De keizers van de Wetstraat hebben al lang geen kleren meer aan. Gelukkig toont de bevolking nog wat mededogen en kijkt ze, voorlopig toch, schroomvol weg.
...

De keizers van de Wetstraat hebben al lang geen kleren meer aan. Gelukkig toont de bevolking nog wat mededogen en kijkt ze, voorlopig toch, schroomvol weg. De schamelheid van de federale overheid blijkt uit de cijfers. Zo moet de federale regering naar eigen zeggen 7 miljard euro zien te vinden om haar begrotingstekort tot 4 procent van het bbp te beperken. Wat neerkomt op een gigantische inspanning, die de bevolking zwaar zal treffen. De federale inkomsten bedragen jaarlijks zo'n 92 miljard euro. Daarvan houdt de federale regering goed 25 miljard euro over voor haar belangrijkste taken. Het overige geld wordt meteen doorgesluisd naar de gewesten en de gemeenschappen, naar de so-ciale zekerheid en de afbetaling van de rentelasten. Bijgevolg zou de federale overheid die besparing van 7 miljard euro moeten halen uit de 25 miljard euro die haar nog rest. Wie hoopt dat gewesten en gemeenschappen hun deel van de lasten zullen dragen, die droomt. Want zelfs de Vlaamse Gemeenschap heeft de komende twee jaar geen euro overschot. Franstalig België zit al helemaal op het tandvlees en teert voor een stuk op allerhande ondergrondse financieringen uit de federale pot, via het bankroete hoofdstedelijk gewest naar de Franse Gemeenschap. In die benarde financiële omstandigheden denkt federaal premier Herman Van Rompuy er niet over te starten met de hervorming van de financieringswet om het federale platform te versterken. Want dat betekent middelen ontnemen aan de - op Vlaanderen na - armlastige deelgebieden. Zolang de grote politieke families de hand van hun Belgische gouvernante niet los durven te laten, heeft een federale premier geen andere keus dan pappen en nat houden. Met andere woorden: geld lenen, de zo al loodzware fiscale lasten nog verhogen en steeds dieper snijden in de sociale voorzieningen. Dat allemaal in de hoop de federale boel bij elkaar te houden. Of dat laatste ook zal lukken, is maar de vraag. Want in de nacht van 7 juni, na een verkiezingsnederlaag die in één klap het hele Open VLD-avontuur wegveegde en de Vlaamse liberalen terugsloeg naar de tijd van Omer Vanaudenhove, is dienstdoend voorzitter Guy Verhofstadt begonnen aan zijn revanche. In zijn eigen partij wordt de generatie die met hem de Open VLD opbouwde, zonder pardon uitgerangeerd. Minister van Buitenlandse Zaken Karel De Gucht, die het vaakst het zo geprezen maar veelal verwoestende voluntarisme van Verhofstadt ontmaskerde, moet dringend aan de kant. Diens partijpolitieke uitschakeling is zelfs een prioriteit voor Verhofstadt. Patrick Dewael, slachtoffer van zijn eigen oblomovisme, is al aan de kant. Hij zit nu vorstelijk betaald doch doelloos voor zich uit te staren op de voorzittersstoel van de Kamer van Volksvertegenwoordigers. Bart Somers biedt nu al geen weerstand meer, want hij schoot zichzelf de afgelopen jaren zo vaak in de voet dat hij stilaan recht heeft op een invaliditeitsuitkering. Gesterkt door zijn persoonlijk succes bij de jongste Europese verkiezingen, stelt Verhofstadt al zijn hoop voor een electorale remonte van zijn Open VLD in de jongere, nog dociele generatie. Het uitsturen van Sven Gatz (nadat, vreemd genoeg, de CD&V-top vooraf was ingelicht over diens uitspraken in Terzake) met de aankondiging dat Open VLD voor alles een staatshervorming tot stand wil brengen, was een eerste aanzet tot de campagne voor de federale verkiezingen van 2011 - die voor Verhofstadt al is begonnen. Gatz echode perfect Verhofstadts eis voor een staatshervorming die de federatie versterkt én een oplossing biedt voor het probleem van Brussel-Halle-Vilvoorde. Hoe zo'n federatieversterkende staatshervorming, op wat constitutionele flauwiteiten als een federale kieskring na, er dan moet uitzien, zeggen ze er bij Open VLD niet bij. Uiteraard weet Guy Verhofstadt wel beter. Hij kent als geen ander de beroerde kasstaat die hijzelf het federale koninkrijk heeft nagelaten. De staatshervorming die hij en andere wijzen voorstellen, komt alleen maar neer op wat geschuifel met de leunstoelen op het dek van de Titanic. De gevaarlijkste politici zijn niet diegenen die blijven vasthouden aan vergissingen, maar wel zij die de waarheid negeren. door Rik Van Cauwelaert