Yves Desmet: Ik ben veroordeeld tot het betalen van een schadevergoeding aan iemand die ik geeneens vermeld heb in mijn stuk. Ik ben geen jurist, maar dat lijkt me een zeer ruime en zelfs een gevaarlijke interpretatie van morele schade, die bovendien totaal voorbijgaat aan de vrijheid van meningsuiting. Waarom mevrouw Liégeois uitgerekend mij voor de rechter sleept, is me ook een raadsel. Als ik nu een totaal geïsoleerde mening had gegeven, maar de collega's van ...

Yves Desmet: Ik ben veroordeeld tot het betalen van een schadevergoeding aan iemand die ik geeneens vermeld heb in mijn stuk. Ik ben geen jurist, maar dat lijkt me een zeer ruime en zelfs een gevaarlijke interpretatie van morele schade, die bovendien totaal voorbijgaat aan de vrijheid van meningsuiting. Waarom mevrouw Liégeois uitgerekend mij voor de rechter sleept, is me ook een raadsel. Als ik nu een totaal geïsoleerde mening had gegeven, maar de collega's van De Tijd en De Standaard schreven krek hetzelfde. Kan de familie Liégeois mijn gezicht niet uitstaan? Wie zal het zeggen. Desmet: Toch wel wat, geef ik toe. Het heeft onmiskenbaar een chilling effect als je weet dat ieder woord dat je neerpent in de rechtbank onder de loep zal worden genomen. Niet dat ik het dossier-Liégeois terzijde schuif, maar ik ga mijn bronnen zeker extra checken voor een stuk naar de drukker mag. Ik vind nochtans niet dat ik in mijn oorspronkelijke column ondoordacht te werk ben gegaan. Er waren genoeg objectieve elementen voor mijn stelling. Die magistratenoorlog was heus geen fictie, de grote interne kritiek op hoe de procureur-generaal het dossier van de diamantfraude aanpakte, bestónd. Mag ik daar dan niet over schrijven zonder dat mevrouw Liégeois zich geschaad voelt? Haar man noemde uitkeringsfraude ooit 'het einde van de democratie', maar stuurt in een miljoenenzaak aan op een minnelijke schikking met de diamantlobby, hoewel zowat zijn hele eigen parket zich daar grote vragen bij stelde. 'Je zou het haast een schijn van partijdigheid kunnen noemen. Of, mocht het niet zo oudmodisch klinken, pure klassenjustitie', luidde de analyse in mijn column. Als ik dat als opiniemaker al niet meer mag schrijven... Weegt de vrijheid van meningsuiting dan zo licht? Dit was geen laster, hè. Dit was een opinie over het functioneren van de hoogste ambtenaar van Antwerpen. Als journalist heb ik toch het recht om die man te beoordelen op zijn werk? Desmet: Die conclusie zou je kunnen trekken. 'Hoe dit mogelijk is, begrijpen we echt niet', zeggen de magistraten in mijn kennissenkring. Voorlopig zie ik het als een uitschuiver van de Mechelse rechtbank. Maar stel dat het ongelooflijke gebeurt en men dit in beroep bevestigt, dan trek ik naar Europa. Er bestaat weinig twijfel over dat ik daar vroeg of laat in het gelijk gesteld word.