In musicals gebeurt het. Dat mensen op een regenachtige ochtend, samen op een tram, tot spontane zelfontbranding komen. Dat ze beginnen te zingen. En dat dan buiten de wereld kleur krijgt. En als de deuren opengaan, springt de vonk over op de straat en de stad. Zo wordt het daarbuiten 'één grote zangkring'. Minister van Cultuur Bert Anciaux deelt straks 40.000 boeken uit, 40.000 keer Vuur van Bart Koubaa. Hij wil van Vlaanderen 'één grote leeskring' maken. Wie het boek leest, overigens een aardig boek dat vorig j...

In musicals gebeurt het. Dat mensen op een regenachtige ochtend, samen op een tram, tot spontane zelfontbranding komen. Dat ze beginnen te zingen. En dat dan buiten de wereld kleur krijgt. En als de deuren opengaan, springt de vonk over op de straat en de stad. Zo wordt het daarbuiten 'één grote zangkring'. Minister van Cultuur Bert Anciaux deelt straks 40.000 boeken uit, 40.000 keer Vuur van Bart Koubaa. Hij wil van Vlaanderen 'één grote leeskring' maken. Wie het boek leest, overigens een aardig boek dat vorig jaar de Debuutprijs won, krijgt een badge. 'Zodat op allerhande publieke plaatsen een debat over het boek kan ontstaan.' Dat zou goed moeten zijn, voor de letteren. En o ja, tevens tegen de verzuring. Het is goed voor uitgeverij Querido, dat zeker. Het is goed voor Koubaa, en hem van harte gegund. En voor het bedrijf dat die 40.000 badges mag maken. Maar verder niets. Anciaux kon het geld net zo goed in vuurwerk stoppen. Boem, Ooo, fwiet, en weg. Het ideetje staat haaks op wat het zegt te willen bereiken: leesbevordering. Het staat zelfs haaks op wat literatuur is. De kracht van de letteren heet openheid. Ze streelt, troost, prikkelt en versiert omdat ze vragen stelt, toont dat antwoorden nooit sluitend zijn, geen enkel boek ooit af. Dat is, zo men wil, de unique selling proposition van literatuur. Het ontsluit mensenlevens. Men leze het verhaal aller verhalen, Haroun and the Sea of Stories van Salman Rushdie. Wie de liefde voor de letteren wil bevorderen, moet die ingang nemen. Je moet mensen naar de bron van de verhalenzee gidsen. Eén boek uitdelen, hoe goed ook, is een gesloten formule. Het blijft dan bij dat ene plasje. Er zijn zoveel Vlamingen die op school Wierook en tranen van Ward Ruyslinck hebben gelezen, en het zelfs zeer goed hebben gevonden, en daarna niets meer. Zo zijn er helaas ook veel leerkrachten Nederlands die als vleesgeworden anti-polen van wat literatuur is, verondersteld worden om mensen de leesliefde bij te brengen. Met 400.000 euro kun je veel creatievere wegen bewandelen naar het doel dat Anciaux voor ogen heeft. Je kunt aan scouting doen, schrijvers en leerkrachten opsporen die vanuit de literatuur zelf bewijzen dat ze de vonk kunnen overbrengen, mensen doen lezen en leven in teksten, zoals Herman de Coninck dat met poëzie kon. Je zou kranten en weekbladen kunnen steunen om actief te scouten naar talent, zodat ze niet altijd hoeven terug te vallen op oude en nieuwe gevestigde namen. Je kunt desnoods 40.000 Poëziekranten uitdelen, waarin Gerrit Komrij vertelt zoals De Coninck schreef, en Dirk Van Bastelaere het tegendeel mag komen vertellen. Je kunt zoveel. Als je de letteren in je hebt. Filip Rogiers