Een bondskanselier die vijf, zes weken vóór de verkiezingen zover achterop is gesukkeld, maar toch nog zichzelf opvolgt? Het is natuurlijk nog vertoond. In 1961, bijvoorbeeld, werkte Konrad Adenauer op korte tijd een grote achterstand weg. Hij werd daarbij geholpen door de Oost-Duitsers die in Berlijn een muur begonnen te bouwen. In 1989 gaf begin augustus niemand nog een pfennig voor de kansen van Helmut Kohl. Hij won toch. Wellicht omdat het hele Oostblok tegen september in al zijn voegen kraakte. In het begin van de jaren zeventig zou ook Willy Brandt met zijn Ostpolitik nog zo'n half mirakel hebben verwezenlijkt . Vandaag echter ziet amper nog een Duitser een kans voor Gerhard Schröder om zichzelf als bondskanselier op te volgen.
...

Een bondskanselier die vijf, zes weken vóór de verkiezingen zover achterop is gesukkeld, maar toch nog zichzelf opvolgt? Het is natuurlijk nog vertoond. In 1961, bijvoorbeeld, werkte Konrad Adenauer op korte tijd een grote achterstand weg. Hij werd daarbij geholpen door de Oost-Duitsers die in Berlijn een muur begonnen te bouwen. In 1989 gaf begin augustus niemand nog een pfennig voor de kansen van Helmut Kohl. Hij won toch. Wellicht omdat het hele Oostblok tegen september in al zijn voegen kraakte. In het begin van de jaren zeventig zou ook Willy Brandt met zijn Ostpolitik nog zo'n half mirakel hebben verwezenlijkt . Vandaag echter ziet amper nog een Duitser een kans voor Gerhard Schröder om zichzelf als bondskanselier op te volgen. Dat is merkwaardig. In de eerste plaats omdat het nog niet eerder is voorgekomen dat een nieuwe coalitie in Duitsland al na één mandaat wordt weggestemd. Zes maanden geleden twijfelde er dan ook niemand aan dat rood-groen een tweede ambtstermijn zou krijgen. Het nieuw-linkse discours klonk nog vrolijk. En bovendien kozen de christen-democraten voor de Beier Edmund Stoiber als hun kandidaat-kanselier. Een degelijke maar oersaaie man, die in het televisietijdperk tegen de flamboyante Gerhard Schröder geen kans leek te maken. Ernstiger klonk de overweging dat de christen-democraten van de alliantie CDU/CSU zich nog onvoldoende hadden hersteld van de financiële schandalen in de nadagen van het bewind van Helmut Kohl. De erfenis van Kohl leek nog onvoldoende verteerd om opnieuw een gooi te doen naar het kanselierschap. Het leek alsof ze zich met de keuze voor een man uit Beieren bij nog vier jaar oppositie hadden neergelegd. Want zo'n erg christelijke, aartsconservatieve Beier in Berlijn, dat kan toch nooit goed gaan. Er is ondertussen een en ander veranderd. Het is de voorbije maanden, bijvoorbeeld, duidelijk geworden dat Gerhard Schröder niet de briljante manager is die hij enkele jaren geleden leek. Duitsland doet het economisch al geruime tijd slechter dan zijn Europese buren. Edmund Stoiber bleef rustig herhalen dat het geen toeval is dat de economie het in Beieren zoveel beter doet dan in de rest van het land. Hij gaf bovendien niet toe aan de verleiding om het centrum prijs te geven voor een meer rechtse opstelling rond migratie en criminaliteit. Daar had de sociaal-democratische SPD van Schröder nochtans op gerekend. In april moest socialist Lionel Jospin in Frankrijk het onderspit delven. In mei leed de PvdA van Wim Kok in Nederland een smadelijke nederlaag. In Duitsland gleed de SPD in de peilingen langzaam weg, tot nu al zo'n vijf, zes procent achter de christen-democraten. En de bondskanselier slaagt er met zijn volle gewicht niet in om daar ook maar een procentje vanaf te doen. Schröder is persoonlijk nog altijd een stuk populairder dan Stoiber, maar daar koopt hij niets voor. Zonder meerderheid kan hij het kanselierschap vergeten. Sinds het begin van de vakantie wordt de coalitie bovendien geplaagd door enkele hoogst onaangename affaires. Zo kwam aan het licht dat minister van Defensie Rudolf Scharping geld had aangenomen van een groot public-relationskantoor. Scharping is een zwaargewicht, een oud-partijleider die het in de jaren negentig nog tevergeefs tegen Helmut Kohl opnam. Hij speelt al enkele jaren de rol van enfant terrible. Hij was eerder al voer voor de boulevardpers, toen bleek dat hij als minister legervliegtuigen charderde voor romantische bezoekjes aan zijn vriendin, een jonge, mooie gravin. Maar een minister van Defensie dollend in het zwembad was geen stichtend voorbeeld, op het moment dat Duitse gevechtssoldaten voor het eerst sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog op vreemde bodem in actie kwamen. Scharping vond er geen graten in, en overleefde de crisis. Dit keer was er echter geen ontkomen aan: Schröder zette hem persoonlijk aan de deur. Dat was geen eenvoudige beslissing, maar ze liet iets van de oude, zelfverzekerde Schröder zien die de sociaal-democratie vier jaar