Katrien Declercq is architecte in Brussel. Haar verplaatsingen in de stad doet ze per fiets of met het openbaar vervoer. Heeft ze een auto nodig, om een werf te bezoeken of een avond te gaan stappen, dan huurt ze die via het autodeelsysteem Cambio, dat onlangs zijn tiende verjaardag vierde in Brussel en nu al bijna 10 .000 gebruikers telt in de hoofdstad. 'Je moet het allemaal goed programmeren, want het systeem is vrij strikt. Je moet de auto vooraf reserveren en op het afgesproken tijdstip naar dezelfde standplaats terugbrengen. Maar het is een prima alternatief voor wie zoals ik, met name om ecologische redenen, geen auto wil kopen. Want af en toe kun je gewoon niet zonder.' Katrien huurt zo'n vier keer per maand een auto, en betaalt tussen 80 en 120 euro, afhankelijk van het aantal rij-uren en de gereden kilometers.
...

Katrien Declercq is architecte in Brussel. Haar verplaatsingen in de stad doet ze per fiets of met het openbaar vervoer. Heeft ze een auto nodig, om een werf te bezoeken of een avond te gaan stappen, dan huurt ze die via het autodeelsysteem Cambio, dat onlangs zijn tiende verjaardag vierde in Brussel en nu al bijna 10 .000 gebruikers telt in de hoofdstad. 'Je moet het allemaal goed programmeren, want het systeem is vrij strikt. Je moet de auto vooraf reserveren en op het afgesproken tijdstip naar dezelfde standplaats terugbrengen. Maar het is een prima alternatief voor wie zoals ik, met name om ecologische redenen, geen auto wil kopen. Want af en toe kun je gewoon niet zonder.' Katrien huurt zo'n vier keer per maand een auto, en betaalt tussen 80 en 120 euro, afhankelijk van het aantal rij-uren en de gereden kilometers. Consumeren op basis van het gebruik of de prestatie, zonder het product daarom persoonlijk aan te schaffen, zit in de lift. Het idee dat producten altijd eigendom moeten worden van consumenten, is volgens milieubewuste economen niet meer van deze tijd. Het uitwisselen van diensten en producten zonder eigendomsoverdracht, is ook een onderdeel van wat de Amerikaanse econoom en adviseur van de Europese Commissie Jeremy Rifkin de Derde Industriële Revolutie noemt. De tweede industriële revolutie stoelde op gecentraliseerde elektriciteitsproductie en grootschalige industriële productieprocessen, zegt Rifkin. In de ophanden zijnde Derde Industriële Revolutie kan elk huishouden zijn eigen energie produceren. En dankzij het internet ontstaat er een horizontale economie, met tal van dynamische en kleinschalige actoren, waarin tevens het onderscheid tussen producent en consument vervaagt. Alternatieve modellen van consumptie zien daarin het licht, naast persoonlijk bezit. Het gaat om het leasen van spullen, het - gratis of tegen betaling - delen van producten en diensten, en collectieve aankopen. Autodelen is het bekendste voorbeeld van dit nieuwe bedrijfsmodel. Begonnen twintig jaar geleden in Zwitserland en Duitsland, is autodelen in veel landen in korte tijd uitgegroeid tot een bijzonder winstgevende sector. 'In Nederland met name is het autobezit spectaculair aan het afnemen', zegt Geert Noels, hoofdeconoom van Econopolis. 'Vooral bij jongeren. Ze huren een auto als ze die nodig hebben, om op vakantie te gaan bijvoorbeeld.' In de meeste grote steden bestaan er vandaag ook fietsverhuursystemen die werken volgens het principe van betalen per prestatie. In Scandinavische landen kunnen huurders van grote woonblokken tegen betaling hun was doen in supermoderne, energiezuinige wasmachines die eigendom blijven van de fabrikant, die instaat voor het onderhoud van de machines. En waarom zou je cd's blijven opstapelen als je via de digitale muziekservice Spotify tegen een kleine maandelijkse vergoeding toegang krijgt tot miljoenen nummers? Films bekijken kun je via de onlinevideoverhuurder