Ze was zonder twijfel de leukste verschijning in de campagne. Christiane Taubira van de Parti Radical de Gauche kwam helemaal uit Frans-Guyana in Zuid-Amerika om aan de verkiezingen voor een nieuwe Franse president deel te nemen. Omdat ze de eerste gekleurde politica uit een overzees gebiedsdeel in die rol was, kreeg ze aanvankelijk de nodige aandacht van de media. Haar partij hoort onder de grote koepel van links thuis ? het is een stukje van la gauche plurielle. De presidentsverkiezingen waren voor haar en voor de Parti Radical de Gauche een kans om mee te praten in debatten op televisie, en om zelf zendtijd te krijgen op kosten van de Franse staat en de belastingbetaler.
...

Ze was zonder twijfel de leukste verschijning in de campagne. Christiane Taubira van de Parti Radical de Gauche kwam helemaal uit Frans-Guyana in Zuid-Amerika om aan de verkiezingen voor een nieuwe Franse president deel te nemen. Omdat ze de eerste gekleurde politica uit een overzees gebiedsdeel in die rol was, kreeg ze aanvankelijk de nodige aandacht van de media. Haar partij hoort onder de grote koepel van links thuis ? het is een stukje van la gauche plurielle. De presidentsverkiezingen waren voor haar en voor de Parti Radical de Gauche een kans om mee te praten in debatten op televisie, en om zelf zendtijd te krijgen op kosten van de Franse staat en de belastingbetaler. Taubira bekoorde goed twee procent van de kiezers. Ze had wellicht op nauwelijks meer gerekend. Daarvan zou verder ook niemand wakker liggen, ware het niet dat de gedoodverfde kandidaat van links net een procentje te kort kwam. Uittredend eerste minister Lionel Jospin van de Parti Socialiste werd door Jean-Marie Le Pen van het extreem-rechtse Front National uit de tweede en beslissende ronde gehouden, die op 5 mei over het presidentschap beslist. Om er de moed in te houden, rekenden optimisten ter linkerzijde zondagavond al voor dat alle linkse kandidaten samen met 44 procent dezelfde score behaalden als bij de succesvolle parlementsverkiezingen van 1997. Ze deden zichzelf alleen de das om door zo verspreid aan de start te komen. De kandidate uit Frans-Guyana wordt daarvoor nu in Parijs met de vinger gewezen. Net als Jean-Pierre Chevènement natuurlijk, de voormalige socialistische minister die zo nodig zelf wou opkomen met zijn eigen, nieuwe politieke beweging. De nederlaag van Jospin klonk zondagavond in de politieke hoofdkwartieren in Parijs als een donderslag bij heldere hemel ? en dat zeker niet alleen bij de Parti Socialiste. Als ze de recente ontwikkelingen in de buurlanden een beetje hadden gevolgd, waren de Fransen wellicht beter voorbereid op de klap. De onverwacht hoge score van het Front National bevestigt de vaststelling dat de Europese kiezer de voorbije maanden een ruk naar rechts heeft gemaakt. Portugal verkoos eerder dit jaar een rechts parlement. Gezien het resultaat van Pim Fortuyn bij de gemeenteraadsverkiezingen in Rotterdam, kijkt Nederland bezorgd uit naar de parlementsverkiezingen die midden mei worden gehouden. Ook bij de verkiezingen in de Duitse deelstaat Saksen-Anhalt kreeg de sociaal-democratie een optater van belang. Kanselier Gerhard Schröder is er ineens helemaal niet meer zo zeker van dat zijn coalitie in september de bondsdagverkiezingen zal overleven. Het neemt niet weg dat Jospin een beroerde campagne heeft gevoerd. Hij had allereerst kunnen proberen om links veel meer achter zijn kandidatuur te verzamelen. Hij blunderde ook in het verbale duel met Jacques Chirac, wat hem de hele campagne is blijven achtervolgen. Zo noemde hij de 69-jarige president