Voor het leven van beroemde schilders bestaat minstens zo veel interesse als voor hun werk. Hun laatste schilderijen worden vaak gelezen als biografische documenten met een persoonlijke boodschap aan de rand van het graf. In het Korenveld met kraaien van Vincent van Gogh zou een voorafspiegeling schuilen van zijn zelfdoding. Kort voor zijn dood portretteerde Rafaël La fornarina, de bakkersdochter met wie hij een passionele liefdesnacht doorbracht die hij niet overleefde. Toen hij zijn einde voelde naderen, schilderde Titiaan een hartverscheurende Pietà, waarin hijzelf als de heilige Hiëronymus uit het helledonker opduikt bij het lichaam van de dode Christus. De zwaar gehandicapte Frida Kahlo stierf na het voltooien van Viva l...

Voor het leven van beroemde schilders bestaat minstens zo veel interesse als voor hun werk. Hun laatste schilderijen worden vaak gelezen als biografische documenten met een persoonlijke boodschap aan de rand van het graf. In het Korenveld met kraaien van Vincent van Gogh zou een voorafspiegeling schuilen van zijn zelfdoding. Kort voor zijn dood portretteerde Rafaël La fornarina, de bakkersdochter met wie hij een passionele liefdesnacht doorbracht die hij niet overleefde. Toen hij zijn einde voelde naderen, schilderde Titiaan een hartverscheurende Pietà, waarin hijzelf als de heilige Hiëronymus uit het helledonker opduikt bij het lichaam van de dode Christus. De zwaar gehandicapte Frida Kahlo stierf na het voltooien van Viva la vida, een stilleven met opengesneden watermeloenen, vaste ingrediënten bij het Mexicaanse dodenfeest. En de tekening van een uitgeteerd gezicht met wijd opengesperde ogen kan moeilijk iets anders zijn dan het ultieme Zelfportret van Pablo Picasso, toch? De werkelijkheid werd hier lichtjes bijgekleurd, ondervond ook classicus Patrick De Rynck bij de research naar de late jaren van dertig beroemde schilders. 'Het laatste schilderij' is een mythe, al laat de titel van zijn boek dat niet meteen vermoeden. Alleen van Caravaggio weet hij zeker dat de schilder na het oplappen van het beschadigde Martelaarschap van de heilige Ursula geen penseel meer aanraakte. Relevant voor het leven of het werk van Caravaggio is dat niet. In zijn minutieuze reconstructie van de laatste periode in hun leven en werk krabt De Rynck voorzichtig de mythevorming rond de beroemde schilders weg. Wat overeind blijft, is de vaststelling dat ze tot het bittere eind zijn blijven doorwerken terwijl ze te kampen hadden met zware gezondheidsproblemen. Kennelijk hadden ouderdom en ziekte geen vat op de kwaliteit van hun werk. Het laatste schilderij bevat niets dan meesterwerken, voor het leeuwendeel perfect afgewerkt. Vaak droegen anderen daar echter hun steentje toe bij. Na de dood van Giovanni Bellini zorgde zijn leerling Titiaan voor het weelderige landschap op het weergaloze Feest van de goden. Op zijn beurt legde Jacopo Palma il Giovane de laatste hand aan de Pietà van zijn meester Titiaan. Een andere Venetiaan, Jacopo Tintoretto, liet zijn schilderijenfabriekje over aan zijn zoon Domenico, die de voltooiing van zijn vaders laatste werken voor zijn rekening nam. De overdracht verliep niet altijd even koosjer. De doodzieke El Greco liet zich bijstaan door zijn zoon Jorge Manuel, die niet aarzelde om in sommige gevallen zelfs de handtekening van zijn vader te vervalsen, zoals onlangs aan het licht kwam. Kenners zijn er niet uit of een laat meesterwerk als De aanbidding door de herders uit het Prado helemaal eigenhandig is. Het verschil is niet te zien. En Edouard Manet dacht zijn nalatenschap in goede handen te hebben gegeven, tot zijn vriend Théodore Duret de opdracht om sommige doeken te vernietigen negeerde, ze door anderen liet afwerken en vervolgens op de markt bracht. In zijn eenzame afzondering in Aix-en-Provence wist Paul Cézanne te ontsnappen aan elk misbruik van zijn laatste werken. Misschien kwam dat ook omdat ze zelfs in hun onvoltooide staat niet te verbeteren waren. De 67-jarige perfectionist schreef een maand voor zijn dood aan zijn collega Émile Bernard: 'Zal ik het doel bereiken dat ik zozeer heb nagestreefd (...) Ik wil het zo graag, maar zolang ik het niet bereikt heb, blijft er een zekere mate van ongemak, dat pas zal verdwijnen als ik de haven heb gehaald.' Zijn Grote baadsters (1900-1906) haalden die gegarandeerd.