Netflix. In Amsterdam, zo meldt De Groene Amsterdammer, is er een winkel waar je spijkerbroeken kunt leasen. In ruil voor een vaste bijdrage kun je kiezen uit een luxe-assortiment van jeans. De teruggebrachte broeken worden gerecycleerd. Ook autobanden worden tegenwoordig verhuurd per gereden kilometer. Het huren van spullen was al een vertrouwd model in de non-profitsector, denk aan bibliotheken en mediatheken, maar duikt nu op in sectoren en economische activiteiten waar het een paar jaar geleden nauwelijks bestond. Daaraan verwant zijn websites waar mensen gebruikte spullen - speelgoed, elektrische apparaten, kleren of academische cursussen - met elkaar delen, ruilen of aan elkaar doorverkopen. De bekendste marktplaats voor tweedehandsspullen is uiteraard eBay. De mondiale tweedehandsmarkt bedraagt nu al 500 miljard dollars, meldt de website www.collaborativeconsumption.com. 'Delen of sharing is zonder twijfel een van de belangrijkste trends van de komende tien jaar', zegt Tom Palmaerts, jongerentrendwatcher bij het marktonderzoekskantoor Trendwolves. 'Sinds 2008 zitten we met z'n allen op Facebook en andere sociale netwerken. Maar Facebook is veel meer dan alleen een communicatie-instrument. Mensen gaan via die netwerken informatie delen en diensten uitwisselen. Een hele generatie jongeren groeit vandaag op met het idee dat als ze iets nodig hebben, ze dat gewoon online zetten. Dus niet alleen: 'Waar is dat feestje?' maar ook: 'Ik heb niets om aan te trekken. Wie kan mij helpen?' Of: 'Mijn mengpaneel is stuk, wie heeft er eentje te leen of te huur?' Dankzij het internet kunnen mensen met dezelfde interesses elkaar immers makkelijk ontmoeten. 'Mensen gaan een stad bezoeken en vragen bij wie ze kunnen logeren. Of ze gaan op zoek naar gelijkgestemden om samen een huis te kopen, en zo hun ecologische voetafdruk te beperken en de kosten te drukken. We zien een grote verschuiving bij jongeren van ik naar wij, van individueel naar collectief. Sociale netwerken worden steeds belangrijker', aldus Tom Palmaerts. Mensen delen ook minder tastbare goederen zoals tijd, ruimte of expertise. In Nederland zijn er buurten die zelf hun kinderopvang organiseren. Volgens Palmaerts gaat het bij het delen of leasen van producten en diensten om een totaal nieuw 'businessmodel', dat bezig is bestaande structuren zoals hotels, restaurants en officiële toeristische diensten overbodig te maken. Het huren of delen van producten, liever dan ze persoonlijk aan te schaffen, biedt tal van voordelen, zeggen de aanhangers van dit model. Want waarom moet iedereen zo nodig zijn eigen grasmaaier? Grasmaaiers zijn logge apparaten die veel plaats innemen. Je kunt evengoed één grasmaaier - maar dan liefst een hypermodern exemplaar - delen met de hele straat. Een boor wordt, nog volgens de website collaborative consumption, tijdens zijn levensduur gemiddeld twaalf minuten gebruikt. Waarom zou je die boor niet gewoon huren bij de fabrikant als je ze nodig hebt? Een moderne consument wil toegang tot een goed presterend product, maar hoeft niet zo nodig zijn garage vol te stouwen met persoonlijke bezittingen die hij maar heel zelden gebruikt. Niet alleen de consumenten, ook de bedrijven varen wel bij het leasen. Grondstoffen worden immers steeds duurder en schaarser, de energiekosten rijzen de pan uit, en de afvalwetgeving wordt alsmaar strenger. Tussen bedrijven onderling is leasen of huren daarom al heel gewoon geworden. Een goed voorbeeld is het zogenaamde 'chemical leasing' in de chemische industrie. 'Stel dat een bedrijf een bepaald solvent nodig heeft','zegt Peter Tom Jones, milieu-ingenieur aan de KU Leuven en voorzitter van i-Cleantech Vlaanderen. 