Als freelance ontwerper voor de Antwerpse prentenuitgeverij In de Vier Winden werd de jonge Bruegel meteen ingeschakeld in een groepsgebeuren van tekenaars, graveurs, drukkers en een veeleisend uitgeversduo: Hieronymus Cock en zijn vrouw Volcxken Diercx. Het aanstormende talent kreeg alle kansen. Een Italiëreis in 1552 had Pieter geïnspireerd tot een reeks tekeningen met perspectivische bravourestukjes in een mix van bestaande en gefantaseerde landschapsviews. Dat had niemand hem voorgedaan, en Cock haastte zich om er een reeks gravures van te laten maken. De samenwerking Bruegel-Cock bleek goed voor zo'n zestig afgewerkte opdrachten.
...

Als freelance ontwerper voor de Antwerpse prentenuitgeverij In de Vier Winden werd de jonge Bruegel meteen ingeschakeld in een groepsgebeuren van tekenaars, graveurs, drukkers en een veeleisend uitgeversduo: Hieronymus Cock en zijn vrouw Volcxken Diercx. Het aanstormende talent kreeg alle kansen. Een Italiëreis in 1552 had Pieter geïnspireerd tot een reeks tekeningen met perspectivische bravourestukjes in een mix van bestaande en gefantaseerde landschapsviews. Dat had niemand hem voorgedaan, en Cock haastte zich om er een reeks gravures van te laten maken. De samenwerking Bruegel-Cock bleek goed voor zo'n zestig afgewerkte opdrachten. Het prentenkabinet van de Koninklijke Bibliotheek bevat al die prenten, naast een handvol originele ontwerptekeningen en enkele verdwaalde zelfstandige tekeningen. Ze zijn intact bewaard, worden nog altijd onderworpen aan nieuw technisch en inhoudelijk onderzoek en bij gelegenheid gepresenteerd in knappe educatieve formats. Deze troeven worden allemaal uitgespeeld in een expo die begint in het bibliotheekgebouw en uitmondt in de pas opgeknapte appartementen van het aanpalende, 18e-eeuwse paleis van Karel van Lotharingen (waar de bib in de 19e eeuw nog gevestigd was). Gebruiksvriendelijke voelschermen blijken een probaat digitaal hulpmiddel om de materie helder over te brengen. Ze openen inzichtelijk opgestelde kapitteltjes die ons iets bijbrengen over het prentenbedrijf, de transfer van tekening naar prent, de tekenaar, de graveur, de drukker, de uitgever, de landschappen, Bruegel als tweede Bosch, deugden en zonden, levenslessen, stad en platteland, schepen en tot slot de bonte navolging. Kinderlijk simpele extra's schaden de volwassen inleving niet. Knijp in een pompje en snuif de drukkerijgeuren op: de lijnolie in de drukinkt, de urine voor het schoonwrijven van de koperplaat, de houtskool van het vuurtje waarop de koperplaat werd verwarmd voor het ininkten. Of maak zelf uw Bruegel-prent: leg een wit blad op een gesneden linoplaat, wrijf erover met een potlood, doop de veer in de inkt om je handtekening te zetten, druk de stempel in je blad. Ik maakte een calque van een naakte rekel met een raar hoofddeksel op zijn kop. De figuur hoort bij De ontucht, een prent uit de reeks van De zeven hoofdzonden. Maar kijk, op de voortekening van Bruegel draagt hij duidelijk een mijter. Een ontuchtige bisschop afbeelden was flirten met de brandstapel, moet de uitgever hebben gedacht, en hij censureerde de afbeelding voor ze in drukvorm Europa rondging. Waar lag de grens van het toelaatbare? De beeldwereld van Jheronimus Bosch, waaruit Bruegel naar hartenlust putte voor zijn Hoofdzonden, barst van de ontuchtige voorstellingen, zonder dat er een haan naar kraaide. Alleen, in de vijftiende eeuw had de prentenindustrie zich nog niet ontwikkeld. Bosch maakte alleen schilderijen, unieke stukken, uitgelegd als morele waarschuwingen en slechts genoten in de beslotenheid van kerkelijke en koninklijke instanties. Cock rook zijn kans en bracht de pikante beelden, onder de vorm van prenten die profiteerden van de roep van Bosch, massaal in omloop. Cock had de kluit al belazerd toen hij op de prent De grote vissen eten de kleine de signatuur van Bosch liet aanbrengen, terwijl de originele tekening duidelijk door Bruegel is gesigneerd. Die excelleerde zozeer in het nadoen van zijn grote voorbeeld dat zijn eigen faam al snel gevestigd was als 'de tweede Bosch'. Voor een reeks van De zeven deugden hield hij op met imiteren en inspireerde zich op laatmiddeleeuwse miniaturen en wandtapijten. Even voortreffelijk, een stuk minder opwindend.