We maken de grootste crisis op de financiële markten mee sinds 1930. Voor aandelenbeleggers is dit al de derde grote crisis in amper acht jaar tijd. Beursliefhebbers zijn er al een beetje aan gewend hun rendementen op en neer te zien gaan. Wat ze niet gewend zijn, is banken te zien vallen als dominostenen. Tot deze zomer beschouwde de meerderheid van de beleggers bankaandelen als (veilige) 'goedehuisvaderaandelen'. Bankaandelen gaven immers regelmatig een fraai en stijgend dividend. Na het faillissement van het Amerikaanse Lehman Brothers en de nationalisatie van Dexia, Fortis en andere zijn honderdduizenden beleggers een droom armer.
...

We maken de grootste crisis op de financiële markten mee sinds 1930. Voor aandelenbeleggers is dit al de derde grote crisis in amper acht jaar tijd. Beursliefhebbers zijn er al een beetje aan gewend hun rendementen op en neer te zien gaan. Wat ze niet gewend zijn, is banken te zien vallen als dominostenen. Tot deze zomer beschouwde de meerderheid van de beleggers bankaandelen als (veilige) 'goedehuisvaderaandelen'. Bankaandelen gaven immers regelmatig een fraai en stijgend dividend. Na het faillissement van het Amerikaanse Lehman Brothers en de nationalisatie van Dexia, Fortis en andere zijn honderdduizenden beleggers een droom armer. Tot voor kort had de publieke opinie niet al te veel medelijden met beursbeleggers. Als je je op de aandelenmarkt waagde, kon je veel verdienen, maar aangezien je meer dan beleggers in obligaties en spaarrekeningen risico's nam, moest je bij tegenslag ook niet zeuren. Maar de huidige crisis is in omvang zoveel groter dan de voorgaande. In september kampten de banken plots met een liquiditeitscrisis omdat talrijke spaarders hun geld afhaalden. Plots leken zelfs de gewone spaarboekjes niet meer veilig, vooral na problemen met de IJslandse Kaupthing Bank. Ook de obligatiebeleggers beleven barre tijden en zien vaak dat hun belegging vandaag onder pari noteert (minder dan 100 %). Wie in Lehman Brothers belegd had, zag zijn investering zelfs tot 0 dalen. Het wantrouwen dat vandaag bestaat tegenover de meeste beleggingsproducten, is groot. Veiligheid wordt de belangrijkste vereiste de komende jaren. Het beleggersvertrouwen zal pas herstellen als een ondubbelzinnige transparantie van alle beleggingsproducten (aandelen, obligaties, fondsen, spaarrekeningen) ingevoerd wordt. Wat de belegger nodig heeft, is transparantie, duidelijkheid over het aandeel waarin hij belegt, over de risico's die hij aankan en over de soort belegging die het best bij zijn profiel past. Aandelen zullen altijd behoren tot de meer risicovolle beleggingen. Nochtans zijn aandelenbeleggingen relatief transparant. Het enige waarmee u rekening dient te houden, is of u de risico's die eraan verbonden zijn wel aankunt. Het rendement staat niet vast en kan erg fluctueren. Wie met die volatiliteit niet kan leven, blijft beter weg van aandelen. Ook het tijdstip waarop u aandelen koopt, is belangrijk. Een jong kaderlid dat al onroerend goed bezit en goed zijn boterham verdient, kan meer risico's aan dan jongeren zonder vast inkomen die nog een huis moeten kopen of bouwen. Hetzelfde geldt voor gepensioneerden die alleen over een wettelijk pensioenfonds en wat spaarcenten beschikken. Zij mogen niet voluit gaan in aandelen, maar bekijken het best vastrentende mogelijkheden. Aandelenmarkten zijn na de correctie van de afgelopen maanden interessant. Ze hebben immers een vooruitlopend karakter. De economische situatie is ernstig, maar aan doemdenken doen we niet mee. We leven in een