Mevrouw Van Paemel, premier Verhofstadt heeft in Kigali, aan de nabestaanden van de tien vermoorde para's en aan het Rwandese volk, zijn excuses aangeboden voor de fouten die België en de internationale gemeenschap gemaakt hebben voor en tijdens de genocide van 1994.
...

Mevrouw Van Paemel, premier Verhofstadt heeft in Kigali, aan de nabestaanden van de tien vermoorde para's en aan het Rwandese volk, zijn excuses aangeboden voor de fouten die België en de internationale gemeenschap gemaakt hebben voor en tijdens de genocide van 1994.Monika Van Paemel: Een mooi gebaar dat getuigt van staatsmanschap. Ik geloof in de oprechtheid ervan, omdat Verhofstadt via zijn werk in de Rwandacommissie persoonlijk sterk is aangegrepen door dit drama. De officiële erkenning van fouten is belangrijk voor de nabestaanden van alle slachtoffers, zowel van de vermoorde para's als van de bij de genocide omgekomen Rwandezen. Deze schuldbekentenis kan helpen bij de verwerking van het rouwproces. Want het is vreselijk te moeten blijven leven met het gevoel dat de dood van een geliefde niet is 'afgesloten'. Naast het persoonlijke is er ook het politieke aspect van het initiatief van Verhofstadt. Het is in de politiek niet gemakkelijk om een moreel standpunt in te nemen, omdat praktische complicaties een consequente houding in de weg staan. Waarom treed je op in Kosovo, en niet in Tsjetsjenië? Waarom help je op de ene plaats de slachtoffers van een hongersnood, en laat je elders die van een overstroming verdrinken? Zo zijn ook de meeste Afrikaanse kwesties complex, zeker voor wie een niet verwerkt koloniaal verleden meezeult. De VN zijn in '94 in Rwanda geconfronteerd met de beperkingen van hun peacekeepingoperaties. Er wordt een gewapende macht gestuurd, maar de soldaten hebben niet de logistieke steun die in een oorlog vereist is. Ze zijn, zoals meermaals is gebleken, zelf niet voldoende beschermd en ze zijn niet bij machte om passend tussenbeide te komen in geweldsituaties. Daarom zijn VN-missies in conflictgebieden vaak dubbelzinnig en onverantwoord. Srebrenica is een flagrant voorbeeld, Rwanda evenzeer. De Belgische overheid heeft haar manschappen onvoldoende voorbereid en uitgerust, en de VN treft minstens evenveel schuld. Het siert Verhofstadt dat hij openlijk toegeeft dat de politiek een inschattingsfout heeft gemaakt. Het gevaar van zijn knieval was dat hij die moest doen tegenover Paul Kagame, wiens echte rol in de genocide niet is uitgeklaard, en die op ditzelfde moment de mensenrechten schendt in zijn eigen land en in Oost-Congo. Uit de verslaggeving over de plechtigheid in Kigali maak ik op dat de premier erin geslaagd is zijn verklaring genuanceerd af te leggen, zonder het FPR-regime in de kaart te spelen. Hij had ook twee ministers meegenomen die de politieke gesprekken konden voeren, zodat de Belgische premier voldoende afstand van Kagame kon houden. Tezelfdertijd heeft hij hem de verantwoordelijkheid toegeschoven om voor vrede te ijveren, in Rwanda en in Congo. Ik heb de indruk dat Verhofstadt deze delicate opdracht tot een goed einde heeft gebracht, wat zijn nationaal en internationaal prestige ten goede zal komen.Op de top tussen Europese en Afrikaanse landen in Caïro heeft Europa zijn traditioneel discours gehouden. De Afrikanen kwamen met scherpe verwijten.Van Paemel: De verhoudingen tussen Europa en Afrika blijven in vele opzichten scheef hangen. Het rijke Westen gooit als vanouds wat kruimels hulp als de televisiebeelden te schrijnend worden. En de Afrikaanse leiders blijven de mensen voorhouden dat hun ellende de schuld is van het Westen. Dat is gedeeltelijk waar. Kolonialisten en westerse concerns blijven veel geld uit wingewest Afrika halen, zonder dat er structurele verbeteringen komen ten gunste van de bewoners. En heel wat ontwikkelingshulp blijft vertrekken van het idee dat Afrika een onderontwikkeld gebied is, waar ze nog veel moeten leren van techniek, organisatie en democratie. Terwijl in Afrika net zoveel talent en competentie is als hier. Maar