RENE FABRY
...

RENE FABRY We willen best belastingen betalen voor de auto, zegt René Fabry, directeur-generaal van de Belgische federatie van de Automobiel- en Fietsindustrie (Febiac). Maar de limiet is nu wel bereikt.?Het leidmotief van Febiac in al haar activiteiten luidt : de klant staat centraal. Daarom komt de federatie op voor onder meer haar klanten-automobilisten die na iedere begrotingsronde van de regering te horen krijgen dat ze mogen betalen omdat ze toevallig een auto hebben en gebruiken. De regering vergeet blijkbaar dat een auto voor de burgers geen luxe is, maar een onmisbaar werkinstrument. Bij elke verkiezing beloven politici de burgers steeds weer dat er zeker geen belastingverhogingen komen. Zijn automobilisten dan geen burgers ? Op vier jaar tijd heeft de regering de autobelastingen veertien keer verhoogd. De automobilisten dragen 300 miljard frank bij in de schatkist, goed één zevende van de totale fiscale inkomsten van de staat ! Voor ons is het duidelijk : de belastingen op de auto hebben hun maximum bereikt. Wij zijn uiteraard niet tegen belastingen op zich, maar de grens van het toelaatbare is bereikt. Bovendien is de autofiscaliteit een belasting zonder visie tenzij wellicht vanuit boekhoudkundig oogpunt. Waarom kan die fiscaliteit niet zodanig hervormd worden dat ze een verbetering van milieu, veiligheid en mobiliteit tot gevolg heeft ? Dat zijn toch thema's die geregeld opduiken in verkiezingsprogramma's van zowat alle politieke partijen ? Na een bepaalde begrotingsronde, met uiteraard een traditionele belastingverhoging voor de automobilist, konden we horen dat ?als we het autogebruik duurder maken, mensen vanzelf minder met de auto rijden of de trein nemen.? Maar heeft de burger wel de mogelijkheid om te kiezen ? Het is ook al te gemakkelijk aan de ene kant de automobilist zwaar te laten betalen en aan de andere kant te zeggen : ?Bedankt voor de centen, maar we hebben liefst dat je niet te veel rijdt of bij voorkeur de trein kiest.? Daarom is het hoog tijd dat grondig wordt nagedacht over een intelligente autofiscaliteit waarvoor wij best willen betalen maar waaraan tegelijk ook voordelen verbonden zijn voor de automobilisten zelf en voor de maatschappij in het bijzonder.? GUIDO SAUWENS De autokost bedraagt meer dan de cijfers van Febiac. Dat zegt Guido Sauwens van de vrijwilligersorganisatie Veilig Verkeer Vlaanderen, die opkomt voor fietsers en voetgangers.?Febiac rekent alleen de interne kosten. De kost voor de aanleg en het onderhoud van het wegennet, en voor de ambtenaren die daarbij betrokken zijn, bedraagt al 187 miljard frank. Tel daarbij politie, rijkswacht en hulpdiensten en de autokost bedraagt 203 miljard frank. Maar er is meer. Febiac verzwijgt namelijk de externe kosten. Volgens de Bond Beter Leefmilieu kost de bijdrage van de auto aan de luchtvervuiling 41 miljard frank. Het gaat om schade aan natuur, bos, landbouw en de gevolgen van de ozonconcentratie. Maatregelen om de geluidshinder te beperken, kosten zeven miljard frank. Het ruimtebeslag en de bijkomende infrastructuur voor de bereikbaarheid van de hoofdwegen, zijn goed voor 17 miljard frank. De verkeersonveiligheid kost de gemeenschap 120 miljard frank, vooral dan in de sociale zekerheid. Het fileprobleem wordt op 12 miljard frank geraamd, de verwerking van afval en de bodemsanering op zes miljard frank. Dat brengt de factuur op liefst 406 miljard, tegenover 113 miljard frank aan inkomsten uit belastingen en accijnzen. Febiac slaat de bal dus volledig mis door het protest tegen de zogenaamd hoge lasten te organiseren. Overigens is het wat verbazend dat Febiac de steun van de burgers zoekt. Tenslotte is de autolobby enorm sterk en heeft zij een voet in huis in de kabinetten van Openbare Werken en Verkeer. Daar zou Febiac haar invloed beter gebruiken ten gunste van de zwakke weggebruiker. Waarom ijvert Febiac niet met ons voor de strenge toepassing van de snelheidscontroles ? Daar kunnen wij bondgenoten zijn. Of laten we samen ijveren voor beter openbaar vervoer, zodat de files afnemen. Maar neen, over geld beginnen, en nog ongelijk hebben ook. Bij dit alles vergeet Febiac dat een groot deel van de staatschulden die wij nu afbetalen, precies ontstond door de aanleg van autowegen. Wij betalen daar nog voor terwijl, bijvoorbeeld, gemeenten de grootste moeite ondervinden om een veilig fietspad aan te laten leggen tussen twee kernen.? Opgetekend door Misjoe Verleyen en Peter Renard