Twee jaar geleden woedde er op het Europese vasteland een oorlog. NAVO-vliegtuigen bombardeerden van eind maart tot begin juni Joegoslavië met de bedoeling president Slobodan Milosevic op de knieën te dwingen. Het westerse bondgenootschap eiste de terugtrekking van zijn Joegoslavische troepen uit Kosovo. Een internationale grondtroepenmacht zou dan de controle over die Servische provincie overnemen.
...

Twee jaar geleden woedde er op het Europese vasteland een oorlog. NAVO-vliegtuigen bombardeerden van eind maart tot begin juni Joegoslavië met de bedoeling president Slobodan Milosevic op de knieën te dwingen. Het westerse bondgenootschap eiste de terugtrekking van zijn Joegoslavische troepen uit Kosovo. Een internationale grondtroepenmacht zou dan de controle over die Servische provincie overnemen.De 'humanitaire oorlog' moest het verdrijven van etnisch Albanezen uit Kosovo doen ophouden. Servische militairen en paramilitairen bekampten immers al een jaar niet alleen de opstandelingen van het Kosovaars Bevrijdingsleger (UCK), moordend en brandschattend joegen ze ook tienduizenden volksalbanezen op de vlucht die niets te maken hadden met de guerrilla. Tijdens de NAVO-bombardementen namen de 'etnische zuiveringen' echter nog in hevigheid toe. Honderdduizenden Albanese Kosovaren stroomden nu richting Albanië en Macedonië. Als gevolg daarvan bedreigde de etnoculturele brand de hele Balkan. Toen verschenen de bemiddelaars Martti Ahtisaari en Viktor Tsjernomyrdin in beeld. De president van het neutrale Finland en de ex-premier van Rusland duwden Milosevic op 3 juni 1999 door de bocht. Hij capituleerde. Hoe reageerde toen de man die twee weken geleden is gearresteerd op beschuldiging van malversaties, corruptie en machtsmisbruik? Ahtisaari is inmiddels geen Finse president meer, maar voltijds crisisdiplomaat. Op doorreis in Brussel voor een lezing over Europees crisismanagement, doet hij het verhaal.Martti Ahtisaari: Milosevic zag er die beslissende 3de juni vermoeid uit, na een nacht van discussie met politici die ons voorstel aan het Joegoslavische parlement moesten voorleggen. Maar hij kwam niet over als een geslagen man. Het hoofd buigen behoort niet tot zijn stijl. De ontmoeting verliep zeer zakelijk. Milosevic probeerde niet amicaal te doen. Hij stuurde nooit aan op een sfeertje van maats onder mekaar. Gelukkig maar, anders waren we in moeilijker vaarwater terechtgekomen. Ik kende hem van gesprekken in 1992 en 1993, tijdens de Joegoslavië-conferentie. Milosevic hield nog altijd vast aan zijn denkbeelden. Ik zei hem: 'Het plan dat we u voorstellen valt te nemen of te laten. Beter kunnen we niet aanbieden.' Volgens een betrouwbare bron zocht hij, nadat we de deur uit waren, Tsjernomyrdin op in diens hotel. Met de vraag: 'Kan er aan dat plan echt niets worden gewijzigd?' Tsjernomyrdin antwoordde: 'Zo is het.' Dat was belangrijk. We hielden het op eenzelfde standpunt. Bij de voorafgaande besprekingen met Russen en Amerikanen had ik geweigerd naar Belgrado te vertrekken zolang er geen tekst vastlag waar iedereen ijzersterk achter zou blijven staan. Begin mei hadden we nog twee scripts. Ik zou het ultimatum voorlezen en Tsjernomyrdin zou er wat aan toevoegen. Dat kon niet. Met zo'n scenario liepen we de kans misbruikt te worden.Dat u met Tsjernomyrdin op één lijn stond, deed Milosevic bezwijken.Ahtisaari: Misschien speelde wel een ander feit mee. De Russen hadden namelijk plannen om, bij de aftocht van het Joegoslavische leger uit Kosovo, met duizenden manschappen door te stoten naar de hoofdstad Pristina en het noorden van de provincie. Milosevic moet van dat plan geweten hebben. Dat zou mee verklaren waarom hij toegaf. U redde zowel de NAVO als Rusland uit een moeilijk parket.Ahtisaari: Ik redde niemand, ik hielp het vredesproces vooruit. De stap naar pacificatie was even belangrijk voor de NAVO als voor Rusland. Hadden we mekaar niet gevonden, dan zou dat hebben betekend dat Rusland niet dezelfde waarden verdedigde als wij. In de Russische samenleving bestond minder druk om op te treden dan bij ons. In mijn land, dat geen lid is van de NAVO, vroeg de bevolking om iets te ondernemen. In Kosovo speelden zich taferelen af zoals tevoren in Bosnië-Herzegovina. Mensen werden uit hun huizen