De Kroonraad van Knack bestaat uit Mark Eyskens, Paul Muys, Jacques Rogge en Etienne Vermeersch. Hij wordt geraadpleegd over uitzonderlijke omstandigheden.
...

De Kroonraad van Knack bestaat uit Mark Eyskens, Paul Muys, Jacques Rogge en Etienne Vermeersch. Hij wordt geraadpleegd over uitzonderlijke omstandigheden. Mijnheer Rogge, een belangrijk punt in de internationale actualiteit was de nieuwe grondwet in Zuid-Afrika. Op de valreep goedgekeurd, maar een dag nadien kondigt de Nasionale Party haar vertrek uit de regering aan. JACQUES ROGGE : Het lijkt mij een zeer democratische grondwet, die een meerpartijensysteem waarborgt waarbij de meerderheid beslist. De huidige overgangsregering is gemaakt op basis van een consensus tussen de belangrijkste zwarte en blanke partij. Dat was een handige zet van het ANC en waarschijnlijk de prijs die ze hebben moeten betalen om een vreedzame oplossing te vinden voor de afschaffing van de apartheid. Het ANC wil geen permanente minderheidsblokkering voor de blanken en kiest voor een democratisch meerderheidssysteem. Zo plaatst het de blanken automatisch in de oppositie. Maar de zwarte meerderheid beseft wel dat ze niet verder kan zonder die blanke minderheid. Want die omvat 25 procent van de bevolking en heeft de meest vitale economische hefbomen in handen. De NP heeft met deze grondwet veel uit de brand gesleept. Waarom stapt ze uit de regering ? ROGGE : De regering is ver gegaan om alle vormen van rassendiscriminatie, ook tegenover de blanken, onwettelijk te maken. Een groot deel van de NP-eisen is ingewilligd. Hun vertrek uit de regering lijkt mij een tactische zet in het vooruitzicht van de verkiezingen. De NP wil zich wat beter profileren in de oppositie, en niet langer medeverantwoordelijk zijn voor de regeringsbeslissingen, die toch een ANC-stempel dragen. De NP wil dé vertegenwoordiger zijn van de belangrijke blanke minoriteit. Waar de blanken niet in geslaagd zijn, is om de vakbond aan banden te leggen. En die heeft grote invloed in het ANC. ROGGE : Ik denk dat het einde van de evolutie in Zuid-Afrika nog lang niet in zicht is. Vanuit het Internationaal Olympisch Comité volgen wij die van zeer nabij omdat Zuid-Afrika eventueel de Olympische Spelen in 2004 zou kunnen organiseren. Wij zijn vooral beducht voor de sociale en raciale vrede nà Mandela. De man heeft niet het eeuwige leven en zal dus vroeg of laat van het toneel verdwijnen. Wat gebeurt er dan ? Blijft het ANC eendrachtig of valt het uiteen in de vele fracties waaruit het is opgebouwd ? Ik vrees niet zo zeer nieuwe conflicten tussen zwart en blank, wel tussen zwarten onderling. Die zijn er nu al. Sociale spanningen en criminaliteit, twee grote knelpunten in Zuid-Afrika, zijn problemen tussen zwarten. Hoe gaat de vijandschap tussen het ANC en Inkatha van Chief Buthelezi zich verder ontwikkelen ? Men mag die tribale tegenstellingen niet negeren. Inkatha streeft een verregaande autonomie binnen Zuid-Afrika na. Hoe groot is de vooruitgang in Zuid-Afrika in vergelijking met vijf jaar geleden ? ROGGE : Op gebied van democratisering is die enorm. En dat met een minimum aan bloedvergieten, in tegenstelling tot veel andere Afrikaanse landen. De democratische rechten van blanke en andere minderheden worden gerespecteerd en zijn nu grondwettelijk vastgelegd. De internationale samenwerking draait weer volop, nu het embargo is weggevallen. Economisch en technologisch is Zuid-Afrika het meest vooruitstrevende land in Afrika. Dat is een heel gunstige evolutie. In Italië pleit Umberto Bossi van de Lega Nord voor de afscheiding van Noord-Italië. Acht u dat mogelijk ? ROGGE : Nee, omdat er binnen de huidige constitutie geen enkele mogelijkheid is om zo een afscheuring tot stand te brengen. Zoals vaker bij het streven naar onafhankelijkheid, gaat het meer om een kreet van politici dan om de wens van de bevolking. Italiaanse vrienden zeggen dat de meeste mensen die voor de Lega Nord stemmen, dat doen vanwege de economische en algemeen sociale hervormingen in het programma, en veel minder uit separatistische overwegingen. Ik geloof in elk geval niet in de onafhankelijkheid van Padania, zoals Bossi Noord-Italië noemt. Maar dergelijke dreigingen kunnen wel leiden naar meer autonomie voor de regio's. Zoals in Spanje, waar premier José-Maria Aznar toegevingen aan onder meer de Catalanen heeft