Het heeft een poos geduurd maar de Hollandse schilderijen van de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België (KMSKB) kunnen opnieuw worden getoond in een volwaardige vleugel, opgefrist en alles. Tijdens de lange wachttijd kregen tal van stukken ook een oplapbeurt. De vreugde om de heropening wordt luister bijgezet door de tijdelijke expositie van het grote portret van de welvarende familie Van Campen door Frans Hals (1625), althans van drie van de vier fragmenten uit het oorspronkelijke schilderij.

Het doek werd immers ooit door onverlaten versneden, misschien omdat het te groot was om in de huiskamer van een koper te hangen, of wie weet omdat vier schilderijen meer opbrengen dan één enkel. Men moet bedenken dat het portret zijn sentimentele waarde verloor toen het eenmaal het familiebezit verliet en niemand vader en moeder Van Campen en hun 14 kinderen nog kende, terwijl de puur schilderkunstige kwaliteiten almaar hoger werden aangeslagen.

Het museum van Toledo (Ohio) bezit het grootste van de overgebleven stukken, met vader en moeder en zes kinderen van wie er vijf geschilderd zijn door Hals, een nakomertje door Salomon de Bray. Een kleiner fragment, ook wel De bokkenwagen genoemd , is in handen van de KMSKB. Tot voor de restauratie stonden er drie kinderen volledig op afgebeeld. Het halve hoofd van een vierde was door de onverlaten overschilderd om te verbergen dat het oorspronkelijk deel uitmaakte van een groter geheel. Toen het hoofd weer werd blootgelegd, kon het worden gelinkt aan het portret van een jongen, beland in een Belgische privécollectie.

Hals is de uitvinder van de spontaneïteit in het groepsportet.

Op het vierde, verdwenen deel van het puzzelschilderij stonden vermoedelijk de twee resterende kinderen van het gezin. Een virtuele simulatie ervan in Photoshop ziet er alleszins verleidelijk uit. Zo kan KMSKB-conservator Liesbeth De Belie de expo terecht bestempelen als de reconstructie van een familiereünie. Lawrence Nichols van het museum van Toledo omschrijft Hals als de uitvinder van de spontaneïteit in het genre van het groepsportret.

Twee andere portretten van Hals, beide uit de Hollandse Collectie van de KMSKB, ogen anders behoorlijk statig en streng, zoals het hoorde voor de burgerlijke, protestantse elite in de nieuwbakken republiek. Johannes Hoornbeek; hoogleraar, en Willem van Heythuysen, directeur van een verzorgingstehuis, bekleden hun rechtmatige plaats in de portrettengalerij waarmee de nieuwe presentatie opent. De ereplaats is evenwel weggelegd voor wolhandelaar Nicolaes van Bambeeck, gekonterfeit door Rembrandt.

De 75 (straks 96) geëxposeerde schilderijen op een totaal van 320 zijn per genre gegroepeerd en stammen alle uit de 'gouden' zeventiende eeuw. In de ratings hoort de collectie slechts bij de subtop, maar de verrassingen zijn zonder tal. Voor de vuist weg: een adorabel bloemstilleven van Jan Davidsz. de Heem, teruggekeerd uit de privévertrekken van koningin Fabiola; een scabreuze afschildering van de avances van een oude dronkaard door Aert de Gelder; een prettig ingekleurd, fijn schilderijtje van een overval op een konvooi door Esaias van de Velde, in 1944 rechtmatig gekocht door Adolf Hitler en nog in hetzelfde jaar door de Amerikanen gered uit de zoutmijnen van Altaussee.

Het toetje bij deze Hollandse Lente bestaat uit een Kabinet der Heerlijkste Tekenwerken, 80 18de -eeuwse Hollandse tekeningen uit de eigen verzameling.

Tot 19 mei.

Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.