verdreven. De reactie was fel. Regeringen werden op de proef gesteld, vooral de Duitse. U herinnert zich zeker dat buitenlandminister Joschka Fischer op een congres van zijn groene partij rode verf over zich heen kreeg, uit protest tegen de bombardementen. Overal in Europa rees de vraag waarom de ellende zo lang aansleepte. Toen het aantal burgerslachtoffers van de oorlog opliep, stond het volk zo langs zo minder achter het beleid.Sommige strategen dachten dat Milosevic na een paar dagen bombarderen wel door de knieën zou gaan. Maar hij hield het maanden vol.Ahtisaari: Zo'n ingreep kan ook in een paar dagen worden afgerond, maar dan had de NAVO zijn doelen anders moeten kiezen. Politiek kon het bondgenootschap dat niet maken, dat kon niet door de beugel. Ondertussen zijn er twee jaar verstreken. Hoe kijkt u nu naar de Balkan?Ahtisaari: Verwonderd over de positieve evolutie. De verkiezingsuitslagen in Joegoslavië en Servië verheugen me, zoals eerder die in Kroatië. In Kosovo wonnen de gematigde krachten de eerste gemeenteraadsverkiezingen. Ondanks de recente gebeurtenissen in Macedonië beleefden we twee positieve jaren. We moeten Zuidoost-Europa in zijn geheel beschouwen en denken aan Europa na de Tweede Wereldoorlog. Het Amerikaanse engagement, het Marshallplan, hielp democratie installeren in Duitsland en elders. Dat duurde allemaal zijn tijd. De aanwezigheid van het Amerikaanse leger speelde een vitale rol in het raamwerk waarin markteconomie en democratie konden bloeien. Om de Balkan vooruit te helpen, is er net zo'n langetermijnengagement nodig. De internationale gemeenschap zal daar de volgende 20 jaar aanwezig moeten blijven.U bedoelt: militair?Ahtisaari: Militair en civiel. De huidige bemoeienis volhouden, kost minder en is makkelijker dan weggaan en wat later opnieuw moeten beginnen. Want als we weggaan, laaien de conflicten weer op en liggen de zaken misschien nog gecompliceerder dan tevoren. We moeten uitgaan van een langetermijnvisie, die in lengte van jaren vele verkiezingsperiodes in verschillende landen overlapt. De crisis in Joegoslavië duurt al tien jaar. Wat hebben we in die tijd van die oorlog geleerd?Ahtisaari: We hebben geleerd om de gelederen te sluiten, om als geheel op te treden. Dat was duidelijk merkbaar aan de reactie op de recente gebeurtenissen in Macedonië en in de Presevo-vallei (bij de grens met Kosovo, waar een nieuw UCK de vorige maanden aanstuurde op een gewapend conflict, nvdr). De NAVO nam passende maatregelen. Secretaris-generaal George Robertson en EU-verantwoordelijke voor het buitenlands en veiligheidsbeleid Javier Solana werkten als een tandem. De oogmerken en boodschappen spoorden met mekaar. De houding van het Westen tegenover Servië en Joegoslavië is inmiddels veranderd. Hoe moeten we ons nu tegenover Belgrado gedragen?Ahtisaari: De ommezwaai gebeurde na de Joegoslavische presidentsverkiezingen van vorig jaar. De losse coalitie van oppositiepartijen DOS won met Vojislav Kostunica en zegevierde daarna ook in de Servische verkiezingen. Een veranderingsproces op gang trekken met zo'n verzameling van partijtjes en persoonlijkheden ligt niet voor de hand. Maar het is ze gelukt. Een goed deel van dat veranderingsproces bestaat erin af te rekenen met het verleden. Voor het gemoed van de natie is dat belangrijk. Denk aan het effect van het Duitse gewetensonderzoek na de Tweede Wereldoorlog. Hoe zal Slobodan Milosevic nu worden berecht in Joegoslavië? Ze willen een commissie voor waarheid en verzoening aan het werk zetten, naar het voorbeeld van de manier waarop Zuid-Afrika met de apartheid heeft willen afrekenen. Laten we ze tijd gunnen. Wat niet wil zeggen dat de internationale gemeenschap haar vraag moet opgeven om Slobodan Milosevic aan het Joegoslavië-tribunaal in Den Haag uit te leveren. Toen ik de nieuwe Joegoslavische president Kostunica eerder dit jaar in Belgrado ontmoette, erkende hij dat zijn land een verplichting heeft ten opzichte van het VN-tribunaal. Maar misschien is het beter voor de ontwikkeling van de democratie om eerst in Joegoslavië zelf een proces tegen Milosevic te voeren.Welke rol kan een gerechtshof zoals het Joegoslavië-tribunaal in Den Haag in de internationale betrekkingen spelen?Ahtisaari: Hoe belangrijk de rol van zo'n