Iedere vreemdeling die in ons land een asielaanvraag indient, heeft recht op materiele hulp en een opvangplaats, zo bepaalt de Belgische wet op de vluchtelingenopvang. Toch houdt Fedasil, de overheidsinstantie die instaat voor de begeleiding van vreemdelingen, een strikt onderscheid aan tussen wie voor de eerste keer een aanvraag indient en mensen die een nieuwe aanvraag indienen nadat hun eerste geweigerd is (de zogenaamde 'meervoudige aanvraag'). Bij een meervoudige aanvraag biedt Fedasil de asielzoeker geen opvang aan, tot het moment waarop besloten wordt het dossier in overweging te nemen. 'Intussen worden mensen illegaal gedwongen...

Iedere vreemdeling die in ons land een asielaanvraag indient, heeft recht op materiele hulp en een opvangplaats, zo bepaalt de Belgische wet op de vluchtelingenopvang. Toch houdt Fedasil, de overheidsinstantie die instaat voor de begeleiding van vreemdelingen, een strikt onderscheid aan tussen wie voor de eerste keer een aanvraag indient en mensen die een nieuwe aanvraag indienen nadat hun eerste geweigerd is (de zogenaamde 'meervoudige aanvraag'). Bij een meervoudige aanvraag biedt Fedasil de asielzoeker geen opvang aan, tot het moment waarop besloten wordt het dossier in overweging te nemen. 'Intussen worden mensen illegaal gedwongen tot een leven op straat', zegt Charlotte Vandyckevan Vluchtelingenwerk Vlaanderen, dat in een nieuwe nota oproept de rechten van vluchtelingen te respecteren. Volgens cijfers van het Commissariaat-Generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen (CGVS) werden in 2016 meer dan 4000 meervoudige aanvragen ingediend. Zo'n 40 procent van die aanvragen wordt uiteindelijk in overweging genomen. Officieel mogen er slechts acht dagen zitten tussen het indienen van de aanvraag en de beslissing van het CGVS om ze al dan niet te aanvaarden. In de praktijk blijkt dat vaak veel langer te duren: Vluchtelingenwerk Vlaanderen spreekt zelfs van gevallen tot zeven maanden. 'Mensen maandenlang op straat zetten als later blijkt dat hun dossier gewoon grondiger onderzoek behoeft: dat kan niet', vindt Vandycke. Toch is Fedasil niet zonder meer verplicht iedere asielzoeker materiële hulp te bieden. Als er aanwijzingen zijn van flagrant misbruik, voorziet de opvangwet in een uitzonderingsmaatregel: Fedasil kan dan opvang weigeren, op voorwaarde dat iedere weigering individueel wordt gemotiveerd. 'Maar de uitzondering blijkt de regel geworden te zijn', zo stelt Vluchtelingenwerk Vlaanderen. Iedere meervoudige aanvrager wordt opvang geweigerd en dat zónder duidelijke motivatie, waardoor de weigering niet aan de wettelijke vereisten voldoet. De Belgische overheid werd in het verleden al meermaals terechtgewezen. De federale ombudsman stelde in zijn jaarrapporten van 2014 en 2015 al vast dat de praktijk de wet met de voeten treedt en dat 'de huidige praktijk van Fedasil niet in overeenstemming is met de verplichting om de beslissingen individueel te motiveren'. Ook voor de rechtbank werd ons land verscheidene keren aangemaand de uitzonderingsmaatregel stop te zetten. Vluchtelingenwerk Vlaanderen: 'Fedasil wordt al jaren terechtgewezen door rechters en de ombudsman, maar blijft het gebruik voortzetten. Dat is bijzonder kwalijk.' Kinderrechtencommissaris Bruno Vannobbergen schaart zich achter de oproep van Vluchtelingenwerk Vlaanderen, want ook gezinnen met erg jonge kinderen belanden bij een meervoudige aanvraag op straat. 'Dit soort praktijken moet ophouden. Vergeet ook niet dat ons land op relatief korte termijn heel wat opvangcentra gesloten heeft. Ik denk dat het toch mogelijk moet zijn een oplossing te vinden.' Het kabinet van staatssecretaris voor Asiel en Migratie Theo Francken (N-VA) was niet bereikbaar voor commentaar. Door Stavros Kelepouris'Fedasil wordt al jaren terechtgewezen door rechters en de ombudsman, maar blijft zijn beleid voortzetten.'