Lokale verkiezingen 2018: Hoe verschoof de macht?

© iStock
Herman Matthijs (UGent, VUB)

Professor Herman Matthijs (VUB, UGent) maakte een analyse van de verschoven machtsverhoudingen in de centrumsteden na de verkiezingen van 14 oktober.

Deze studie gaat over de verkiezingen van 2012 en 2018 en het bestuur in de dertien centrumsteden in Vlaanderen: Aalst (85.000 inwoners), Antwerpen (521.000), Brugge ( 118.000), Genk (66.000), Gent (259.000 ), Hasselt (77.000), Kortrijk (76.000), Leuven (101.000), Mechelen (86.000), Oostende (71.000), Roeselare (62.000), Sint-Niklaas (76.000) en Turnhout (44.000). Deze 13 van de 300 Vlaamse gemeenten zijn samen goed voor 1.642.000 inwoners, op een Vlaams totaal van 6,5 miljoen (situatie eind 2017). Een kwart (25%) van de Vlaamse inwoners woont in één van deze 13 centrumsteden.

(I) Aantal gemeenteraadsleden

De 13 centrumsteden verkozen in 2012 in totaal 559 gemeenteraadsleden. In 2018 werden er dat 565 in 2018 omdat Gent (van 51 naar 53), Leuven (van 45 naar 47) en Roeselare (van 37 naar 39) meer zetels krijgen omdat hun bevolking toenam. Deze zetels zijn als volgt verdeeld over de politiek partijen (procent t.a.v. totaal aantal zetels in de 13 centrumsteden):

N-VA: 148 zetels (26%) in 2012 en 132 (23%) in 2018 = min 16 zetels

SP.A : 121 zetels (21%) in 2012 en 84 (14%) in 2018 = min 37 zetels

(In 2012 SP.A inclusief 7/12 kartel te Sint-Niklaas, 15/26 kartel te Gent , 11/15 kartel te Hasselt, 6/7 kartel te Genk, allemaal kartels met Groen. En ook nog 12/17 kartel te Antwerpen met CD&V.)

(In 2018 SP.A inclusief 4/5 kartel te Genk, 7/11 kartel te Hasselt en 7/21 kartel te Gent, alle drie kartels met Groen.)

CD&V: 115 zetels (20%) in 2012 en 106 (18 %) in 2018 = min 9 zetels

Open VLD: 59 zetels (10%) in 2012 en 73 (13%) in 2018 = plus 14 zetels

(In 2012 Open VLD inclusief 8 van de 16 Mechelse leden van de Open VLD/Groen-fractie en één van de stadslijst te Turnhout )

(In 2018 inclusief 11/25 stadslijst Mechelen)

Groen: 58 zetels (10%) in 2012 en 84 (14%) in 2018 = plus 26 zetels

(In 2012: inclusief 8/16 kartel te Mechelen, 1/7 kartel Genk, 5/12 Sint-Niklaas, 11/26 Gent:, 4/15 Hasselt. De laatste vier kartels met SP.A en het eerste met Open VLD.)

(In 2018 inclusief 13/25 kartel te Mechelen met Open VLD, en kartels met SP.A in Hasselt: 4/11, Genk: 1/5 en Gent: 14/21.)

Vlaams Belang: 38 zetels (6%) in 2012 en 64 (11%) in 2018 = plus 26 zetels

PVDA: 7 zetels (1%) in 2012 en 14 (2%) in 2018 = plus 7 zetels

Lokale lijsten: 13 zetels in 2012 en 8 in 2018.

(2012: 6 voor TIM te Turnhout, 2 voor SOS2012 te Sint-Niklaas en 5/7 afgescheurde socialisten bij ‘A’ te Aalst )

(2018: 5 TIM te Turnhout, 1 Mechelen op de stadslijst als onafhankelijke en 2 te Aalst op de ‘A’ lijst )

Totaal: 559 zetels ( jaar 2012) en 565 (jaar 2018)

Conclusie uit het aantal gemeenteraadsleden

De N-VA behaalde het grootst aantal gemeenteraadsleden in 2012 in deze 13 centrumsteden, vóór de socialisten en de christendemocraten. Opvallend is dat deze drie partijen samen twee derde van alle raadsleden hebben behaald in 2012. De liberalen en de groenen volgen veel verder.