wereld met twee snelheden, met enerzijds de VS en Europa die met recessies kampen, en anderzijds met Azië en China die de wereldeconomie vooruittrekken. De Chinezen hebben een spaarquote van 30 % en hebben de afgelopen jaren 40 % van de Amerikaanse schuld gefinancierd. China heeft dus voldoende slagkracht om de binnenlandse economie te ondersteunen. We zagen overigens onlangs dat China meer dan 500 miljard dollar zal investeren in infrastructuurwerken. De aandelenmarkten houden alvast rekening met heel sombere scenario's. Nu moeten we geen aandelen meer verkopen. Integendeel zelfs. Wie zich bewust is van de risico's en een beleggershorizon heeft van minstens vijf jaar, mag stilaan zijn cash aanspreken en opnieuw in de markten stappen. Vermijd daarbij wel beleggingen in aandelen van banken en bedrijven met een hoge schuldenlast (vooral kortetermijnschulden). Profiteer van overdreven correcties op de oliemarkten om aandelen te kopen van bedrijven die zich bezighouden met (alternatieve) energie. Total, Royal Dutch en ook het Braziliaanse Petrobras zijn aan de huidige koersen heel aantrekkelijk gewaardeerd. Ook grondstoffen (zie verder) en landbouwgrondstoffen zijn interessant. Koop aandelen van bedrijven die profiteren van de binnenlandse consumptie in de groeilanden, meer bepaald in China. Maak het niet moeilijk en blijf dicht bij huis. Aandelen zoals die van Bekaert (marktleider van staalkoord in China) en van Lafarge (wereldleider in cement) zullen profiteren van de infrastructuurwerken in China. Ook scheepvaartspecialisten zoals CMB (vervoer van droge bulk zoals granen, steenkool, ijzererts) zullen hun voordeel doen met de comeback in China. De vrachttarieven van droge bulk zijn gecrasht met meer dan 90 %, maar de markt houdt er geen rekening mee dat CMB zich voor de komende vijf jaar grotendeels ingedekt heeft met veel hogere tarieven. Ook aandelen die gelinkt zijn aan de opkomende vergrijzing vinden we een interessante belegging voor de komende jaren. Aan te raden zijn beleggingen in uitbaters van rusthuizen (Aedifica), specialisten in medische en dentale apparatuur (Arseus) en farma- (Pfizer) of biotechbedrijven (Thrombogenics). Bovendien zijn al deze bedrijven defensief. Ze hebben geen financieringsproblemen, geen schulden en ze betalen, op Thrombogenics na, riante dividenden uit (tussen 5 % en 8 % bruto). (Zie tabel hiernaast.) Liefhebbers van beleggingsfondsen hebben evenmin redenen om te feesten. Beleggingsfondsen zijn gecreëerd om een zo gediversifieerd mogelijke portefeuille te hebben met een zo klein mogelijke investering, of voor beginnende beleggers met een niet al te groot startkapitaal. Ook voor spaarders die weinig inzicht hebben in de financiële markten kunnen beleggingsfondsen soelaas bieden. Zij die dat inzicht wel hebben, kunnen evengoed hun portefeuille diversifiëren door een tracker te kopen Een tracker volgt een index (AEX, Bel-20), een sector (farma, banken, nutsbedrijven), een regio (BRIC-landen,) of een land (China, India). Gediversifieerd beleggen kan na de correctie van de jongste maanden ook via beursgenoteerde holdings (zoals GBL, NPM, GIMV, Sofina, Henex). Zij zitten via de aandelen van verschillende bedrijven sowieso in meerdere sectoren. Ten slotte zijn er de fondsen met kapitaalgarantie. Voor deze kapitaalgarantie betaalt u echter een prijs. U krijgt wel uw inleg terug, maar de rendementen zijn vaak ondermaats. Bovendien houdt de kapitaalgarantie geen rekening met de inflatie. U kunt trouwens uw eigen fonds met kapitaalgarantie maken. Stel dat u over 100.000 