Politiek en de mensen : ook literatuur kan helpen om de kloof daartussen te dichten.
...

Politiek en de mensen : ook literatuur kan helpen om de kloof daartussen te dichten.ER BESTAAN VELE manieren om over politiek en over de samenleving in het algemeen te spreken ; kranten, bijvoorbeeld, doen elke dag niets anders. Maar het bericht, de studie of het essay is niet altijd de meest aangewezen vorm. Ook de literatuur kan daarvoor worden gebruikt. Recent verschenen in Franstalig België twee, ondertussen ook in het Nederlands vertaalde, romans die bij uitstek politieke boeken zijn, die meer bepaald iets van betekenis hebben te melden over het hedendaagse België : ?De buik van de walvis? van Jacques de Decker en ?Lotgevallen van een dolende Belg? van François Jongen. Het boek van De Decker trok ook in Vlaanderen al veel aandacht, omdat het, ondanks zichzelf, een zekere spektakelwaarde bezit. De anekdote waarvan het boek vertrekt, is immers de moord op André Cools. Ondanks zichzelf, want de roman is geen sleutelroman. Het boek verscheen, louter toevallig, toen deze zomer net weer beweging kwam in het onderzoek naar de moord. En De Decker hanteert precies het spoor dat nu blijkbaar ook het juiste is : de betrokkenheid vanuit het kabinet van Alain Van der Biest. Het is De Decker niet te doen om een spelletje met onthulling en verhulling, om beweringen te doen over een affaire. Met ?De buik van de walvis? schreef De Decker in de eerste plaats een fijnzinnige en elegante roman (die helaas niet altijd wordt gediend door de Nederlandse vertaling). Wat hem interesseert, is de plaats van de politiek in het bestaan van mensen die daar op een of andere manier mee bezig zijn, journalisten, magistraten en natuurlijk politici zelf. Omgekeerd mediteert de roman ook over de manier waarop het politieke bedrijf vorm krijgt door de invloed van de actoren zelf. SUBTILITEITEN.Of Arille Neefs, voor wie André Cools model heeft gestaan, dan wel degelijk als een ?waarheidsgetrouw? evenbeeld van Cools moet worden beschouwd, is dan ook niet bijzonder relevant. Idem over de relatie tussen Van der Biest en de Renaud Leflamand in het boek. Voor ?harde? informatie kan men in de knipselmappen of in justitiële dossiers terecht. Waar De Decker het over wil hebben, is datgene wat daar niét in staat en nooit in kan staan. In het verlengde daarvan hanteert De Decker de roman als een warm pleidooi voor de politiek als maatschappelijk instrument, als hefboom voor een menselijker samenleving. In deze zogeheten antipolitieke tijden overheersen zwart-witbeelden die kennelijk geen ruimte meer laten voor de subtiliteiten die De Decker wil aanbrengen. Iets analoogs geldt voor het boekje van François Jongen, dat de communautaire verhoudingen in België als onderwerp heeft. De nationalistische en identitaire termen waarin het debat over de toekomst van de Belgische staat wordt gevoerd, laten ook al weinig ruimte voor nuances, voor de menselijke dimensie. In het Frans wordt dat wel vaker le vécu genoemd, de dagelijkse realiteit en de concrete ervaring, die veel complexer en subtieler en veel minder eenduidig zijn dan de Vlaams-Franstalige egelstellingen doen vermoeden, waarin van iedereen wordt verwacht om vanuit een soort volksplicht kamp te kiezen en het verboden is te twijfelen. Dat kwam vorige week nog indirect tot uiting in de resultaten van het Ispo-onderzoek van professor Marc Swyngedouw over de verkiezingen van 1995. De communautaire factor bleek daarin slechts voor een 2 procent van de kiezers echt een prioritair actiepunt te zijn, zodat alle passies die deze zaak in het parlement of de media opwerpt, eigenlijk vooral als een bekommernis van een kleine politieke elite moeten worden aanzien. SUBVERSIEF.Om dit onderwerp aan de orde te stellen, schreef François Jongen met ?Lotgevallen van een dolende Belg? een uiterst vermakelijke fabel. Zijn hoofdpersonage, genaamd Eric Jongen (spreek uit : zjon-guèn) is een fanatieke Franstalige Brusselaar die een half-ludieke, half-serieuze guerrillaoorlog voert tegen de Vlaamse opmars in Brussel. Wanneer hij tot het besef komt dat dit een verloren strijd is hij woont overigens in de overwegend Franstalige périférie in Vlaams-Brabant besluit hij de Vlaamse identiteit aan te nemen, wordt hij Erik (met k) Jongen (spreek uit : jongen) en bindt hij de strijd aan met het Franse taalimperialisme. Helaas valt dat niet zo best mee zodat hij dan maar kiest voor de Europese identiteit, met de Japanners en de Amerikanen als nieuwe vijanden, onder het motto : ?Wij eisen een verbod op alles wat niet van ons komt en een belasting op alles wat niet verboden kan worden.? Deze kleine, vlotte roman bezit een uitgesproken subversief karakter, omdat hij lijnrecht ingaat tegen de evidenties van het heersende politieke vertoog. Overigens maakt Jongen van de lotgevallen van zijn aandoenlijke hoofdpersonage gebruik om nog een aantal andere kwalen van het oude unitaire België te hekelen. De politieke benoemingen bijvoorbeeld, die naadloos worden overgenomen door de nieuwe instellingen van het federale België. ?Lotgevallen van een dolende Belg? ontleent zijn literaire én zijn satirische kracht aan de ambivalenties die het zo sterk in de verf zet. De concrete, menselijke werkelijkheid blijkt zoveel ingewikkelder en genuanceerder te zijn dan de politieke ideeën die daarrond leven. Het is die botsing die ook het bestaan van Eric(k) Jongen nu eens een conformist, dan weer iemand op zoek naar een leefbaar burgerschap grondig door elkaar haalt. Zeker dit boek heeft, naast zijn intrinsieke literaire betekenis, een omineuze signaalwaarde. Het is namelijk vreemd dat over dit soort onderwerpen een roman moet worden geschreven. Dat laat meer bepaald vermoeden dat een directer debat erover blijkbaar niet meer mogelijk is, dat ook hier de communicatiekanalen verstopt zijn geraakt. Het signaal van de schrijver ? Marc Reynebeau Jacques de Decker, ?De buik van de walvis?, Thoth-Epo, Bussum-Antwerpen, 143 blz., 598 fr.François Jongen, ?Lotgevallen van een dolende Belg?, Globe, Groot-Bijgaarden, 136 blz., 595 fr.Spreken over politiek in romans : zijn de kanalen verstopt ?