In 2018 verliezen de N-VA en het CD&V licht. Winst is er voor de Open VLD en het Vlaams Belang. De electorale klappen vallen bij de SP.A. De socialisten zakken naar de derde plaats en worden daar bijgehaald door Groen.

In 2012 haalde de traditionele partijen (CD&V, Open VLD, SP.A) samen nog 51 procent van de zetels in de Vlaamse centrumsteden, in 2018 daalde dat naar 45 procent. De drie federale/Vlaamse regeringspartijen (N-VA, CD&V en Open VLD) behaalden in 2012 ongeveer 56 procent van de zetels en in 2018 54 procent.

Als we de partijen opdelen volgens het klassieke links-rechts schema, zien we de volgende evolutie tussen 2012 en 2018:

– links (SP.A, Groen en PVDA) ging van 186 (32 procent) naar 182 zetels (30 procent). Het massieve verlies van de SP.A wordt grotendeels goedgemaakt door de winst van Groen en de PVDA.

– centrum/rechts ( CD&V, N-VA, Open VLD en Vlaams Belang) ging van 360 naar 375 zetels of van 62 procent naar 65 procent. Hier is er een interne verschuiving ten gunste van de Open VLD en het Vlaams Belang. Zonder het Vlaams Belang behaalde centrumrechts in 2012 56 procent van de zetels en 54 procent in 2018.

(II ) Kartels

SP.A en Groen kwamen in 2012 samen op te Genk, Gent, Hasselt en Sint-Niklaas. In 2018 gebeurt dit niet meer te Sint-Niklaas. Er was in 2012 een SP.A-CD&V kartel te Antwerpen. Dit barstte tijdens de formatiegesprekken, omdat het CD&V meeging in het huidige centrumrechtse bestuur onder leiding van Bart De Wever. Open VLD en Groen hadden en hebben samen een kartel te Mechelen.

Conclusie over de kartels

Vooral aan de linkerzijde werd en wordt er met kartels gewerkt. Maar in 2018 is er één minder dan in 2012 omwille van de breuk te Sint-Niklaas. Op basis van de uitslag van 14 oktober jongstleden is het opvallend dat de krachtverhoudingen zijn omgedraaid in enige kartels. Zo is Groen de dominerende factor te Gent (14/21 zetels) en zijn de socialisten de minderheid geworden (7 op 21). In Mechelen is de gelijkheid uit de vorige periode (Open VLD en Groen toen elk 8 van de 16) nu veranderd in een licht Groen overwicht (13 op 25 zetels).

(III) Waar werden zetels gehaald?

In 2012 behaalden alle Vlaamse partijen zetels in de 13 centrumsteden, behalve de PVDA enkel te Antwerpen en te Genk. Lokale lijsten zijn enkel succesvol te Aalst (afscheuring na de verkiezingen van de SP.A), Sint-Niklaas en Turnhout.

In 2018 zijn het CD&V, Groen, de N-VA, de SP.A en het Vlaams Belang vertegenwoordigd in alle 13 centrumsteden. De Open VLD heeft geen verkozenen meer te Genk en de PVDA behaalt geen verkozenen in de vier West-Vlaamse centrumsteden en ook niet in Aalst. Maar deze partij weet het aantal steden met verkozenen wel op te drijven van twee in 2012 naar acht in 2018.

De volgende analyse gaat in op het aantal verkozenen van de partijen in de 13 gemeenteraden.

N-VA

2012: behaalt het hoogst aantal zetels te Antwerpen: 23 op 55 of 42 procent van de zetels en het laagst aantal te Genk (7 op 39 of 18 procent) en Kortrijk (7 op 41 of 17 procent).

2018: het hoogst blijft Antwerpen 23 zetels op 55 of 42 procent, en het laagst te Kortrijk (4 op 41 of 9 procent) en te Brugge (5 op 47 of 10 procent).

Hier ziet men het verlies van N-VA in een aantal centrumsteden: Brugge (van 10 naar 5 zetels), Kortrijk (van 7 naar 4). Er werd ook verloren in Gent, Mechelen Oostende, Roeselare en Turnhout. De N-VA bleef status quo op een zeer hoog aantal zetels te Antwerpen De partij won wel zetels bij in Aalst, Genk, Hasselt, Leuven en Sint-Niklaas.

Balans: status quo: 1 centrumstad / verlies: 8 / winst: 4

SP.A

2012: SP.A behaalt de meeste zetels te Oostende (15 op 41 of 36 procent van de zetels) en het laagst aantal te Roeselare (5 op 37 of 13 procent). In kartel scoort de SP.A het beste met Groen in Gent met een meerderheid der zetels (16 op 51).