instelling kan zijn, mocht ik in mei 1999 ervaren. Net toen ik met de Amerikaanse vice-buitenlandminister Strobe Talbott en Tsjernomyrdin de missie naar Belgrado aan het voorbereiden was, maakte Den Haag zijn aanklacht tegen Milosevic bekend (oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid, begaan in Kosovo, nvdr). Op dat ogenblik, in Moskou, dacht ik: my god, dit maakt onze opgave aartsmoeilijk. Maar een beetje later was ik de toenmalige hoofdaanklaagster, de Canadese Louise Arbour, bijzonder dankbaar voor haar schitterende timing. Het tribunaal had zich namelijk een onafhankelijke instelling getoond en Milosevic wist van de beschuldiging voor we bij hem arriveerden. Hij deed zelfs geen poging om de aanklacht in ons gesprek te berde te brengen, hij zweeg erover. Maar mocht de beslissing van Den Haag zijn gevallen na ons bezoek, had hij kunnen zeggen: dit is niet fair, ik hou me niet langer aan wat we zijn overeengekomen. Den Haag stuurt een krachtig signaal uit naar mensen die wat op hun kerfstok hebben: vroeg of laat zullen ze worden gevat. Ze kunnen een tijd onderduiken, maar dan veroordelen ze zichzelf tot een leven als paria. Ooit komen de ondergedoken Bosnische Serviërs Radovan Karadzic en Ratko Mladic in Den Haag terecht - daar ben ik zeker van.Op de Balkan is op dit moment vooral de Albanese kwestie aan de orde. Ziet u daar licht aan het eind van de tunnel?Ahtisaari: Tijdens de ongeregeldheden van maart in Macedonië was ik in Skopje bij president Boris Trajkovski. Ik sprak met ministers en andere politici. Ze schaarden zich allemaal achter een juiste beslissing: het Macedonische leger gebruikte tegen de Albanese rebellen niet meer geweld dan nodig was om ze het zwijgen op te leggen. Het optreden van de Macedoniërs stak in die zin schril af tegen de gewelddadige aanpak van de legers in Bosnië of Kosovo. Tegelijk besliste de NAVO om meer manschappen in te zetten om de grens tussen Kosovo en Macedonië te bewaken, een bergachtig en onherbergzaam operatieterrein. Wij bezwoeren de Slavische leiders in Macedonië inmiddels om de controverses met de etnisch Albanese minderheid uit te praten. De grootste partij van de Albanezen maakt deel uit van de regeringscoalitie. Als de rebellie van haar volksgenoten langer had geduurd, kon ze bezwaarlijk in de regering blijven zitten. Er zijn grieven, maar vergeleken met andere landen hebben de Albanezen het niet kwaad in Macedonië. Ik hoop dat ze dit jaar hun universiteit krijgen, met de hulp van de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa. De internationale gemeenschap moet erop toezien dat een deel van onze hulp aan de Macedonische regering gebruikt wordt om aan legitieme eisen van de Albanezen tegemoet te komen. Als ambtenaren gemiddeld 6000 frank per maand verdienen (150 euro), dan begrijp je hoe weinig een regering daar kan doen. Ik hoop dat het Albanese bevolkingsdeel daar rekening mee houdt.Maar het probleem blijft, dat wat in de bergen gebeurt in de hele maatschappij doorsijpelt.Ahtisaari: De gewapende strijd lokt degenen die menen hun kans te hebben gemist in vorige gevechten. Vertegenwoordigers van migrantengemeenschappen stellen zich op televisie vaak onuitstaanbaar superieur op. Ze prediken zoveel geweld dat volksgenoten in New York of elders denken dat ze mee moeten gaan vechten. Iemand van de Wereldbank schreef vorig jaar een studie over de oorzaken van conflicten. Zijn stelling was: het zijn niet altijd armtierige leefomstandigheden of politieke ideologie die naar oorlog voeren, maar wel de beschikbaarheid van geld. Als er na een conflict rust heerst en er leeft een grote, aangesproken migrantengemeenschap in de Verenigde Staten, dan bestaat er 36 procent kans dat het conflict herbegint, omdat de strijd kan worden gefinancierd. Is de migrantengemeenschap klein, dan is de kans 5 procent. Er zijn conflicten in Latijns-Amerika die moeilijk kunnen worden opgelost omdat ze door een voortdurende geldstroom worden gestijfd.Het is een publiek geheim dat de Albanese diaspora de volksgenoten in Kosovo en Macedonië van geld voorziet. Maar ook dat het criminele milieu zijn steen bijdraagt tot de strijd.Ahtisaari: Ja, en ik denk aan de smokkel. Daarom moeten we staatsdragende instellingen helpen opbouwen en versterken. Een