geleden in het centrum van de politiek parkeerde. Een Duitse Tony Blair. Een moderne linkse politicus die net zo goed met de fabrieksbaas over de baan kan als met de vakbondsleider. Een Genosse der Bosse, zoals Schröder werd genoemd. Maar ook die Bosse laten hem nu vallen. Ze hebben, zoals anderen, de indruk dat zijn politieke instinct is afgebot, dat hij te veel blunders slaat. De zaak met de bonusmijlen van Lufthansa trof in de eerste plaats de groene coalitiepartner van de SPD. Voor dienstreizen die ze met het vliegtuig maken, krijgen ministers en volksvertegenwoordigers zogenaamde bonusmijlen. Een bepaald aantal van die mijlen geeft recht op een aantal voordelen. Vliegtuigtickets, een verblijf in een Lufthansahotel, een huurwagen. Dat soort dingen. Het is niet verboden om die voordelen privé te gebruiken. Er geldt alleen een afspraak dat de voordelen die in dienstverband zijn verworven - dat wil zeggen: op kosten van de belastingbetaler - ook in het belang van de dienst worden gebruikt. Dat hebben ze duidelijk lang niet allemaal gedaan, en dat geeft geen fraai beeld van de politiek. Het bekende, rechtse boulevardblad Bild bracht het verhaal in afleveringen, waarbij elke dag een paar ministers of volksvertegenwoordigers op privégebruik van de bonusmijlen werden betrapt. Vooral sociaal-democraten en groenen werden geviseerd, wat zeker die laatste partij zuur kan opbreken. Maar ook de charismatische leider van de linkse PDS, Gregor Gysi, gaf toe dat zijn vrouw en zijn zoon met de bonusmijlen op vakantie waren geweest en hij nam ontslag uit de deelstaatregering in Berlijn. Ook dat zit de SPD niet mee. Het was een gok om de hoofdstad te willen besturen met een rood-rode coalitie van sociaal-democraten en de uiterst-linkse opvolger van de voormalige Oost-Duitse communistische partij. De PDS schommelt in alle peilingen rond de kiesdrempel van vijf procent. Waarnemers geloven dat als die partij de kiesdrempel niet haalt, de kansen van Stoiber groter worden. Ze denken dat rood en groen nog alleen een meerderheid van christen-democraten en liberalen in de Bondsdag kunnen voorkomen als de PDS de kiesdrempel wél haalt. Het weekblad Der Spiegel noemt de heisa rond de bonusmijlen 'absurd', omdat eigenlijk niemand een fout heeft gemaakt. Maar het deukje in het imago van Gysi kan dus wel grote gevolgen hebben. Schröder en de zijnen maakten daarop de fout om Bild aan te vallen en het blad ervan te beschuldigen een campagne tegen de regering te voeren. De krant beriep zich op het heilige principe van de persvrijheid, en kreeg natuurlijk alle andere media aan haar kant. Er werd daarbij vanzelfsprekend herinnerd aan het incident, waarbij de bondskanselier begin dit jaar een journalist liet vervolgen omdat die had durven volhouden dat Schröder zijn haar verft. Het probleem dat zich daarbij voor de SPD stelt, is dat zo'n incident er de kiezers kan toe aanzetten om op 22 september thuis te blijven, niet te gaan stemmen. Mensen die van dergelijke zaken een punt maken, zullen niet vlug voor de CDU/CSU kiezen, maar als ze thuis blijven, werken ze een mogelijke overwinning van Stoiber hoe dan ook mee in de hand. Toch verzinken al die politieke straatgevechten in het niet bij de vaststelling dat Duitsland ruim een maand voor de verkiezingen opnieuw meer dan vier miljoen werklozen telt. Daarmee staat Schröder weer bij af: hij maakte vier jaar geleden van de strijd tegen de werkloosheid zijn belangrijkste doelwit. Hij wordt nu zo ongeveer elke dag herinnerd aan een uitspraak van toen, dat de SPD het niet zou verdienen om opnieuw als sterkste partij uit de stembus te komen als ze er niet in slaagde om de werkloosheid merkelijk te verminderen. Onder het voorzitterschap van personeelsdirecteur Peter Hartz van Volkswagen werkte een commissie de voorbije maanden aan voorstellen om de Duitse arbeidsmarkt te hervormen. De commissie is klaar met haar werk. Ze stelt harde maatregelen voor, ze wil onder andere de uitkeringen drastisch verlagen. Schröder belooft dat het plan nog in september wet zal worden. Maar het gevoel is algemeen dat het te laat komt. Alles nu snel door het parlement jagen, is zoveel als een bekentenis dat de regering het probleem van de werkloosheid jarenlang verwaarloosd heeft. De Duitse Weg: in hoge nood toverde Gerhard Schröder diep in de campagne nog een nieuwe slogan uit zijn hoed. Tegelijk werd de campagneleider van de SPD naar huis gestuurd. Als de bondskanselier het niet redt, stelt het weekblad Der Spiegel, is het geoorloofd om te beginnen nadenken over het mislukken van een politieke generatie. Het blad heeft blijkbaar zijn balans al klaar. Hubert van HumbeeckDe regering heeft de werkloosheid jarenlang verwaarloosd.Het lijkt alsof Gerhard Schröder zijn politieke instinct heeft verloren.