2018: het hoogst aantal zetels is er te Leuven (14 op 47 of 29 procent) en het laagst in Aalst en Mechelen (beiden 3 op 43 of 6 procent van de zetels)

Balans: status quo: 1 (Kortrijk ) / verlies: 11 / winst: 1 (Turnhout)

CD&V

2012: CD&V haalt in Genk haar beste score met 18 zetels op 39 (46 procent). Daartegenover staan de resultaten te Gent (4 op 51 of 7 procent) en Oostende (3 op 41 of 7 procent).

2018: de hoogste score zijn in Genk en Roeselare (18 op39 zetels of 46 procent) en de slechtste zetelscore te Antwerpen (3 op55 of 5 procent).

Balans: status quo: 3 (Gent, Genk en Oostende) / verlies: 8 / winst: 2 (Brugge en Roeselare)

Open VLD

2012: De liberalen behalen in Kortrijk hun beste resultaat met 9 zetels op 41 of 22 procent. In Turnhout is er de slechtste score met 1 op 35ztels of 2 procent der zetels en er wordt ook maar 1 zetel op 39 behaalt te Genk. In kartel scoort deze partij het best te Mechelen ( 6 op 41 zetels of 39 procent).

2018: Opnieuw is Kortrijk de beste score (15 op 41 zetels of 36 procent). Het slechts scoort Open VLD te Turnhout (1 zetel ) en Genk (van 1 naar 0 zetels ).

Balans: status quo: 5 ( Antwerpen, Hasselt, Roeselare, Sint-Niklaas en Turnhout / verlies: 3 ( Aalst, Genk en Leuven) / winst: 5 (Brugge, Gent, Kortrijk, Mechelen en Oostende.

Groen

2012: Groen behaalt zijn beste resultaat te Leuven (7 op 45 zetels of 15 procent). Het slechtste scoort ze in Aalst (2 zetels op 43 of 4 procent). In kartel geldt voor Groen, hetzelfde als voor de SP.A, de meerderheid te Gent.

2018: Groen haalt zijn beste scores via de kartels en dat zijn in Gent (14 op 53 zetels of 26 procent) en Mechelen (13 op 43 zetels of 30 procent). Het laagste resultaat is er in Kortrijk (4 op 41 zetels of 9 procent.

Balans: status quo : 2 (Roeselare en Turnhout) / verlies: 3 (Genk, Hasselt en Sint-Niklaas) / winst: 8 met inbegrip van Gent , waar het kartel wel verliest (van 26 naar 21) maar de Groenen stijgen (van 11 naar 14). In dit Gentse kartel gaat de SP.A van 15 naar 7 zetels.

Vlaams Belang

2012: De partij had in 2012 in alle 13 centrumsteden minstens één zetel in de gemeenteraad. De beste score was te Sint-Niklaas ( 5 zetels op 41 of 12 procent).

2018: De partij wint zetels bij in elf centrumsteden met als beste score Turnhout (7 zetels op 35 of 20 procent)

Balans: status quo: 2 (Genk en Leuven) / verlies: 0 / winst: 11

(IV) Soorten coalities

Na de verkiezingen van 2012 kwamen er in de 13 centrumsteden liefst 10 soorten coalities tot stand tussen N-VA, SP.A, CD&V, Open VLD en Groen.

N-VA met Open VLD en CD&V: Antwerpen

N-VA met SP.A en Groen: Sint-Niklaas

N-VA met CD&V: Aalst ( en met deel socialisten)

N-VA met Open VLD en SP.A: Kortrijk

N-VA met Open VLD en Groen en CD&V: Mechelen

SP.A met Open VLD en CD&V: Oostende

SP.A met Groen en CD&V: Genk, Hasselt, Roeselare

Lokale lijst (TIM) met CD&V en SP.A en Groen: Turnhout

SP.A met Groen en Open VLD: Gent

SP.A met CD&V: Brugge en Leuven

Opvallend is dat er enkel in twee centrumsteden (Brugge en Leuven) kon worden bestuurd met een twee partijen coalitie. Ook valt het op dat de traditionele tripartite enkel werd gebruikt in Oostende. De meest populaire combinatie was de linkse coalitie CD&V met SP.A en Groen (viermaal en met TIM te Turnhout )

Vanaf 1 januari 2019 krijgen we minstens acht soorten coalities binnen de 13 centrumsteden, maar we kennen de coalities nog niet te Antwerpen, Gent en Oostende.