euro beschikt om te beleggen. Daarmee koopt u vandaag een staatsobligatie ter waarde van 80.000 euro, voor een periode van vijf tot zes jaar, met een rente tussen 4 % en 4,5 %. Na de correctie van de afgelopen maanden koopt u met de overige 20.000 euro een aantal aandelen. De kans is groot dat deze aandelen na vijf tot zes jaar hoger zullen noteren dan vandaag. Bovendien ontvangt u van deze aandelen ook dividenden. De dividenden die u van de obligaties zult ontvangen, bedragen na een periode van vijf of zes jaar 20.000 euro. Bovendien zet u de dividenden die u jaarlijks ontvangt op een spaarrekening, die ook rente opbrengt. Na vijf jaar loopt uw obligatie af en krijgt u de 80.000 euro terug. Van dat bedrag bent u zeker, en u hebt minstens 20.000 euro rente van uw obligaties en een portefeuille aandelen die meer dan waarschijnlijk hoger zal noteren dan vandaag. De omvang en vooral de snelheid van de prijscorrectie bij de industriële metalen waren nooit eerder gezien. Toch zijn er op langere termijn heel wat lichtpuntjes. Zo zullen de aangekondigde productieverlagingen ongetwijfeld tot een vermindering van de voorraden leiden. Als de vraag opnieuw stijgt, kan het herstel spectaculair zijn. Tegelijkertijd is de grondstofintensieve industrialisatie in de opkomende landen (vooral die in Azië) allerminst stilgevallen. Als we over grondstoffen spreken, moeten we het ook hebben over landbouwgrondstoffen. De vraag naar landbouwproducten is niet of nauwelijks recessiegevoelig. Dat bleek duidelijk uit vorige recessies en het is ook logisch: we blijven eten. Daarnaast is er steeds minder landbouwareaal. Het schrijnendst is de situatie in China, waar het aandeel van beschikbare landbouwgrond achteruitgegaan is van 9 % naar 7 %, terwijl in het land 20 % van de wereldbevolking woont. De economische en vooral de kredietcrisis dreigt die situatie alleen maar te verergeren. Om van dat potentieel van grondstoffen te profiteren, moeten geen grote risico's genomen worden. Na de zware correctie van de afgelopen weken is het aandeel BHP Billiton, de grootste mijnbouwer ter wereld, spotgoedkoop. Voor de landbouwsector denken we onmiddellijk aan aandelen in meststoffen (noodzakelijk om de productie te verhogen). Na de correctie is de Canadese meststofspecialist Potash heel aantrekkelijk gewaardeerd (zes keer de winsten voor 2009). Goud verdient hier ook een plaats. Nogal wat beleggers zijn teleurgesteld in de evolutie van het edelmetaal. Tegenover zijn hoogtepunt (1000 dollar per ons) noteert het goud 30 % lager. Toch moeten we dat nuanceren. De daling is in dollar en niet in euro. En hefboomfondsen moesten hun posities noodgedwongen afsluiten, wat uiteraard de goudprijs beïnvloedde. Een goed gediversifieerde portefeuille mag uit fysiek goud bestaan (5 % tot 10 % van de portefeuille). Ook een goudtracker (te koop op de beurs van Parijs met als ticker GBS) is vandaag koopwaardig. Tot voor kort waren obligaties als veilige havens. De huidige crisis maakte daaraan abrupt een einde. Obligatiehouders van Lehman Brothers en Washington Mutual zijn hun inzet zogoed als kwijt. Maar ook de beleggers in eeuwigdurende obligaties van Fortis en ING blijven achter met gevoelige, latente verliezen. We verwachten dat de internationale kredietbeoordelaars (S&P, Moody's, Fitch) nogal wat ratingverlagingen zullen doorvoeren (obligaties krijgen een rating van AAA naar C, hoe dichter bij AAA hoe kredietwaardiger een bedrijf is). Dat maakt het voor een particuliere belegger uiterst moeilijk om de juiste obligatie te vinden. Om problemen te