zwakke staat kan het individu niet beschermen. Er wordt in onze maatschappij gediscussieerd over minder staat. Maar de Balkan en Rusland hebben in hun huidige ontwikkelingsfase meer staat nodig, sterkere instellingen, mechanismen om respect voor de wet af te dwingen. Er moet worden gewerkt aan veiligheid en orde. De rechters moeten betrouwbaar zijn. Als dat allemaal ontbreekt, is het bed voor allerlei soorten van criminelen gespreid. Ze laten geen mogelijkheid om te smokkelen onbenut. Denkt u dat grenswijzigingen in de Balkan kunnen helpen om de problemen op te lossen?Ahtisaari: Nee, want één grenswijziging opent de doos van Pandora. Iedereen vindt dan wel een excuus om een grens te verleggen. Wie daaraan begint, weet niet waar hij eindigt. Op grond van historisch materiaal kun je trouwens heel Europa herindelen. Mijn advies is dus: blijf daarvan af, wijzig geen grenzen. De Albanezen in Kosovo willen weg uit Servië, om eventueel een Groot-Albanië te vormen. Waarom zouden de Bosnische Serviërs dan niet aansluiten bij hun stamland om een Groot-Servië te vormen? Enzovoort. Zo blijft de Balkan onvermijdelijk onder druk staan.Ahtisaari: In Montenegro bestaat druk om Joegoslavië te verlaten. Op zeker ogenblik moeten zulke geschilpunten wel geregeld geraken. Stel u de zorgen voor van planners van de internationale gemeenschap, van al wie vredesoperaties leidt. Waar moet je planning naartoe leiden? Als je bijvoorbeeld niet weet welke status Kosovo zal krijgen. Zonder onderhandelingen komen we er niet uit. Moet Kosovo een provincie blijven van Servië of van Joegoslavië?Ahtisaari: Als je dat aan de Albanezen vraagt, is het antwoord duidelijk: nee. En daar sta je dan. Hoe kun je verzekeren dat de Albanese meerderheid er behoorlijk omgaat met de Servische minderheid? De huidige situatie, waarbij Kosovo een soort protectoraat is, moet misschien nog maar een tijd meegaan. Tot op het moment dat het helemaal zeker is dat de etnieën er zich op een meer fatsoenlijke manier tegenover elkaar gaan gedragen. Over welke termijn spreken we dan? Twintig jaar?Ahtisaari: Nee, de manier om met mekaar om te gaan, moet sneller veranderen. Iedereen snakt naar veiligheid. Waarom traden Hongarije en andere Centraal-Europese landen toe tot de NAVO? Omdat ze dat lidmaatschap nodig hebben om de democratie en de markteconomie uit te bouwen. De internationale militaire aanwezigheid op de Balkan stelt ook ons gerust. Ze ondersteunt de democratie. Overigens, meneer de president, u hebt ook veel ervaring met Afrika. Hoe luidt uw advies als crisismanager met betrekking tot de toestand in Congo?Ahtisaari: Ik hoop dat de akkoorden over de terugtrekking van strijdkrachten daar uitvoering krijgen. Er bestaat een plan, de kwestie is: hoe kunnen alle betrokken partijen ertoe worden aangezet om woord te houden? Wellicht verbetert de installatie van de VN-vredesmacht de toestand. Het probleem in Congo sleept al lang aan. Hoe rijker een land, hoe gecompliceerder het conflict. Mocht Congo een arm land zijn, niemand zou er troepen in de strijd gooien.In verband met de Balkan vraagt u om tijd en geduld om de civiele maatschappij de kans te geven om zich te herstellen. In Congo wordt al sinds de tijd van president Mobutu geprobeerd om weer een burgermaatschappij op te bouwen.Ahtisaari: Dat vraagt inderdaad ook veel tijd. Het is voor mij bijna een obsessie geworden om de mensen duidelijk te maken dat we ons nog lang in de Balkan zullen moeten engageren. Duitse journalisten zeiden me indertijd dat, als het ooit tot een hereniging van Duitsland kwam, het een generatie zou duren om dat karwei te klaren. Want dat is niet alleen een administratieve operatie, er is ook zoiets als de mentale hereniging. Maar als het dus in Duitsland zo lang duurt, zal de ombouw van Rusland twee of drie generaties in beslag nemen. En die van Afrika? Dat hangt ervan af waar het startpunt ligt. De moderne westerling begrijpt dat niet. Die wil dat alles in orde komt tegen eergisteren. Hij kan niet wachten. Het grootste deel van mijn beroepsleven was ik bezig met ontwikkelingslanden, ik leerde om geduld te oefenen. Het leert je ook bescheidenheid: gun de verandering haar tijd, maar volhard ondertussen in je opzet. Dat is mijn devies. Hubert van Humbeeck Frans Vuga