Nu vijf jaar is het geleden dat Bergen zich culturele hoofdstad van Europa mocht noemen. En nog altijd kijkt de treinreiziger bij aankomst in de stad aan tegen de reusachtige affiche waarop Vincent van Gogh, verkleed als De Zaaier, zich in 2015 een Bergenaar noemde. Beent Bergen de tijd niet langer bij? Je zou het zweren, want ook het enige onderdeel van het door Santiago Calatrava ontworpen spoorwegstation dat toen bijna af was, lijkt nu klaar voor de sloop, terwijl de rest van het grootse architecturale project ontbreekt. Een bezoek aan het gerenoveerde, in 2013 heropende BAM, het Museum voor Schone Kunsten, kan de pil vergulden, behalve voor wie het ongeluk heeft om er aan te kloppen op een dag dat het exceptionellement gesloten is.
...

Nu vijf jaar is het geleden dat Bergen zich culturele hoofdstad van Europa mocht noemen. En nog altijd kijkt de treinreiziger bij aankomst in de stad aan tegen de reusachtige affiche waarop Vincent van Gogh, verkleed als De Zaaier, zich in 2015 een Bergenaar noemde. Beent Bergen de tijd niet langer bij? Je zou het zweren, want ook het enige onderdeel van het door Santiago Calatrava ontworpen spoorwegstation dat toen bijna af was, lijkt nu klaar voor de sloop, terwijl de rest van het grootse architecturale project ontbreekt. Een bezoek aan het gerenoveerde, in 2013 heropende BAM, het Museum voor Schone Kunsten, kan de pil vergulden, behalve voor wie het ongeluk heeft om er aan te kloppen op een dag dat het exceptionellement gesloten is. In bloei of in verval, dit is en blijft een karaktervolle stad, met inbegrip van het BAM, dat af en toe verrassend uit de hoek komt. Neem nu zo'n tentoonstelling waarin het museum zeer diverse (voor-)historische artefacten uit collecties in Bergen en de brede regio presenteert in een wel erg originele context. Het combineert die namelijk met een reeks bizarre kunstogen, stoelen en bankbriefjes uit de privécollectie hedendaagse kunst van Galila Barzilaï-Hollander en met diverse creaties van designers die deel uitmaken van de beroepsvereniging BeCraft. Zoiets heet een bont allegaartje, en de ontwerpers annex galeriehouders Sofie Lachaert & Luc D'hanis viel de eer te beurt om daar lijn in te brengen, als ze al niet mee aan de basis lagen van het idee. Bonte allegaartjes nemen een hogere vlucht wanneer men er curiositeitenkabinetten of Wunderkammer voor aanlegt, eerbiedwaardige termen voor verzamelingen van voorwerpen die het overdrevene, het zeldzame, het bizarre, het exotische of het afwijkende als voornaamste kwaliteit vertonen. In de zestiende eeuw, een tijd van grote ontdekkingen, hadden ze vaak een didactisch karakter, en het valt deze Memento Mons niet moeilijk om ook dat aspect te herwaarderen. De grondtoon is evenwel melancholisch, zoals het 'memento'-motto suggereert: een bezinning over de vergankelijkheid van een stad en haar bewoners door de voortijlende tijd. Het thema wordt ingeluid met een 12 uur durende luchtopname van twee straatschoonmakers, die het afval gegroepeerd wegvegen in de vorm en in het tempo van de wijzers van de klok (de video Real Time Sweeper's clock van Maarten Baas). De verzamelde curiositeiten werden ondergebracht in acht kijkkasten, niet de minste van de curiosa: hun grondplan berust op een combinatie van een VN-noodhulptent in rampgebieden en een sarcofaag. In de nissen, achter glas, laten de vreemdste voorwerpen zich aanstaren volgens thema's als mineralia, naturalia, animalia en humanitas, terwijl de beroemdste Bergenaar, de Vlaamse polyfonist Orlandus Lassus, een eigen kabinetje toebedeeld kreeg. Zijn (niet zo curieuze) borstbeeld wordt er geflankeerd door de bustes van verdienstelijke streekgenoten. Een opeenvolging van vreemde dingen, gemaakt met effectbejag, schitterend geënsceneerd en belicht, kan leiden tot ongevoeligheid voor het overdrevene: voor een demon met een oogprothese, een porseleinen tabakspot in de vorm van een apenkop of een hoop aangebrande, stalen bankbiljetten, met de hand beschilderd. Echt verwondering wekken dan eerder onopvallende dingen: vuisthouwelen uit de prehistorie van de regio, een rij dansende bronzen figuurtjes uit de Romeinse tijd, een foto uit de jaren 1920 van twee jonge meisjes uit de Borinage, door fotograaf Norbert Ghisoland aangekleed met jurken uit repen krantenpapier met het logo: L'AVENIR. Hoe simpeler, des te curieuzer soms, en het mooiste memento voor Mons.