voorkomen, raden we u aan om enkele staatsobligaties in euro te kopen. Laat u niet te veel verleiden door de hoge rendementen van een aantal obligaties. Hoe hoger het rendement, hoe groter de risico's. In vergelijking met de VS hield het vastgoed in België relatief goed stand. Hoewel er ook bij ons in bepaalde regio's sprake is van een lichte druk op de prijzen. We zien dat verkopers er langer over doen om een nieuwe eigenaar te vinden. Het is te vroeg om te zeggen dat er gouden zaken te doen zijn. Het consumentenvertrouwen is erg laag en potentiële kopers zullen voorzichtiger zijn bij de aankoop van een nieuwe eigendom. Het is best mogelijk dat de potentiële kopers een jaartje langer zullen sparen om minder te moeten lenen. De komende maanden zullen de banken ook niet zomaar elke hypothecaire kredietverstrekking aanvaarden zonder keiharde waarborgen. Ten slotte sluiten we niet uit dat de langetermijnrente de komende maanden zal zakken, zodat potentiële leners nog even de kat uit de boom zullen kijken. Vastgoed kopen als belegging raden we de eerstvolgende maanden af. De opbrengst ervan zou wel eens schamel kunnen zijn. Maar wie toch absoluut zijn vermogen wil diversifiëren met vastgoed, kan dit via vastgoedbevaks. Een bevak is een beleggingsvorm die bestaat uit een gespreide portefeuille vastgoed en die aan een aantal regels onderworpen is: bijvoorbeeld de verplichting om jaarlijks 80 % van de winsten uit te keren. Bevaks die voor 60 % uit residentieel vastgoed bestaan, worden vrijgesteld van roerende voorheffing. Vastgoedbevaks hebben bovendien een fiscaal voordeel. Het zijn aandelen en ze vallen in het kader van successieplanning onder de roerende goederen (gemakkelijker bij schenking). Interessant aan de residentiële vastgoedbevaks is dat ze in deze barre beurstijden aantrekkelijk gewaardeerd zijn. Aedifica (50 % rusthuizen en de rest residentieel vastgoed) noteert met een discount (korting) van 30 % tegenover zijn intrinsieke waarde. Als u vandaag een aandeel Aedifica koopt, krijgt u een korting van 30 % op de waarde van de gebouwen. U krijgt daarbovenop nog een dividend van 5 % netto. Hetzelfde geldt voor de tweede Belgische vastgoedbevak Home Invest. De bevak noteert met een korting van 22 % en het dividend bedraagt meer dan 5 %. Kasbons geven u een vaste opbrengst en de zekerheid dat u het ingelegde kapitaal op de eindvervaldag terug zult krijgen. Er zijn kasbons met looptijden van één tot zeven jaar, en zelfs met tien jaar. Niet alle banken bieden alle looptijden aan. De opbrengsten zijn afhankelijk van de looptijd. Er zijn kasbons waarvan de rente jaarlijks wordt uitgekeerd, maar ook kasbons waarvan de rente jaarlijks aangroeit tot kapitaal en op de eindvervaldag samen met het kapitaal wordt uitbetaald. Marktleider Dexia gaf op 18 november 4,50 % op een kasbon met een looptijd van één jaar, 4,20 % op drie jaar en 4,10 % op vijf jaar. Let wel, dit zijn bruto-interesten, waarop altijd 15 % roerende voorheffing wordt ingehouden. Kasbons zijn wat men noemt 'titels aan toonder'. Sinds eind vorig jaar is het onmogelijk nog fysieke kasbons aan te kopen. Als u ze vandaag koopt, worden ze op een effectenrekening bij de bank gezet. Kasbons die u kocht vóór 1 januari 2008 en fysiek bij u thuis of in een kluis bewaart, moeten ten laatste tegen 31 december 2013 op een effectenrekening staan. Als ze ingeschreven staan op een effectenrekening, kunt u ze overdragen (bijvoorbeeld aan uw kinderen) via een zogenaamde bankgift zonder betaling van schenkingsrechten. Blijft u, als schenker, nog minstens drie jaar