Plotselinge hoge koorts, koude rillingen, hoofdpijn, spierpijn en een droge hoest. Dat zijn, in het kort, de symptomen die wijzen op griep. Bij ouderen en mensen met een zwakke gezondheid kan een longontsteking de ziekte compliceren. Daarom is vaccinatie zo belangrijk. Het risico op overlijden door griep, in het bijzonder door de complicaties ervan, wordt vaak onderschat. Nochtans is de kans om aan griep te sterven groter dan de kans het leven te laten in een verkeersongeval.
...

Plotselinge hoge koorts, koude rillingen, hoofdpijn, spierpijn en een droge hoest. Dat zijn, in het kort, de symptomen die wijzen op griep. Bij ouderen en mensen met een zwakke gezondheid kan een longontsteking de ziekte compliceren. Daarom is vaccinatie zo belangrijk. Het risico op overlijden door griep, in het bijzonder door de complicaties ervan, wordt vaak onderschat. Nochtans is de kans om aan griep te sterven groter dan de kans het leven te laten in een verkeersongeval. Griep komt vooral in de winter voor en wordt veroorzaakt door het zeer besmettelijke influenzavirus. Overdracht van het virus is heel eenvoudig en haast niet te voorkomen. Mensen die besmet zijn, ademen het virus uit of verspreiden het bij hoesten en niezen via speekseldruppeltjes. Wie voldoende weerstand heeft, wordt dan niet noodzakelijkerwijze ziek. In andere gevallen leidt de besmetting binnen de twee weken tot griep. Hoe lager de weerstand, hoe sneller men ziek wordt. Tijdens een normale griepepidemie wordt in ons land zo'n vijf tot twaalf procent van de mensen ziek. Het kan ook erger. Wanneer er sprake is van een enorme epidemie, ligt zo'n twintig tot veertig procent van de mensen ziek in bed. Een dergelijk groot ziekteverzuim kan een land economisch ontwrichten. Epidemieën van zulke omvang komen gelukkig slechts zelden voor. Wanneer een epidemie grote delen van de wereld teistert, spreekt men van een pandemie. Een griepepidemie of -pandemie krijgt de naam van de plaats waar hij voor het eerst is waargenomen. De wereldomvattende griepepidemie of eigenlijk -pandemie van 1918-1919, waarbij 21 miljoen mensen om het leven kwamen, werd de Spaanse griep genoemd. De Spaanse griep joeg met een ongewone snelheid en vernietigingskracht over de aardbol. Waar de ziekte precies is begonnen, is niet duidelijk. De griep verspreidde zich met zeer grote snelheid door de wereld. Vanuit de Verenigde Staten naar het Oosten en van daaruit terug naar het westelijke halfrond. De Eerste Wereldoorlog was nog aan de gang en door de censuur werd aanvankelijk weinig over de ziekte bericht. Alleen in Spanje, dat niet aan de oorlog deelnam, besteedde de pers veel aandacht aan de epidemie. De virusziekte werd in andere landen daarom de Spaanse griep genoemd. Aangenomen wordt dat de oorzaak van de Spaanse griep een gemuteerd varkensvirus uit China was. De griep begon met hoge koorts, hoesten, spierpijn en keelpijn, gevolgd door extreme moeheid en flauwtes. Wie erdoor getroffen was, verloor zoveel energie dat hij of zij niet meer kon eten en drinken. De ademhaling werd steeds moeilijker, gevolgd door de dood. Gruwelverhalen over de griep deden de ronde: een man hield een taxi aan, maar voordat hij kon instappen, was hij dood, een keeper van een voetbalploeg greep een bal uit de lucht en toen hij op de grond terechtkwam, was hij dood door de Spaanse griep. Ook de Amerikaanse president Woodrow Wilson kreeg de Spaanse griep tijdens de onderhandelingen in Versailles in 1919, maar hij herstelde. Sommige historici stellen dat door zijn afwezigheid bij verschillende besprekingen de eisen aan het verslagen Duitsland strenger waren. Er kwamen veel nepmedicijnen op de markt, die beloofden de Spaanse griep te kunnen voorkomen of die de griep zouden kunnen genezen. Een effectief medicijn was evenwel niet voorradig. Geschat is dat meer dan een half miljard mensen de ziekte hebben opgelopen. In India alleen al stierven 10 miljoen mensen aan de Spaanse griep. In totaal stierven tussen de 20 en 40 miljoen mensen tijdens de pandemie. Van de Amerikaanse soldaten in Europa stierf in 1918 de helft aan de Spaanse griep. Bij een normale griep worden vooral ouderen en anderen met een lage weerstand getroffen. Niet bij de Spaanse griep: het waren vooral de mensen in de leeftijdsgroep 20-40 jaar die overleden. In het voorjaar van 1919 was de griep uitgewoed. De Spaanse-grieppandemie was de ergste uit de 20e eeuw en op jaarbasis gezien dodelijker dan de pest, waar in een jaar gemiddeld 2 miljoen mensen aan stierven (20 à 40 miljoen in een jaar aan de Spaanse griep). De Aziatische griep die zich in 1957-1958 openbaarde, was veel minder legendarisch, maar kostte toch het leven aan bijna 100.000 mensen. De derde en laatste grieppandemie uit de 20e eeuw, de Hongkong-griep, sloeg toe in 1968-1969 en maakte eveneens