In België behoort Kati Heck al een poos tot de top, maar 2020 moet het jaar van de internationale doorbraak worden voor de Duitse schilderes die al jaren in de Kempen woont. In het...

In België behoort Kati Heck al een poos tot de top, maar 2020 moet het jaar van de internationale doorbraak worden voor de Duitse schilderes die al jaren in de Kempen woont. In het najaar zijn er presentaties in Londen en New York, maar Heck begint haar 'wereldtournee' met een eerste solo in Nederland, in het Kunstmuseum Den Haag. De expo heet Hauruck d'Orange, brengt recente werken samen en plaatst ze in een enscenering die uitnodigt om 'niet alleen de ogen te gebruiken, maar ook het lichaam, de herinnering en het onderbewustzijn'. Heck mixt media en beeldtalen door elkaar en knipoogt naar de kunstgeschiedenis, folklore, popcultuur en haar eigen leven. Dat resulteert in speelse, virtuoze werken, ergens tussen Martin Kippenberger en Alice Neel in. Mocht u niet in Den Haag raken, check dan ten minste het fraaie boek over haar oeuvre, uitgegeven bij Kannibaal.