gedaan. ROGGE : Om een meerderheid te vormen, was hij daartoe verplicht. De Convergència i Unió van Jordi Pujol zit in dezelfde comfortabele positie als de FDP in Duitsland. Ze hebben slechts een handvol verkozenen, maar ze zijn onmisbaar en dwingen toegevingen af. Dat is de prijs die moet betaald worden voor een coalitieregering. Ik had tijdens de Olympische Spelen de kans om met Pujol een paar gesprekken te voeren. Hij is een intelligent en handig man, die eigenlijk geen onafhankelijk Catalonië wil. Catalonië is beter af binnen Spanje dan buiten Spanje. Spanje geeft een meerwaarde aan Catalonië. Maar tussen die lijnen wil hij uiteraard zoveel mogelijk autonomie, en ik denk dat hij dat nu bereikt heeft : dertig procent van de fiscale inkomsten, totale bevoegdheid voor het havenbeleid, dat is heel wat. Ik denk niet dat wat Spanje nu doet, in ons land mogelijk is. Wij zitten met een belangentegenstelling tussen twee of hooguit drie partijen. Dat is veel delicater dan in Spanje, waar zeventien naar autonomie strevende gebieden zijn. Ondertussen is het wel een steeds meer voorkomend fenomeen dat welvarende streken niet meer willen betalen voor minder welvarende. Nog iets uit Italië : Antonio Di Pietro wordt waarschijnlijk minister van Openbare Werken. Voor een man die vóór de verkiezingen weigerde om partij te kiezen en aan die verkiezingen niet wou meedoen, een merkwaardige beslissing. ROGGE : Ik denk dat Di Pietro een fout begaat en ik vind dat jammer. Die man is een historische figuur die bewonderd moet worden voor de hardnekkigheid, de moed en de inventiviteit waarmee hij een politieke revolutie heeft bewerkstelligd, en een ethisch reveil in Italië. Hij is zelf juridisch aangeklaagd, maar werd vrijgesproken. Ik vind dat hij zijn imago schaadt door in de politieke arena te stappen. Hij zegt wel dat hij een technocraat is die tot geen enkele partij behoort, maar hij zal geassimileerd worden en verplicht zijn om compromissen te maken. In Moskou heeft Aleksandr Korzakov, de veiligheidschef van het Kremlin, rondgestrooid dat de presidentsverkiezingen van 16 juni mogelijk worden uitgesteld. ROGGE : Als daar geen geldige reden voor is, lijkt me dat uitgesloten. Noch in Rusland, noch in de rest van de wereld zou men dat aanvaarden. Als Jeltsin de verkiezingen uitstelt, pleegt hij een vorm van staatsgreep. Ik zie die verklaring als een proefballonnetje, maar dan een erg ongelukkig want het heeft de twijfels van Jeltsin blootgelegd. Ik blijf benieuwd voor die verkiezingen. Het Westen heeft zich sterk geëngageerd naar Jeltsin toe, zeker Bill Clinton en Helmut Kohl hebben hem de helpende hand toegestoken. Maar volgens de peilingen maakt Gennadi Zjoeganov de grootste kans. Het valt af te wachten wat er gebeurt tussen de eerste en de tweede ronde. Misschien slaagt Jeltsin erin om de stemmen van het centrum achter zich te krijgen. Ik verwacht dat hij wel een overeenkomst zal sluiten met Gregori Javlinski. Het wordt spannend. Volgens VN-rapporten zouden de Israëliërs met opzet het VN-kamp in Kana gebombardeerd hebben. Kunnen deze onthullingen de verkiezingen in Israël beïnvloeden ? ROGGE : Ik denk het niet. Ik was vorige week in Tel Aviv, en ik heb daar onder meer de indrukwekkende plechtigheid gezien ter nagedachtenis van premier Yitzhak Rabin. Voor zover ik kon vernemen, blijft Shimon Peres nog altijd op kop in de peilingen. Men onderschat bij ons het aantal Arabieren dat staatsburger is in Israël. Het gaat om 25 procent van de bevolking. Die stemmen ook mee, en hun steun blijft uitgaan naar Peres. Ik wil niet cynisch klinken, maar de VN-rapporten zullen daar weinig aan veranderen. Wie heeft er trouwens gelijk in verband met de aanval op dat VN-kamp ? Mag ik zelf een hypothese ontwikkelen ? Israël was het beu dat de VN-troepen zo weinig deden om Hezbollah te verhinderen van in de onmiddellijke buurt van hun kamp katyusha-raketten af te vuren. Daarom besloten de Israëliërs om een keer terug te schieten, VN-kamp of niet. Alleen zullen ze niet geweten hebben dat zich daar zo veel vluchtelingen bevonden. Het resultaat blijft natuurlijk een flater. Vanop de top van de West-Europese Unie in Birmingham kwam weinig nieuws. Tenzij het dispuut tussen de Franse minister van Buitenlandse Zaken Hervé De Charette en Europees commissaris Hans Van den Broeck, die wil dat de WEU de Amerikanen aflost