leven na de bankgift, dan moet degene die ze kreeg er ook geen successierechten op betalen. Wat gebeurt er als de bank waar de kasbons op een effectenrekening zijn ingeschreven failliet gaat? Dan kunt u tot maximaal 100.000 euro vergoed worden. Het is het Beschermingsfonds voor deposito's en financiële instrumenten dat daarvoor instaat, een overheidsinstelling die wordt gefinancierd door de bijdragen van de aangesloten banken. Let op met de fysieke kasbons die u nog thuis of in een kluis bewaart: zij zijn niet beschermd als de uitgevende bank failliet zou gaan. Ook daarom wacht u beter niet tot eind 2013 om ze op een effectenrekening bij de bank te zetten. Onder pensioensparen verstaan we het wettelijk stelsel waarbij de premies tot een bepaald maximum (830 euro voor het inkomstenjaar 2008) in aanmerking komen voor een belastingvermindering van 30 % à 40 % (plus uitgespaarde gemeentebelasting). Concreet betekent dit een onmiddellijk rendement: een belastingbesparing van minimaal 30 %. Pensioensparen moet u beschouwen als een belegging op lange termijn (minstens tot 60 jaar). En toch heeft ook deze vorm van sparen te lijden onder de huidige financiële crisis, zeker als u gekozen hebt voor een pensioenspaarfonds. Deze fondsen beleggen immers gedeeltelijk in aandelen. Sinds het begin van dit jaar verliezen de pensioenspaarfondsen gemiddeld meer dan 20 % aan marktwaarde. Laat u er niet door ontmoedigen. Door de huidige koersen van deze fondsen kunt u immers tegen lage 'prijzen' kopen en zo volop genieten van een later beursherstel. Er is geen enkele reden om het pensioensparen stop te zetten of om er, godbetert, vervroegd uit te stappen. Zo riskeert u immers niet alleen een verlies op uw belegging maar ook een fiscale afstraffing in de vorm van 33 % belasting op het opgevraagde kapitaal. Als u aan pensioensparen doet via een verzekeringsformule (de zogenaamde pensioenspaarverzekering), dan bent u zeker van een vast rendement van ongeveer 3,25 % per jaar. Daar kan een deelname in de winst bijkomen, maar dat hangt ervan af hoe de beleggingen renderen die de verzekeraar doet met de premies van de klanten. Dit jaar ziet het ernaar uit dat uw opbrengst beperkt zal blijven tot het vaste rendement van om en bij 3,25 %. Hoe veilig is pensioensparen? De door u gespaarde gelden in een pensioenspaarfonds of een -verzekering komen nooit terecht in de boedel van de activa als de bank of de verzekeraar failliet zou gaan. U bent een bevoorrechte schuldeiser en kunt uw spaartegoeden terugvorderen. (Zie tabel hierboven.) Het geld op een spaarboekje is altijd beschikbaar. De interesten van een spaarboekje zijn vrijgesteld tot een bedrag van 1660 euro per spaarder (bedrag geldig voor inkomstenjaar 2008). Bovendien is de vergoeding op een spaarboekje momenteel eerder hoog. Bij sommige banken kunt u immers een basisrente van 4,25 % per jaar krijgen, het wettelijke maximum. Als banken een basisrente geven die hoger is dan 4,25 %, dan moet er 15 % roerende voorheffing op de interesten worden betaald. Bovenop de basisrente worden nog aangroei- of getrouwheidspremies toegekend. De eerste premie geldt voor nieuwe stortingen die minstens zes maanden op de rekening blijven staan. De getrouwheidspremie is er voor stortingen die twaalf opeenvolgende maanden op het boekje blijven staan. De twee premies kunnen niet bij elkaar opgeteld worden. De rente op spaarboekjes staat echter onder druk. KBC is de eerste (groot)bank die de basisrente verlaagd heeft tot 3 %, als gevolg van de renteverlaging door de Europese Centrale Bank. Allicht