De federale coalitie die coformateurs Charles Michel (MR) en Kris Peeters (CD&V) dezer dagen op poten trachten te zetten, wordt niet door iedereen op enthousiasme onthaald. Dat blijkt uit een enquête die werd uitgevoerd door het onderzoeksbureau iVox in opdracht van VTM. Zestig procent van de Franstaligen noemt het een probleem dat de MR de enige Franstalige regeringspartij zou zijn, met N-VA, CD&V en Open VLD als Vlaamse coalitiepartners.
...

De federale coalitie die coformateurs Charles Michel (MR) en Kris Peeters (CD&V) dezer dagen op poten trachten te zetten, wordt niet door iedereen op enthousiasme onthaald. Dat blijkt uit een enquête die werd uitgevoerd door het onderzoeksbureau iVox in opdracht van VTM. Zestig procent van de Franstaligen noemt het een probleem dat de MR de enige Franstalige regeringspartij zou zijn, met N-VA, CD&V en Open VLD als Vlaamse coalitiepartners. De aanstelling van een Franstalige premier als pasmunt lijkt de Franstaligen niet te kunnen overtuigen. Slechts 35 procent vindt dat de volgende premier Franstalig moet zijn, 39 procent heeft daarover geen mening. Het opmerkelijke feit dat Maggie De Block (Open VLD) volgens de Franstaligen de meest aangewezen persoon is om die Zweedse coalitie te leiden, meldde VTM al. Maar bijna even opvallend is dat de MR-kopstukken Didier Reynders (16 %) en Charles Michel (9 %) ook CD&V'er Kris Peeters (24 %) voor zich moeten dulden. Bij de Nederlandstaligen staat Peeters met bijna 48 procent afgetekend aan de leiding, voor Maggie De Block (22 %) en Bart De Wever (17 %). Een meerderheid van de Franstaligen denkt dat met de op stapel staande coalitie ook de kans verhoogt dat België zal worden gesplitst. Minder dan een vierde van de Vlamingen is die mening toegedaan. De verschillen tussen beide taalgroepen beperken zich echter niet alleen tot de communautaire kwesties. Terwijl 60 procent van de Vlamingen denkt dat een Zweedse coalitie een goede zaak zou zijn voor de economie, is slechts 38 procent van de Franstaligen daarvan overtuigd. Opvallend is wel dat iets meer Vlamingen (73 %) dan Franstaligen (70 %) zich zorgen maken dat de mogelijke besparingen van de nieuwe regering hen persoonlijk zullen raken. Twee derde van de Belgen denkt dat vooral de bedrijven zullen profiteren van een centrumrechts beleid en dat de budgettaire ingrepen vooral de zwaksten in de samenleving en de sociale sector zullen treffen. Ongeveer de helft van alle ondervraagden is ervan overtuigd dat de ongelijkheid tussen arm en rijk zal toenemen. Gevraagd naar de grootste uitdaging voor de volgende federale regering, schuiven beide taalgroepen werkgelegenheid naar voren. De Nederlandstaligen vinden daarna de pensioenen en de begroting bijna even belangrijk. In Franstalig België staat het samenleven tussen Vlamingen en Franstaligen op de tweede plaats. Ondanks de scepsis over de inhoud van de formatie bestaat er over één ding algemene opluchting: een grote meerderheid bij zowel de Vlamingen (85 %) als de Franstaligen (81 %) vindt het een goede zaak dat de federale regeringsvorming zo snel vooruitgaat. Hannes CattebekeSlechts 38 procent van de Franstaligen acht een Zweedse coalitie goed voor de economie.