in een onbewaakt moment te oud voor een nieuw mandaat. Zelf is Jospin toch ook 64 jaar, terwijl hij werd geklopt door de 73-jarige Le Pen. Toen in de peilingen bleek dat de trotskiste Arlette Laguiller de communistische partij compleet overvleugelde, zag Jospin zich genoodzaakt om in zijn discours snel een meer ouvrieristische toon aan te slaan. Het kwam de coherentie van zijn boodschap niet ten goede. Maar wellicht onderschatte de Parti Socialiste toch vooral de invloed die de toegenomen onveiligheid in Frankrijk op de campagne zou hebben. Lionel Jospin toonde zich de voorbije jaren een uitstekend eerste minister, op sociaal-economisch vlak reed hij een bijna perfect parcours. Hij geniet bovendien ook persoonlijk een onbesproken reputatie. Maar hij slaagde er niet in om de misdaadcijfers onder controle te brengen. In een interview met de krant De Morgen wist burgemeester Frank Beke van Gent vorige maandag waarom onveiligheid nochtans ook de linkerzijde niet onberoerd mag laten. Het heeft, zei hij, te maken met leefbaarheid. De betrokkenheid van mensen die het niet breed hebben bij wat er om hen heen gebeurt. De Parti Socialiste kon de indruk wekken dat ze de volkswijken tijdens de voorbije campagne helemaal overliet aan de demagogie van zowel extreem-rechts als extreem-links. Het mag niet verbazen dat het profiel van de kiezers van Jean-Marie Le Pen opvallend sterke gelijkenissen vertoont met dat van de kiezers van Pim Fortuyn in Rotterdam: veel jonge mensen, mensen die in volkswijken wonen of in de oude industriële bekkens. Mensen die de toegenomen kloof in de samenleving scherp aanvoelen. Een sociale kloof, maar ook een kenniskloof: het verhaal van veel politici is als het ware niet in hun taal gesteld. De centrum-linkse regering kon de voorbije jaren niet de indruk wekken dat ze aan hun kant stond ? een fout die de sociaal-democratie op wel meer plaatsen maakt. Een aspect van dat probleem dat nog weinig wordt benadrukt, is de invloed van de Europese besluitvorming op de nationale politiek. Nationale politici worden geconfronteerd met beslissingen waarop ze zelf nog nauwelijks vat hebben. Denk aan de manier waarop migranten het land binnenkomen of aan de grenzen moeten worden opgevangen. Wie moet daarvoor om verantwoording worden gevraagd? Europa is een onbekend, bureaucratisch monster waar alleen nog gestudeerde mensen mee overweg kunnen. Het resultaat is in ieder geval dat de slechtste president uit de geschiedenis van de Vijfde Republiek zijn tweede mandaat zo ongeveer in de schoot geworpen krijgt. Toch zou Jacques Chirac er onverstandig aan doen op zijn lauweren te rusten. Zijn probleem is nu dat hij over tien dagen, in de tweede ronde, eigenlijk alleen nog maar kan verliezen. Als Jean-Marie Le Pen, laten we zeggen, dertig procent van de stemmen behaalt, is dat zonder meer een regelrechte vernedering voor de president. En die kans is niet onbestaande: van veel communistische of trotskistische kiezers mag worden verwacht dat ze straks uit balsturigheid voor Le Pen kiezen ? liever dan voor Chirac, de traditionele aartsrivaal van links. De keuze die de Franse kiezer heeft gemaakt, oogt niet fraai. Het gaat nu tussen een onbehouwen rechtse extremist en een man die deze week nog door het Amerikaanse weekblad Newsweek een schoolvoorbeeld werd genoemd van de corrupte machtspoliticus. De linkerzijde mag proberen om, straks in juni, bij de parlementsverkiezingen de schade te beperken. Parijs stond ooit in brand voor politiek van een ander niveau. Hubert van Humbeeck Jacques Chirac kan de tweede ronde alleen nog maar verliezen.