CD&V met SP.A en Open VLD : Brugge

CD&V met SP.A en Groen: Genk, Leuven en Roeselare

Open VLD met Groen (kartel): Mechelen

Open VLD met SP.A en N-VA: Kortrijk

N-VA met SP.A en Groen en Open VLD: Hasselt

N-VA met SP.A en CD&V en Groen: Turnhout

N-VA met Open VLD en Groen: Sint-Niklaas

N-VA met Open VLD en CD&V: Aalst

Wat is er nog mogelijk in Antwerpen, Gent en Oostende?

Antwerpen: N-VA met Open VLD en CD&V ( bestaande coalitie en à la Aalst), of N-VA met Groen of Open VLD ( à la Sint-Niklaas ), of N-VA met CD&V en Groen (bestaat nog niet), of N-VA met Open VLD en SP.A (bestaat nog niet), of N-VA met SP.A en het CD&V (bestaat ook nog niet).

Gent: Open VLD met CD&V en SP.A en Groen (bestaat nog niet), kartel en Open VLD ( bestaat nog niet), Open VLD met Groen (à la Mechelen), Open VLD met Groen en CD&V (bestaat nog niet).

Oostende: coalitie rond de SP.A en Open VLD met nog een derde partij. Kan ook zonder de SP.A, maar dan met vier partijen.

Een eerste conclusie is dat er in 2019 nog meer soorten coalities gaan zijn dan in de periode 2012-2018.

Dat geeft dan ook het volgende beeld ten aanzien van de macht in deze 13 centrumsteden .

– CD&V:

2012: zit in 10 besturen (niet in Gent, Kortrijk en Sint-Niklaas)

2018: zit zeker in 6 besturen en daar kunnen Antwerpen, Gent en/of Oostende nog bijkomen ( niet in Hasselt, Kortrijk, Mechelen en Sint-Niklaas)

– SP.A:

2012: zit in 10 besturen ( niet: Aalst, Antwerpen en Mechelen

2018: zeker 6 besturen (Mogelijk nog Antwerpen, Gent , Oostende ) (niet: Aalst, Hasselt, Mechelen ,Sint-Niklaas )

– Groen:

2012: zit in 7 besturen (niet: Aalst, Antwerpen, Brugge, Kortrijk, Leuven en Oostende)

2018: zit zeker in 8 besturen, en daar kunnen Antwerpen en Oostende bijkomen (niet in Aalst, Brugge en Kortrijk )

– N-VA:

2012 : zit in 5 besturen (in Aalst, Antwerpen, Kortrijk, Mechelen en Sint-Niklaas)

2018: zit zeker 6 besturen (in Aalst, Antwerpen, Hasselt, Kortrijk, Sint-Niklaas en Turnhout). Oostende kan daar nog bijkomen.

– Open VLD:

2012: zit in 5 besturen (Antwerpen, Gent, Kortrijk, Mechelen, Oostende)

2018: zit zeker 7 besturen (Aalst, Brugge, Gent, Hasselt, Kortrijk, Mechelen en Sint-Niklaas). Daar kunnen Antwerpen en Oostende nog bijkomen.

Burgemeester?

Als we kijken naar welke partijen de burgemeester mogen leveren, vertalen deze coalities zich als volgt:

– CD&V:

2012: 3 (Genk, Hasselt en Roeselare)

2018: 3 (Brugge, Genk en Roeselare)

– SP.A:

2012: 4 (Brugge, Gent met kartel, Leuven en Oostende)

2018: 1 (Leuven)

– N-VA :

2012: 3 (Aalst, Antwerpen en Sint-Niklaas)

2018: 5 ( Aalst, Antwerpen, Hasselt, Sint-Niklaas en Turnhout)

– OVLD:

2012: 2 (Kortrijk, en Mechelen in kartel)

2018: 2 (Kortrijk, en Mechelen in kartel)

– lokale lijst:

2012: 1 (Turnhout)

2018: nihil

De burgemeesterssjerp van Gent en Oostende zijn nog niet toegewezen. Dat zou het aantal burgmeesters voor Open VLD kunnen doen stijgen naar 3 of 4, voor de SP.A naar 2 (Oostende), voor Groen naar 1 (Gent). De overige partijen hebben geen kans om nog een van die steden twee burgemeesterssjerpen te bemachtigen. In deze lijst ziet men goed de nederlaag van de socialisten en de opmars van de N-VA. Maar de grootste slag kan nog door Open VLD worden geslagen. Groen blijft qua burgmeesters zwak, en moet het hebben van een goede afloop te Gent. CD&V kan drie burgmeesters blijven behouden, door de sjerp van Brugge binnen te halen, na het verlies van Hasselt.