zullen de andere banken het voorbeeld van KBC volgen. Bovendien koppelen banken soms voorwaarden aan hun spaarboekjes: zo moet er wel eens een minimumbedrag worden gestort of wordt de (hoge) rente alleen toegekend aan nieuwe spaarders. Houd er eveneens rekening mee dat de rente op een spaarboekje in principe niet gewaarborgd is. De bank kan de rente op elk moment aanpassen. Bovendien proberen sommige banken nieuwe spaarders aan te trekken met tijdelijke promoties. Vraag de bank altijd eerst wat de voorwaarden zijn. Spaarboekjes zijn tot 100.000 euro beschermd als de bank failliet gaat. Het best gaat u op voorhand na onder welk beschermingsstelsel uw bank valt en beperkt u uw belegging tot het bedrag dat beschermd is. Klanten van Kaupthing Bank hebben op een pijnlijke manier moeten vaststellen dat voor hen het Luxemburgse garantiestelsel van toepassing is. Voor meer informatie kunt u terecht op www.beschermingsfonds.be. Onder de rubriek 'deelnemers' vindt u een lijst van de financiële instellingen die onder de Belgische bescherming vallen. Op de site www.spaargids.be staat een overzicht van de spaarrentes van de belangrijkste Belgische banken. Een termijnrekening is een rekening op naam waarop u geld voor een bepaalde termijn (van één maand tot tien jaar) kunt plaatsen. De rentevoet en de looptijd liggen vast van bij het begin. In tegenstelling tot een spaarboekje kan de rente op een termijnrekening niet worden aangepast tijdens de looptijd van de belegging. Op de vervaldag recupereert u altijd uw ingelegd kapitaal. En op de interesten van een termijnrekening betaalt u altijd 15 % roerende voorheffing. Een ander nadeel van een termijnrekening is dat uw geld in principe vast staat voor de termijn die u in het begin hebt afgesproken. De interesten op een termijnrekening worden regelmatig aangepast door de banken en volgen nauwgezet de rente op de (internationale) geldmarkten. Soms wordt ook een minimuminleg gevraagd (bijvoorbeeld 2500 euro). Momenteel zijn er banken die een brutorente van 5 % op een termijnrekening van één jaar geven. Na aftrek van de 15 % roerende voorheffing is dit 4,25 % netto per jaar, wat overeenkomt met de maximale basisrente van 4,25 % op een spaarboekje. Aangezien een spaarboekje daarbovenop nog een aangroei- of getrouwheidspremie geeft, komt u netto op een hogere rente uit dan bij een termijnrekening. Daarom moet een termijnrekening eerder gezien worden als een uitweg voor iemand die veel te beleggen heeft en op die manier een hogere rente opbouwt dan 1660 euro per jaar. Dat 'surplus' aan kapitaal kan hij dan overzetten naar een termijnrekening. Specialisten raden aan op dit moment geen termijnrekeningen te kiezen die langer dan één jaar lopen. Zij verwachten immers dat de langetermijnrente zal stijgen. Wie zijn geld nu voor langer dan één jaar op een termijnrekening zet, loopt het risico daarvan niet te kunnen profiteren. Het geld dat u op een termijnrekening zet, is beschermd tot 100.000 euro als de bank failliet zou gaan. Net zoals bij de spaarboekjes verifieert u het best eerst onder welk garantiestelsel de bank valt. Rabobank.be bijvoorbeeld valt onder de Nederlandse bescherming. Tak 21- en Tak 23-producten zijn zogenaamde beleggingsverzekeringen. U sluit telkens een verzekering af waarvan de premies worden belegd. Het verschil tussen een Tak 21 en een Tak 23 is groot. Bij een Tak 21 hebt u een kapitaalgarantie en in principe ook een vaste opbrengst van +/- 3,25 % per jaar. Een winstdeelname daarbovenop is mogelijk, maar die zal voor 2008 beperkt tot zelfs onbestaande