Het was bijzonder moedig wat Frits Bolkestein vorige week deed. Hij trok naar Frankrijk, waar zijn naam intussen rijmt met Frankenstein, om er de Europese dienstenrichtlijn te verdedigen waaraan zijn naam wordt gekoppeld. Hij hoopte daar, met het oog op het komende referendum over de Europese grondwet, een eind te maken aan de Babelse spraakverwarring rond zijn werkstuk.
...

Het was bijzonder moedig wat Frits Bolkestein vorige week deed. Hij trok naar Frankrijk, waar zijn naam intussen rijmt met Frankenstein, om er de Europese dienstenrichtlijn te verdedigen waaraan zijn naam wordt gekoppeld. Hij hoopte daar, met het oog op het komende referendum over de Europese grondwet, een eind te maken aan de Babelse spraakverwarring rond zijn werkstuk. De Franse overheid, beducht dat de komst van de gewezen Europese commissaris van de Interne Markt en Belastingen de neen-stem zou versterken, probeerde Bolkestein - net als Europees voorzitter Barroso overigens - van het televisiescherm te houden. Dat lukte maar gedeeltelijk, waardoor het verblijf van de gewezen Europese commissaris in Parijs toch ruime weerklank kreeg. Of Bolkestein met zijn optreden de meerderheid van neen-stemmers terugdrong die zich volgens recente peilingen opmaken om in het referendum van 29 mei de Europese grondwet te verwerpen, is hoegenaamd niet zeker. Want het Franse referendum gaat al lang niet meer alleen over de Europese grondwet, maar ook over het Stabiliteitspact, de toetreding van Turkije en uiteindelijk ook de sterk verwaterde rol van Frankrijk in Europa na de recente uitbreiding van de Unie van vijftien naar vijfentwintig lidstaten. Mocht het Verenigd Koninkrijk in een referendum de Europese Grondwet afkeuren, dan is er nog geen man overboord. Dan kan de Europese Unie gewoon doorgaan, zij het met een kern van gelijkgestemde landen aangedreven door de Frans-Duitse as. Helemaal anders ligt dat in het geval van een Frans non. Want dan is er zelfs geen sprake meer van een kern van voortrekkerslanden. Tot overmaat van ramp telt de Europese Unie momenteel geen echte politieke roergangers meer die de wind onder de zeilen weten te houden. De bouwheren van Europa waren gevoelig voor de noden en de voorkeuren van hun publiek, waren voldoende uitgerust om de grote stromingen te ontwaren die tot verandering leidden en sterk genoeg om een consensus te bereiken door het kneden van de Europese publieke opinie. Geen van de huidige Europese leiders beschikt over die bekwaamheden. In Duitsland, waar kanselier Gerhard Schröder wel wat anders aan zijn hoofd heeft dan de Europese kwesties, wordt met nostalgie teruggedacht aan Helmut Kohl. Want onder diens bewind draaide de as met Parijs op volle toeren. Die dreigt nu door de matige belangstelling van Schröder vast te lopen. De Franse president Jacques Chirac is dan weer een van de meest corrupte politici van West-Europa. Hij werd in eigen land tot president herverkozen door burgers die met wasknijpers op de neus voor hem stemden, omdat het extreem-rechtse alternatief van Jean-Marie Le Pen nog erger was. Chiracs moreel gezag is onbestaand. Bovendien is de belangrijkste politieke familie, die van de socialisten, diep verdeeld. In Nederland wordt de dienstenrichtlijn van Bolkestein verdedigd door gewezen premier Wim Kok. In Frankrijk is de socialistische partij verdeeld over de Europese grondwet die in de ogen van sommigen het sociale model op een Angelsaksische lijn wil brengen. Eind vorig jaar kwam het hier tijdens een debat op het colloquium 'De erfenis van Hendrik De Man' tot een scherpe woordenwisseling tussen gewezen Europees commissaris en voormalig SP-voorzitter Karel Van Miert en een aantal Vlaamse socialisten, onder wie europarlementslid Anne Van Lancker. Van Miert liet er zich scherp uit over de eventuele sociale en ecologische correcties die sommigen willen aanbrengen op de vrije markt zoals die door de Unie wordt gepropageerd. Een sterke overheid is er volgens Van Miert niet om de zwakke sectoren van de economie te ondersteunen, maar om groeiende en innoverende sectoren te stimuleren. Maar dat klonk zijn partijgenoten al te liberaal. Eigenlijk weet niemand nog welk Europa we aan het uitbouwen zijn. Van politieke integratie is steeds minder sprake en sommige constructies lijken wel door Margaret Thatcher zelf opgetrokken. Misschien moeten de bouwmeesters van Europa opnieuw naar de tekentafel en de uitbreiding die op stapel staat nog eens opnieuw bekijken. Liefst met de gulden regel van Walter Bagehot in gedachte, dat weldoende vooruitgang alleen tot stand komt door 'government by discussion'û in dit geval door discussie met de Europese burgers. Want zij werden in het verleden zelden bij de Europese plannenmakerij betrokken. Rik Van CauwelaertDe socialisten zijn diep verdeeld over Europa.