen lezer wordt getroffen door de rake beschrijving van de sociale miserie in het Frankrijk van het Second Empire van Napoleon III en de Derde Republiek, wat zeker een vorm van meerwaarde aan dit boek geeft. In de verkorte "kinderversie" moesten die beschrijvingen eraan geloven, in de nieuwe versie van August Willemsen vormen ze juist het brandpunt van de roman. Het lezen van Willemsens prachtige vertaling is zowel een herlezen als een nieuw lezen. Wie zich het boek nog herinnert uit de kindertijd, ontdekt vrij snel waarom het destijds zoveel indruk maakte, ook als de ogen nu droog blijven. Het appelleert namelijk zowel aan een grote angst als aan een grote fantasie. Alle kinderen zijn bang om hun ouders te verliezen. Die angst wordt vaak nog versterkt door schuldgevoelens en schrik voor straf, omdat ze in conflictsituaties in hun binnenste wensen dat hun vader of moeder sterft. Tegelijk fantaseren nagenoeg alle kinderen dat hun vader en moeder hun werkelijke ouders niet zijn en dat ze net als Rémi van adellijke of toch van hogere afkomst zijn. Malot heeft deze twee thema's op een ingenieuze manier met elkaar verbonden en zo een gevoelige snaar geraakt. Een kind identificeert zich helemaal met de hoofdpersoon en heeft te weinig abstraheringsvermogen om te kunnen begrijpen hoezeer de ellende waarin Rémi en de personages die hem omringen terechtkomen, maatschappelijk bepaald is. Het beeld dat Malot van het negentiende-eeuwse Frankrijk schetst, is dat van een samenleving zonder mededogen. Wanneer Rémi's stiefvader Barberin als gevolg van een arbeidsongeval invalide wordt, weet zijn baas het zo te spelen dat de ongelukkige geen jaargeld krijgt en dus aan de bedelstaf raakt. Rémi's pleegvader Acquin heeft een bloeiende kwekerij, maar hij moet ook een hoge lening aflossen met als dwingende voorwaarde dat de bank zich het bedrijf toe-eigent zodra hij ook maar één termijn in gebreke blijft. Als een zware hagelbui alle ruiten vernielt, is het zover: "Wat een aanblik! Alles was kapot, in gruzelementen: dekplaten, bloemen, glasscherven en hagelstenen vormden een warboel, een vormeloze troep; van deze tuin, vanochtend nog zo mooi, was niets over dan een naamloze puinhoop." Niet veel later verschijnt de deurwaarder. Omdat hij niet kan betalen, wordt vader Acquin gearresteerd en verdwijnt hij voor vijf jaar achter de tralies. Ook hier is het afscheid van de familie en van Rémi hartverscheurend. Hier heerst het recht van de sterkste. Ook herbergiers en bakkers zijn altijd even hardvochtig voor armen en vagebonden: ze willen hun rekening altijd tot de laatste centime betaald hebben. Ze aarzelen niet om de kinderen voor voldongen feiten te plaatsen en meer te innen dan billijk is. Kinderen zonder ouders zijn vogelvrij en kunnen zonder pardon worden verkocht, verhuurd en afgeranseld.EEN VROEGE POSTMODERNISTDe Tour de France die Rémi eerst met Vitalis en later met zijn Italiaanse vriend Mattia maakt, zou zich evengoed in de Middeleeuwen als in de vroeg-moderne tijd kunnen afspelen, zo weinig vooruitgang was er geboekt in de sociaal-economische verhoudingen. Aanvankelijk was het echter zeker niet de bedoeling van de uitgever om Malot een sociaal-kritische roman te laten schrijven, aldus Willemsen in zijn nawoord. Het moest eigenlijk een leerzaam boek voor de schoolgaande jeugd worden, zoals "Le Tour de France par deux Enfants" van G. Bruno, dat één jaar eerder verscheen en waarin de onuitstaanbaar deugdzame jongetjes André en Julien als helden worden opgevoerd. Hector Malot was er echter de man niet naar om te schrijven wat anderen van hem verlangden. Malot, een notariszoon uit een dorpje in de buurt van Rouen, werd na een korte journalistieke carrière beroepsschrijver en hij bleef dat voor de rest van zijn leven. Hij publiceerde in dertig jaar meer dan zestig romans en was in die tijd minstens even bekend en populair als Flaubert en Zola. Emile Zola beschouwde hem in zekere zin als zijn leermeester en vond "Alleen op de Wereld" een naturalistische roman avant la lettre. Toch is Malots oeuvre geheel in de vergetelheid geraakt, en merkwaardig genoeg bestaat er niet eens een fatsoenlijke biografie van de schrijver. Volgens Willemsen is dat grotendeels te wijten aan Malots non-conformisme en zijn onverschilligheid voor het uitbouwen van public relations. Hij hield zich ver van het literaire en mondaine leven en moest niets hebben van cenakels. Hij kende geen gevoelens van concurrentie of rivaliteit jegens andere schrijvers en weigerde zelfs zich kandidaat te stellen voor de Académie française omdat hij voor niemand in het stof wou gaan liggen. Een van zijn vrienden waarschuwde hem: "La modestie d'un homme nuit à sa gloire". Malot was een overtuigd republikein en antiklerikaal, en stelde zich vaak vooruitstrevend op: hij was bijvoorbeeld een voorstander van echtscheiding en van ongehuwd samenwonen. Maar hij behoorde tot geen enkele partij of beweging en heeft zich, behalve in zijn romans, nooit politiek geëngageerd. Toen hem gevraagd werd de verdediging van Dreyfus op zich te nemen, weigerde hij dat. Daarna werd het verzoek aan Emile Zola gericht, die dan zijn beroemde "J'Accuse" schreef. Men zou Malot dit gebrek aan ijdelheid en politiek engagement kunnen verwijten. Als hij zich tijdens zijn leven wat meer in de schijnwerpers had geplaatst, zou een deel van zijn romans nu wellicht nog altijd in druk zijn geweest. Toch zouden we Malot niet alleen een naturalist, maar ook een vroege postmodernist kunnen noemen, omdat hij geen vertrouwen had in ideologieën en partijen, maar uitsluitend in de kracht van het geschreven woord. Meer dan honderdtwintig jaar later blijkt het vermogen van zijn pen nog even groot. Dat geldt althans voor drie van de vier kinderboeken die door Malot werden geschreven en die nog altijd in druk zijn. De rest van zijn omvangrijke oeuvre, dat uit romans voor volwassenen bestaat, blijft ongedrukt en ongelezen. Willemsen heeft het over "Sans famille" als over een tweesnijdend zwaard: "Het boek stelde het overige werk, en zelfs de persoon van de schrijver, in een schaduw waar ze nooit meer uit zouden komen." Hector Malot, "Alleen op de Wereld", Archipel, Amsterdam/Antwerpen, 519 blz., 799 fr.Jeroen Kuypers Piet de Moor