zijn. Bekende voorbeelden zijn de First-rekening van Ethias en de Crest-rekening van Axa, maar elke verzekeraar biedt een dergelijk product aan. Er zijn ook Tak 21-verzekeringen met alleen een kapitaalgarantie, dus geen gewaarborgd rendement. De opbrengst bestaat dan alleen uit een winstdeelname die hoger is dan bij een Tak 21 met gewaarborgd rendement. Bij een Tak 23 daarentegen hebt u in het beste geval een kapitaalgarantie. De betaalde premies worden immers belegd in fondsen. U weet dus niet vooraf hoeveel het u op het einde zal opleveren. Het nadeel van deze beleggingsverzekeringen is dat er meestal instapkosten moeten worden betaald. Er is ook een fiscaal verschil tussen beide producten. Bij een Tak 23 betaalt u nooit roerende voorheffing op de inkomsten. De opbrengsten van een Tak 21 zijn vrijgesteld van roerende voorheffing op voorwaarde dat u de belegging acht jaar en één dag aanhoudt. Beleggingsverzekeringen vallen niet onder de bescherming van 100.000 euro, als de verzekeraar of de uitgever van de Tak 23 failliet gaat. Alleen Tak 21-producten kunnen onder deze bescherming vallen als de verzekeraar expliciet toetreedt tot het beschermingsfonds. De Commissie voor het Bank- en Assurantiewezen (CBFA) waakt echter over de financiële gezondheid van de verzekeraars. Bovendien blijft u bij een faillissement van de verzekeraar eigenaar van de zogenaamde technische reserves die de verzekeraar moet aanleggen voor uw Tak 21 of Tak 23. Ga wel altijd na wie de garantie geeft voor een Tak 23-product. Zo raakten mensen hun geld kwijt omdat de bijna failliet gegane Amerikaanse bank Lehman Brothers achter hun beleggingen zat. In 2009 moet u rekening houden met de verdere afschaffing van de effecten aan toonder (zoals kasbons, obligaties en beleggingsfondsen). U zult eraan moeten denken om die effecten aan toonder, die u fysiek hebt gekocht voor 1 januari 2008, te deponeren op een effectenrekening bij een bank naar keuze. Daarvoor hebt u nog de tijd tot 31 december 2013, maar wacht niet tot dan. De bescherming tot 100.000 euro zal immers alleen van toepassing zijn als de effecten aan toonder zich op een rekening bij een bank bevinden. Profiteer daarbij van de promoties die banken aanbieden voor hun effectenrekeningen. Sommige banken rekenen (tijdelijk) geen kosten aan voor deze rekeningen of beperken de kosten van het bewaarloon. Het ziet er ook naar uit dat de regels voor de vergoeding van het spaarboekje gewijzigd zullen worden vanaf 1 januari 2009. Op dit ogenblik is er immers een ingewikkelde regeling van een basisrente, aangroei- en getrouwheidspremie. Iemand die om de zes maanden van bank verandert, kan meer interesten op zijn spaarboekje krijgen dan een trouwe spaarder. Binnenkort komt minister van Financiën Didier Reynders (MR) met een voorstel om de aangroei- en de getrouwheidspremie samen te smelten tot één premie naast en bovenop de basisrente. Deze premie zou minstens gelijk moeten zijn aan 25 % van de basisrente. Zo wil de minister vermijden dat spaarders te snel van bank veranderen. De minister wil eveneens dat alle banken dezelfde basisrente toepassen. Die moet aansluiten bij de rente van de Europese Centrale Bank en kan maximaal vier keer per jaar gewijzigd worden. Daarmee moet voorkomen worden dat banken in moeilijkheden raken omdat ze uitzonderlijk hoge voorwaarden op spaarboekjes geven. Na het advies van de Commissie voor het Bank- en Financiewezen moet minister Reynders hierover nog een politiek akkoord bereiken. in samenwerking met MONEYTALKDOOR ALAIN DENEEF EN JOHAN STEENACKERS