Mocht de nv België een beursgenoteerd bedrijf zijn, de notering was allang geschrapt. Want de vennootschap is insolvabel.
...

Mocht de nv België een beursgenoteerd bedrijf zijn, de notering was allang geschrapt. Want de vennootschap is insolvabel. Het koninkrijk overleeft alleen nog op de pof en bij de gratie van het werkende deel van zijn bevolking. Begrotingen zijn vaak gissingen gebaseerd op veronderstellingen. Maar de begroting 2009 die vorige week door de federale regering werd afgeleverd, is je reinste boekhoudkundige fictie. Tot daar niets nieuws, want volgens de Europese Unie waren de vorige begrotingen van de paarse regeringen van premier Guy Verhofstadt dat ook al. Maar de jongste begroting die premier Yves Leterme aan de Kamer van Volksvertegenwoordigers voorlegde, illustreert als nooit tevoren de financiële verkrotting van het staatshuishouden. De rapporten van de federale overheidsdienst Financiën, onder het kundige beheer van vicepremier en minister van Financiën Didier Reynders, zijn vandaag zo onbetrouwbaar dat de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) ze niet langer wenst te controleren. De federale overheid moet het zien te rooien met jaarlijkse fiscale ontvangsten - althans op geduldig begrotingspapier - ten bedrage van goed 99 miljard euro. Bijna de helft daarvan wordt meteen overgedragen aan regionale overheden, en nog eens meer dan 13 miljard euro wordt opzijgezet voor de afbetaling van rentelasten. Daarnaast moet de federale overheid nog eens 13 miljard euro ter beschikking stellen voor de sociale zekerheid. En dan hebben we het nog niet over de kosten van de NMBS en de eigen ambtenarij. Met alle financiële tabellen diep in het rood en met een staatsschuld van 295,35 miljard euro - of bijna 12.000 miljard in oude Belgische frank - stelt de regering zich midden in de voortrazende bankencrisis garant voor het interbancaire geldverkeer, voor een groot deel van het spaargeld van de Belgen, voor de kleine Fortis-beleggers en binnenkort wellicht ook voor een deel van de pensioenfondsen. Het totaalbedrag op Belgische spaarboekjes bedraagt nagenoeg 160 miljard euro. Het gezinsvermogen dat in verzekeringsproducten uitstaat, klimt naar 180 miljard euro. De Belgische gezinnen hebben ook nog eens 140 miljard euro in beleggingsfondsen gestopt. Die bedragen tonen aan dat zo'n borgstelling door de Belgische federale overheid en de miljarden die in wankelende financiële instellingen worden gestopt, van een zekere overmoed getuigen. 'De financieringswet verstikt de federale regering', een uitspraak van premier Leterme in het weekendinterview met de krant Le Soir, klonk dan ook als een heuse noodkreet. In CD&V-kringen viel tot voor enkele maanden nog te horen dat 'we' op die manier nog enkele jaren kunnen voortsukkelen. Vandaag kan de federale regering, als gevolg van de bankencrisis, geen kant meer op. Bovendien weten ze in de bestuurskamers dat de economische fall-out van deze internationale storm verwoestend zal zijn. En dan moeten de volgende golfslagen, nu al voelbaar in de Verenigde Staten, ons nog bereiken. Dat zijn de gevolgen van de rommelkredieten voortgebracht door het gebruik van bankkaarten als een soort draaideurkrediet en de slechte autoleningen, die de banken hebben verpakt en aan elkaar doorverkocht. Wil het federale koninkrijk België deze crisis overleven, dan zit er niets anders op dan de financieringswet te hervormen en het federale bestuursniveau tot een absoluut minimum te herleiden, met het noodlijdende Brussels Hoofdstedelijk Gewest onder het toezicht van de twee gemeenschappen. De bankencrisis, en vooral de dramatische ontmanteling van Fortis, heeft er in België voor gezorgd dat de - naar het woord van professor Wilfried Dewachter - 'francofone Belgo-Brusselse elite', die elkaar vond in de hoofdstedelijke haute finance en die bij elke poging tot staatshervorming op vier wielen tegelijk remde, door onderling gekuip en wantrouwen uit elkaar is geslagen. Graaf Maurice Lippens heeft wellicht nooit kunnen vermoeden dat hij mogelijk in de volgende editie van de Encyclopedie van de Vlaamse Beweging wordt opgenomen als een staatshervormer die de laatste stoot gaf aan de uitbouw van het Confederale Koninkrijk België. door Rik Van Cauwelaert