anderzijds roepen landen die in de sores zitten nogal snel dat het andermans schuld is, en dat ze recht hebben op ongelimiteerde hulp. Ze eisen bijna het recht op ellende op. Maar ze schuiven vooral hun verantwoordelijkheid af. Ik was verheugd over de vrije tribune van professor Zana Etambala in De Standaard, waarin hij schrijft dat de Afrikanen dringend hun eigen plunderaars eens moeten ontmaskeren. En dat ze moeten beseffen dat de Museveni's, Kagame's en Buyoya's bloed aan hun handen hebben. De driejaarlijkse hongerbeelden uit Ethiopië zetten een nieuwe hulpactie in gang.Van Paemel: Ethiopië is een stuitend voorbeeld. Terwijl de bevolking sterft van de honger, voert de regering een geldverslindende oorlog tegen Eritrea. Hoe kan je in die omstandigheden een bloeiende landbouw tot stand brengen? Goedbedoelde hulpacties kunnen op de duur nefast worden. Cru gesteld: wat wij doen is stervende kinderen net genoeg brood geven om weer op hun benen te kunnen staan, zodat ze met een door ons geleverd geweer om de hals naar het front kunnen. Om daar te worden vermoord door een troep wilden die stijf staan van de hasj. We leveren de wapens die ervoor zorgen dat we hulp moeten blijven verlenen. Dat zijn meteen twee westerse industrietakken die van dat dubbelzinnige spel profiteren. Moeten we dan geen hulp sturen? Toch wel, maar er moeten krachtiger voorwaarden aan worden verbonden. En men mag de mensen ter plaatse wat luider vertellen dat hun miserie in grote mate veroorzaakt wordt door hun oorlogszuchtige of corrupte presidenten. Het Joegoslaviëtribunaal heeft Momcilo Krajisnik laten arresteren, de nummer twee van de Bosnische Serviërs.Van Paemel: Dat tribunaal levert schitterend werk. Het probeert paal en perk te stellen aan het normloos gedrag waaraan vele oorlogvoerende partijen zich schuldig maken. Ook Radovan Krstic, de rechterhand van generaal Mladic, is al opgepakt. Zowel de militaire als de politieke nummer twee van de Bosnische Serviërs zijn dus gearresteerd. Eén stapje verder, en we zijn wel degelijk bij de hoogste twee: Mladic en Karadzic. Alleen vrees ik dat Karadzic wordt geliquideerd, nog vóór hij kan worden aangehouden. Stel je voor dat hij uit de biecht klapt. Een ongelukje of een moord, daarvoor draaien ze in Joegoslavië hun hand niet om. Milosevic heeft Karadzic opgegeven. De bescherming die hij genoot, en die veel geld kostte, is weggevallen. Mocht hij voortijdig verdwijnen, dan kan het Joegoslaviëtribunaal zijn werk niet helemaal afmaken. Een andere dreiging is dat de gevechten in ex-Joegoslavië elke dag opnieuw kunnen losbarsten. Ik vertrouw de Amerikanen daarin niet. Zij hebben op dit moment één doel voor ogen: de scheepvaart op de Donau weer vlot krijgen. Als ze daartoe een nieuwe oorlog tegen Belgrado moeten ontketenen, zullen ze het niet nalaten. Madeleine Albright heeft in Tsjechië besprekingen gevoerd met de Servische oppositie, die eerlijk gezegd geen spat beter is dan de clan Milosevic. Op het terrein prediken de Amerikanen de opstand bij de Albanese minderheid in Zuid-Servië, die goed bewapend is en in de rug de steun voelt van het UÇK. Ze doen hetzelfde in Vojvodina. Aan de andere kant heb je de Serviërs, voor wie oorlog een stuk van hun cultuur is, en die zich al eeuwenlang koesteren in hun vele heroïsche nederlagen. Voeg daarbij dat dictators als Milosevic hun positie langer kunnen vrijwaren met een externe dan met een interne vijand. Combineer dat met een op wraak en macht belust UÇK, dat helemaal niet ontwapend is. Houd in gedachten dat Montenegro, ook al met steun van de Verenigde Staten, zijn afscheuring voorbereidt. Je hebt dus alle ingrediënten voor een nieuwe oorlog. De Albanezen vermoorden een paar Serviërs, de Serviërs houden een raid op een Albanees dorpje, de camera's erbij om wat vertekende beelden de wereld rond te sturen, en we zijn weer vertrokken. En dat in een gebied, waar ook Belgische militairen zitten. De Amerikanen spelen op de Balkan een gevaarlijk spel. Als ze daar vrede willen, zullen ze het anders