in Bosnië. Frankrijk wil daar niet van weten. ROGGE : Ik heb weinig of geen vertrouwen in de uitbouw van een Europees buitenlands beleid. Frankrijk en Groot-Brittannië zullen nooit hun nationale identiteit en zeggenschap opgeven. Dat is een reflex die voortspruit uit een glorierijk verleden waarvan ze geen afstand kunnen of willen nemen. De Duitsers zijn veel meer geneigd om federaal te denken en bevoegdheden af te staan. Frankrijk wil altijd solo spelen, kijk maar naar hun komische tussenkomst in het conflict tussen Israël en de Hezbollah. Ook uit Bosnië kwamen weinig hoopvolle berichten. ROGGE : Nee, daarvoor is de haat tussen de drie Bosnische partijen te groot. De Dayton-akkoorden kunnen alleen maar succes hebben als ze worden afgedwongen door een permanente bezettingsmacht. De dag dat Ifor weg gaat, breekt de hel opnieuw los, dat is absoluut onvermijdelijk. Ik zie maar één oplossing : de opdeling van heel Bosnië in twee stukken. Het Bosnisch Servische gedeelte wordt bij Joegoslavië ingelijfd, het gedeelte van Bosnische Kroaten en Moslims komt bij Kroatië. Mét gewaarborgde rechten voor de minderheden. Dan zijn er twee grote staten met een duidelijke grens. Het is de enige kans op stabiliteit in dat gebied, hoe jammer ook voor het multi-etnische concept. Ik heb daar tijdens de Olympische Winterspelen in Sarajevo met bewondering naar gekeken. Hoe de synagoge naast de moskee en de kerk lag en iedereen mekaars overtuiging respecteerde. Alleen is dat model in 1914 ontploft, in 1945 nog eens, en nu weer. Het is dus, helaas, niet werkbaar in de praktijk. In eigen land vraagt premier Dehaene kaderwetten voor de begroting en de hervorming van de sociale zekerheid. ROGGE : Ik denk dat Dehaene gelijk heeft, alleen zijn de redenen van tijdnood, die hij aanhaalt, hypocriet. De regering draait al een jaar rond de pot. Dat neemt niet weg dat België dringend op de proppen moet komen met coherente begrotingen en met een wezenlijke hervorming van de sociale zekerheid. Doen we dat niet, dan dreigen we de EMU te missen. Dehaene heeft alles bewust lang laten aanslepen. Hij heeft veel geleerd van wat in Frankrijk gebeurd is. Daar heeft het hele land plat gelegen maar ondertussen is Alain Juppé alles, wat toen onder vuur lag, aan het realiseren en hoor je geen protest meer. Dehaene is zeer handig geweest. Hij heeft eerst een consensus gezocht binnen zijn coalitie. Dat is gelukt. Dan heeft hij de bal in het kamp van de sociale partners gelegd met zijn Toekomstcontract. Die hebben geweigerd te tekenen en nu zegt Dehaene aan het parlement dat het vijf voor twaalf is en dat hij volmachten nodig heeft om de hardste noten te kraken. Ik denk dat in feite iedereen tevreden is : de sociale partners kunnen hun handen in onschuld wassen, de parlementsleden kunnen evenmin verantwoordelijk gesteld worden voor de onpopulaire maatregelen, en de grote politieke kanonnen van de regering zijn toch onaantastbaar in hun partij en bij de kiezers. Laatste punt : het proces tegen kolonel Luc Marchal. ROGGE : Als precedent, een interessante zaak. Ook in verband met de politieke verantwoordelijkheid van onze ministers, die nog altijd niet wettelijk geregeld is. Een minister kan nog altijd zware fouten begaan zonder te worden aangeklaagd. Er is alleen een morele politieke verantwoordelijkheid, die sterker speelt in Angelsaksische landen waar een minister bij een eigen fout of die van een ondergeschikte ontslag neemt. Een arts, bijvoorbeeld, kan wèl vervolgd worden wegens een beroepsfout. Ons rechtssysteem aanvaardt dat een arts fouten kan maken, omwille van het risico dat inherent is aan bepaalde technieken en omwille van het feit dat bepaalde aandoeningen niet geneesbaar zijn. Maar er wordt altijd geëist dat hij alle middelen aanwendt om een goed resultaat te gebruiken. Artsen hebben een middelenverbintenis, geen resultaatverbintenis. Ik denk dat het proces-Marchal op dezelfde vraag zal uitdraaien : heeft hij alle beschikbare middelen aangewend om zijn manschappen optimaal te beveiligen ? Indien het antwoord ja is, zal hij worden vrijgesproken. En voor de rest gaat dit proces eigenlijk over de verantwoordelijkheid van de VN en de Belgische regering : hebben zij Marchal de nodige middelen gegeven om zijn opdracht te vervullen ? Om dat uit te zoeken, is een parlementaire onderzoekscommissie nodig. Koen Meulenaere