'Bij chemical leasing koopt dat bedrijf de agressieve chemicaliën niet, maar betaalt het alleen voor de functie of het gebruik ervan.' De producent blijft eigenaar van de chemicaliën, en heeft er dus alle belang bij om het product zo efficiënt mogelijk in te zetten. Na gebruik neemt de producent het solvent weer terug om het te reinigen en nadien opnieuw aan een andere klant te verkopen. Een bedrijfsmodel dat steunt op leasen en huren kan het ideaal van een groene kringloopeconomie - een economie met minder verspilling en afval en met maximaal hergebruik van grondstoffen - een stevige duw in de rug geven. De klimaatcrisis noopt ons ertoe het roer radicaal om te gooien. Het onbeperkt blijven boosten van de massaconsumptie voert ons immers recht naar de afgrond. De hele wegwerpeconomie van produceren, kopen, gebruiken en dan maar weer weggooien, moet eigenlijk op de schop. Maar tot dusver ontbrak het klimaatwetenschappers en groene economen aan een leefbaar macro-economisch model voor een duurzame omslag. De zogenaamde leasesamenleving lijkt hiervoor een goede kanshebber. Het gaat niet om het klassieke leasen. Zo zijn er mobieletelefooncontracten waarbij je om de twee jaar een nieuwe telefoon krijgt en de oude, nog perfect functionerende telefoon onherroepelijk in de prullenbak verdwijnt. Het gaat om een totaal nieuw soort leasen van producten die zo zijn ontworpen dat ze goed kunnen worden onderhouden, hersteld en gerecycleerd. Op dit moment zijn de meeste producten immers zogenaamde zwarte dozen: niet of nauwelijks te repareren. Een bekend voorbeeld is het moederbord, het kloppende hart van een computer. De (te goedkope) chips die daarin verwerkt zitten, kosten maar een paar eurocent bij de fabricage. Maar gaan ze kapot, dan kost het je duizenden euro's om de computer te laten herstellen. Veel mensen gooien hem daarom liever weg. Een ander bekend voorbeeld is de hometoets van de iPad of de iPhone, die vaak kapot gaat, maar lastig te vervangen is. De ecologische winst die nieuwe consumptiepatronen als leasen of delen opleveren, doet menig klimaatonderzoeker een vreugdedansje maken. 'In specifieke gevallen krijg je een daling van de milieu-impact met 75 procent', zegt milieu-ingenieur Peter Tom Jones. 'Veel meer dus dan bij het gewoon energie-efficiënter maken van apparaten. Mensen die aan autodelen doen, rijden 30 procent minder kilometers dan mensen met een eigen auto. Eén Cambio-auto zou dertien particuliere auto's vervangen.' Hoewel niet het ultieme wondermiddel, heeft de zogenaamde leasesamenleving ook aanzienlijk economisch potentieel, betogen voor- standers, op een moment dat Europa wanhopig op zoek is naar economische groei. Ook econoom Geert Noels ziet kansen voor de plaatselijke economie. 'Alles wat te maken heeft met schone technologie is arbeidsintensief. Het herstellen, onderhouden en recycleren van producten kan niet zo makkelijk aan lagelonenlanden worden uitbesteed.' Dat biedt heel wat nieuwe mogelijkheden voor lokale kmo's, laaggeschoolde jongeren en overbodig geworden fabrieksarbeiders. 'Imagine no possessions', zong John Lennon in 1971. De droom van Lennon lijkt anno 2013 een stapje dichterbij te komen, maar helemaal bewaarheid zal hij wel nooit worden. 'Een wereld zonder bezit is een illusie', zegt trendwatcher Tom Palmaerts. 'Mensen blijven nu eenmaal verzamelaars.' Consumenten willen ook gewoon het nieuwste snufje in huis halen, zegt Geert Noels. 