moeten aanpakken. De oplossingen die ze met hun typische bevoogdende en commerciële blik aandragen, werken niet. In Bosnië is het nooit slechter geweest dan nu. De Bosniërs leven in de goorste armoede. En het islamitisch fundamentalisme krijgt, zeker in Herzegovina, steeds vastere voet aan de grond. Nu Zagreb na de dood van Tudjman wat minder aanspraak op 'zijn' deel van Bosnië lijkt te maken, is het de allerhoogste tijd om daar met fatsoenlijk opbouwwerk te beginnen. Geef de mensen werk, een woning, eten en drinken, zodat er weer een min of meer normale maatschappij kan ontstaan. Idem voor Kosovo. Maar op de achtergrond spelen wellicht andere strategische plannen.De raadsleden van de Raad van Europa vragen quasi unaniem om Rusland uit te sluiten, vanwege de oorlog in Tsjetsjenië.Van Paemel: Het was hoog tijd dat er een krachtig signaal aan de Russen werd gegeven. Ook VN-vluchtelingencommissaris Mary Robinson heeft Moskou vorige week de levieten gelezen. Net als het Joegoslavië-tribunaal en de Kigali-toespraak van Verhofstadt, zie ik dat als tekenen dat het schip van de internationale politiek eindelijk begint te keren. De internationale gemeenschap laat voelen dat niemand ongestraft oorlogsmisdaden kan begaan. Wie Kosovo niet duldt, kan ook Tsjetsjenië niet dulden. Het gaat twee keer om een centraal regime dat met bruut geweld optreedt tegen een provincie die onafhankelijkheid vraagt. De Tsjetsjenen gaan ook als wilden tekeer, maar na vijf jaar oorlog wordt de gruwel nu eenmaal deel van je cultuur. De schending van de mensenrechten door het Russische leger, en de bestuurlijke chaos en de rechteloosheid in Rusland zelf, mogen best wat forser aan de kaak worden gesteld. Voor wat het waard is weigert de PEN-club Vlaanderen alvast aanwezig te zijn op het congres van de Internationale PEN-club in Moskou. Want denk maar niet dat er kans zal zijn om daar een kritische stem te laten horen. In Miami duurt het touwtrekken rond de zesjarige Cubaanse jongen Elián González voort.Van Paemel: Een karikatuur van Amerika, en een illustratie van de kleingeestigheid van de macht. Je gelooft bijna niet dat het echt is. Voor het kind zelf is het allemaal intriest, en het fanatisme waarmee de Cubaanse gemeenschap in Miami tekeergaat is huiveringwekkend. Ze maken er al een religieuze zaak van. Tegelijk merk je de woede van politiek Amerika, dat Cuba nooit op de knieën heeft gekregen. Bill Clinton en minister van Justitie Janet Reno pleiten er wel voor om dat jongetje met zijn vader terug naar Cuba te laten gaan, maar tussen de Cubaanse ballingen in Miami en de regering in Washington bestaat een nauwe band. De ballingen vormen een machtige lobbygroep die bij de verkiezingen gewicht in de schaal legt, en ze krijgen op hun beurt alle steun van de regering omdat ze een pijl op het hart van het Castro-regime blijven. De dag dat Castro sterft steken ze over naar Havana en grijpen er de macht. Als een goed bewapende, goed georganiseerde, en goed gefinancierde vijfde kolonne van Washington. Tegen die achtergrond tonen beide partijen, regering en ballingen, mekaar even hun spieren ten koste van dat arme kind. Maar in feite staan ze aan dezelfde kant. En hoe zielig is de oude aartsvader Fidel, die maar geen afstand wil doen van de macht? Op geen enkele manier maakt hij zijn opvolging mogelijk. Waardoor na zijn verdwijnen Cuba klaar zal liggen voor wie het wil grijpen. De vijand uit Miami in de eerste plaats. Het communistisch systeem in Cuba is versleten. Het hangt met ijzerdraad en elastiek aan elkaar, zoals de auto's in de straten van Havana. Maar dictators als Castro, Saddam Hoessein, Milosevic en anderen, hebben maar één doel voor ogen: hun eigen machtspositie in stand houden. Daar offeren ze zonder scrupules het welzijn van al hun burgers aan op. Desnoods kiezen ze voor een uitzichtloze oorlog. De bedoeling is niet te winnen of het landsbestuur te verbeteren, de bedoeling is louter aan de macht te blijven. Ten koste van alles en iedereen.MONIKA VAN PAEMELKoen Meulenaere