JA

'België kampt momenteel met een zware loonkostenhandicap. De kloof is bijna onoverbrugbaar geworden. Veel bedrijven kunnen niet anders dan met hun productie naar het buitenland te verhuizen. En dat moet tegengegaan worden, aangezien we ondertussen met zekerheid kunnen vaststellen dat een economie niet louter op een goeddraaiende dienstensector kan teren. Bovendien trekken ook die ondernemingen steeds vaker naar het buitenland. Kijk maar naar de callcenters en de softwarebedrijven.
...

'België kampt momenteel met een zware loonkostenhandicap. De kloof is bijna onoverbrugbaar geworden. Veel bedrijven kunnen niet anders dan met hun productie naar het buitenland te verhuizen. En dat moet tegengegaan worden, aangezien we ondertussen met zekerheid kunnen vaststellen dat een economie niet louter op een goeddraaiende dienstensector kan teren. Bovendien trekken ook die ondernemingen steeds vaker naar het buitenland. Kijk maar naar de callcenters en de softwarebedrijven. Elke loonsverhoging heeft negatieve gevolgen voor alles wat met concurrentiekracht te maken heeft. De realisaties van het afgelopen decennium binnen de Europese Unie en de Wereldhandelsorganisatie hebben die trend alleen maar versterkt. Hoe je de zaak ook draait: de globale concurrentie laat zich voelen. Niet alleen bij de exportgerichte bedrijven, maar ook bij de ondernemingen die moeten concurreren met nieuwkomers op de Belgische markt. Wie enkel kijkt naar de percentages, zou kunnen stellen dat er naast België nog veel landen kampen met verhoogde loonkosten. Een loonsverhoging van tien procent in een Oost-Europees land kan spectaculair lijken. Als we echter de absolute waarde ervan uitrekenen, komen we tot de conclusie dat die loonsverhoging doorgaans niet hoger ligt dan bij ons. Aan degenen die zich verschansen achter de sterke productiviteitsontwikkeling van ons land, wil ik zeggen dat er ook daar limieten zijn. De laatste tien jaar stonden onze bedrijven onder enorme druk om de productiviteit te verbeteren en zo hun concurrentiepositie te handhaven. Maar daardoor rest ons op dit moment veel minder marge dan de landen die deze inspanningen nog niet gedaan hebben.' 'Volgens de wet op de competitiviteit moeten we enkel kijken naar Nederland, Frankrijk en Duitsland om onze concurrentiepositie te evalueren. En inderdaad: in de vergelijking is een kleine verslechtering merkbaar. Als je echter naar alle landen zou kijken waarmee België concurreert, en daarvan een gemiddelde neemt, kun je vaststellen dat er zich geen noemenswaardige bewegingen voordoen. Ook niet als je bij de berekening van dat gemiddelde meer gewicht zou toekennen aan onze belangrijkste handelspartners: Nederland, Duitsland en Frankrijk. De buurlanden vertegenwoordigen niet meer dan de helft van onze export. Wie zich dus enkel baseert op die drie landen, vertrekt van partiële gegevens. Nochtans beschikken we over volledige cijfers. De Europese Commissie heeft ze onlangs gepubliceerd en daaruit bleek dat België geen probleemgeval is. De competitiviteit is dezelfde als die van tien jaar geleden. De goede prestaties van onze buurlanden zijn overigens volledig toe te schrijven aan de sterke verbetering van Duitsland. Frankrijk is op hetzelfde niveau gebleven en Nederland is erop achteruitgegaan, net zoals Spanje, Italië en Portugal. Bovendien mogen we ons in het debat over competitiviteit niet blindstaren op de hoge loonkosten. Ook productiviteitsontwikkeling is een belangrijke pijler, en daar rijden we nog altijd aan de kop van het peloton. De loonkosten mogen dan al relatief hoog liggen, in verhouding tot het aantal eenheden die ermee geproduceerd worden, hoeven we ons niet meteen zorgen te maken. Ik ben ook niet overtuigd van de noodzaak van een begrotingsoverschot de komende jaren, zoals de gouverneur van de Nationale Bank bepleitte. Daarmee kunnen we misschien beter wachten tot de conjunctuur echt aantrekt. Een gewoon evenwicht zal voorlopig volstaan. Alleen zou dat beter gerealiseerd worden via obligaties, en niet via allerlei verbergtrucs die de schatkist en de belastingbetaler handenvol geld kosten.'Hannes Cattebeke