enkele tienduizenden slachtoffers. De reden waarom griep van tijd tot tijd zo vernietigend uithaalt, heeft te maken met de aard van het beestje. Het griepvirus heeft de onhebbelijke gewoonte om voortdurend van gedaante te wisselen. Een virus bestaat uit een stukje genetisch materiaal, omgeven door een eiwitmantel. Deze eiwitten zijn niet alleen herkenningspunten voor het menselijke afweersysteem, maar vormen ook de basis van het griepvaccin. Omdat het wispelturige griepvirus regelmatig mutaties ondergaat, verandert de mantel voortdurend. Dat is de reden waarom ook het griepvaccin jaarlijks moet worden aangepast. De antistoffen die het ene jaar worden aangemaakt tegen het griepvirus zijn niet meer aangepast aan de griep van het jaar erop. We zijn dus nooit langdurig beschermd tegen griep. Het virus zet het menselijke immuunsysteem voortdurend op een dwaalspoor. De mutaties die optreden in het griepvirus hebben soms heel kleine en soms grote wijzigingen in de eiwitmantel tot gevolg. De kleine wijzigingen noemt men antigene drift en de grote veranderingen antigene shift. Een shift komt niet zo vaak voor, maar hij kan het gedrag van het griepvirus zodanig wijzigen dat bijna niemand ertegen bestand is. Gaat het bovendien om een variant die zeer besmettelijk is voor de mens, dan worden we met een pandemie geconfronteerd. De Spaanse griep volgde na een antigene shift, die resulteerde in een nieuw en agressief virus. Een pandemie, waarbij gemiddeld één op de drie mensen ziek zijn, de ziekenhuizen vol liggen en ongemeen veel sterfte optreedt, kan zonder overdrijven worden beschouwd als een ramp. Het is dan ook verstandig om zo goed mogelijk voorbereid te zijn op de chaos die met een pandemie gepaard gaat. Zo'n rampenplan heeft niet alleen tot doel de effecten van een pandemie te minimaliseren via vaccinatie en medicijnen, maar omvat tegelijkertijd een draaiboek waarin is aangegeven wie welke taken, verantwoordelijkheden en beslissingsbevoegdheden heeft in de verschillende fases van een pandemie. Men moet bijvoorbeeld plannen dat vitale diensten - zoals hulpverlening, openbare orde en veiligheid, kerncentrales, afvalverwerking, en dergelijke meer - blijven functioneren, ondanks een zeer hoog ziekteverzuim. Een pandemie doet zich gemiddeld om de dertig jaar voor. Omdat de laatste grieppandemie, de Hongkong-griep, eind jaren '60 woedde, wordt sinds enkele jaren een nieuwe pandemie voorspeld. Het blijft echter een theoretisch risico. Geen enkele wetenschapper kan de komst van een nieuwe pandemie precies voorspellen. Het kan ons bij wijze van spreken zowel morgen overkomen als over 100 jaar. Toch hebben griepexperts al sinds enkele jaren een noodplan klaar voor een mogelijke grieppandemie. In veel westerse landen houden griepexperts pleidooien om budgetten vrij te maken voor het uitwerken van een coherent rampenplan. Het zou de eerste keer in de geschiedenis zijn dat men de gevolgen van een ernstige grieppandemie kan beperken. We beschikken vandaag over de mogelijkheid om snel vaccins te ontwikkelen en sinds enkele jaren hebben we antivirale medicijnen die een beginnende griep snel de kop indrukken. Griep verspreidt zich razendsnel, en het vraagt enkele maanden om een aangepast vaccin te maken. In laboratoria over de hele wereld wordt voortdurend gezocht naar nieuwe varianten van het griepvirus. Op basis van dat onderzoek wordt ieder jaar in februari door de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) een advies uitgebracht over de samenstelling van het vaccin voor de aankomende winter. Van zodra die samenstelling bekend is, wordt gestart met de ontwikkeling van een nieuw griepvaccin. Elk jaar opnieuw is het een race tegen de tijd om het nieuwe vaccin snel te ontwikkelen, te verspreiden en zoveel mogelijk risicopersonen te vaccineren, nog vóór zij geveld worden door de nieuwe griep. In geval van een pandemie moeten veel meer vaccins worden geproduceerd dan bij een gewone epidemie, waardoor kostbare tijd verloren gaat. We weten nu al dat de productie, die zeker enkele maanden in beslag zal nemen, voor een aantal mensen te laat zal komen. Men kan ook antivirale middelen toedienen aan mensen met griep. Wanneer die medicijnen ingenomen worden binnen de 48 uur na de eerste symptomen, wordt de ziekteduur ingekort en is het risico op complicaties kleiner. Maar voorlopig beschikt geen enkel Europees land over een voldoende grote voorraad antivirale middelen om een pandemie op te vangen. Ook in België, waar het onderzoek naar een haalbaar rampenplan vol-op aan de gang is, is de voorraad antivi-rale middelen te klein. Bovendien zijn die medicijnen zeer duur en moet voldoende geld worden uitgetrokken om een grote stock aan te leggen. Marleen Finoulstwe hebben meer kans te sterven aan griep dan door een verkeersongeval.