'Mijn allereerste Nokia heb ik nog altijd. Mijn kinderen gebruiken hem nu. Hij doet het ook nog prima, wat sommigen ook mogen beweren over een geprogrammeerde levensduur. Maar heel veel mensen zouden die telefoon al lang hebben weggegooid.' Bezit zal blijven bestaan, stelt ook de Amerikaanse econoom Jeremy Rifkin, maar naast kopen en bezitten, zullen consumenten ook steeds vaker betalen voor alleen de toegang tot producten. Consumentonderzoek leert dat mensen aan persoonlijke bezittingen een soort existentiële zekerheid ontlenen. Het opstapelen van spullen geeft een gevoel van stabiliteit en persoonlijke onafhankelijkheid. Bezit wordt ook gezien als een goede investering. Eigenaars staan over het algemeen hoger op de sociale ladder dan huurders, en worden gezien als betere burgers, ouders of buren. Leasen of huren daarentegen, heeft vaak een slechte naam. Om een echte doorbraak van de leasesamenleving te bewerkstelligen, moeten we dus radicaal anders gaan aankijken tegen bezit. 'Een van de grootste barrières voor het doorbreken van consumeren op prestatiebasis, is de symbolische waarde van bezit', zegt milieu-ingenieur Peter Tom Jones. 'Een auto is immers niet alleen een gebruiksvoorwerp, maar ook een statussymbool.' Om autodelen echt op grote schaal ingang te doen vinden, moet je het daarom ook hip zien te maken. 'Autodelen moet af van zijn geitenwollensokkenimago', zegt trendwatcher Tom Palmaerts. 'Het moet cool worden, iets waarmee je kunt uitpakken. Nu zijn veel autodeelsystemen nog te bureaucratisch. Ze bieden niet de vrijheid en de instant gratification van een eigen auto. Als autodelen alleen een keuze blijft van de ecologisch bewuste burger of de jongere die tijdelijk in geldnood zit, dan geloof ik er niet in.' In de Antwerpse wijk Zurenborg loopt sinds half juni het pilootproject Bolides (http://bolides.be), een samenwerkingsverband met autofabrikant Audi. Bolides wil een flexibel autodeelsysteem zijn, en werkt met sportieve, blitse bakken. De auto's kun je opzoeken en openen met een smartphone-app. Ze hoeven niet te worden teruggebracht naar een vaste parkeerplaats, maar kunnen gewoon voor de eigen deur worden achtergelaten. Aan de gebruiksvriendelijkheid van de meeste autodeelsystemen is namelijk nog wel wat werk, zeggen gebruikers. Architecte Katrien Declercq vindt het Cambiosysteem 'behoorlijk bureaucratisch' en ook ongeschikt voor lange afstanden, omdat je de auto altijd naar dezelfde standplaats moet terugbrengen. 'Als ik bijvoorbeeld vanuit Brussel een middag naar mijn ouders in Brugge ga, kost me dat 80 euro. Ik kan de auto immers niet in Brugge achterlaten. Daar moeten ze bij Cambio toch eens beter over nadenken.' Over het algemeen, waarschuwen critici, moet worden voorkomen dat het leasen van producten gepaard gaat met ingewikkelde contracten en administratieve rompslomp, want dan zullen gebruikers snel afhaken. Ook de verzekeringen en de fiscale wetgeving zullen zich aan dit nieuwe bedrijfsmodel moeten aanpassen. De stijgende populariteit van betalen voor gebruik in plaats van bezit valt samen met de economische crisis, waarin consumenten meer bereid lijken hun gewone bestedingspatronen te heroverwegen en selectiever geld gaan uitgeven. In tijden van werkonzekerheid kan persoonlijk bezit, met zijn hoge aankoopprijs en onderhoudskosten, ineens een last worden en een bron van stress. 'De huidige tieners en studenten,' aldus trendwatcher Tom Palmaerts, 'die zijn opgegroeid in luxe, moeten nu uit economische noodzaak op zoek naar nieuwe consumptiepatronen. Maar minder kopen, dat klinkt niet echt sexy. Bovendien hechten die jongeren echt wel aan kwalitatief hoogstaande producten. Dan is een grasmaaier delen met je hele straat geen slechte optie. Het is niet zo dat jongeren vandaag minder materialistisch zijn. Ze zijn gewoon slimmere consumenten, die op die manier geld uitsparen voor de dingen die ze echt leuk vinden.' DOOR HAN RENARDHet idee dat producten altijd eigendom moeten worden van consumenten, is volgens milieubewuste economen niet meer van deze tijd. Dankzij het internet ontstaat er een horizontale economie, met tal van kleinschalige actoren, waarin het onderscheid tussen producent en consument vervaagt.