Conclusie over de coalities

De N-VA was de winnaar van 2012 in zetels, maar niet in de deelname aan het bestuur. De lokale macht bleef in handen van de socialisten en de christendemocraten. Opvallend is het groot aantal deelnames aan de macht vanwege Groen in verhouding tot hun zetelaantal. Uiteraard moet dat ook verklaard worden door de toen bestaande kartels met de SP.A.

In 2018 is de SP.A de verliezer van macht. N-VA, Open VLD en Groen nemen deel aan meer besturen van de 13 centrumsteden. Ook het CD&V moet inbinden. Het lijkt er dan ook op dat de traditionele macht in de centrumsteden van CD&V en SP.A wordt gebroken door de verkiezingen van 14 oktober 2018. Waar de SP.A in 2012 het hoogst aantal burgmeesters leverde (4 op 13), is ze nu de grootste verliezer (1 op 13). De N-VA leidt deze groep met 5 op 13. Maar Open VLD kan nog op de tweede plaats eindigen als ze de sjerp in Oostende en Gent binnenhaalt.

(V) Provincies: deelname aan bestendige deputaties

2012:

– CD&V met SP.A en Open VLD : in Oost-Vlaanderen en West-Vlaanderen

– N-VA met CD&V en SP.A : in Antwerpen

– CD&V met SP.A, Groen en Open VLD : Limburg ( kartel SP.A & Groen ) en Vlaams Brabant

Balans: CD&V = 5 op 5 provincies / SP.A = 5 op 5 / Open VLD = 4 op 5 / N-VA= 1 op 5 / Groen = 2 op 5

2018:

– N-VA en CD&V: in Antwerpen

– N-VA en CD&V en Open VLD: Limburg en Vlaams Brabant

– CD&V, SP.A en Open VLD: West Vlaanderen

– N-VA, Groen en CD&V : Oost Vlaanderen

Balans: CD&V: 5 op 5 provincies / N-VA = 4 op 5 / Open VLD: 3 op 5 / SP.A= 1 op 5 / groen= 1 op 5

Conclusie over de provincies

De macht in de vijf Vlaamse provincies kent een grondige hertekening na de stembusslag van 14 oktober jongstleden. Het CD&V kan zich op een hoog niveau handhaven en krijgt daar gezelschap van de N-VA. Dan volgt de Open VLD, die wel een bestendige deputatie verliest. De N-VA is de grootste winnaar naar machtsdeelname en dat voor een partij die de provincies wil afschaffen. De SP.A is de grootste verliezer, ze zakt van van 5 naar 1 deelname aan een bestendige deputatie. Ook Groen verliest aan macht. Deze laatste partij kan enkel nog deelnemen aan de provinciale macht in Oost-Vlaanderen en dit dankzij een alliantie met de N-VA.

Opvallend is dat er maar één provincie dezelfde coalitie behoudt: West-Vlaanderen. Alleen in Antwerpen is er een twee partijen coalitie en dat is daar mogelijk door de hoge score van de N-VA. Een ander opvallend gegeven is het feit dat er maar één traditionele tripartite is gevormd voor de bestendige deputatie: West-Vlaanderen.

Door de halvering van het aantal provincieraadsleden, zijn er voortaan nog 175 leden en dit verspreid over de vijf Raden (4 maal 36 en 31 voor Limburg ). Op basis van de verkiezingen van 14 oktober is het aantal provincieraadsleden als volgt verdeeld:

N-VA: 46 (hoogst in Antwerpen met 14 zetels en laagst met 7 in Limburg en West-Vlaanderen)

CD&V: 40 (hoogst in West-Vlaanderen 10 zetels en laagst in Antwerpen met 6 zetels)

– Vlaams Belang: 24( hoogst met 6 zetels in Antwerpen en Oost-Vlaanderen, laagst met 3 zetels in Vlaams Brabant )

– Open VLD : 23 (hoogst met 7 zetels in Oost-Vlaanderen en laagst met 2 zetels in Antwerpen)

Groen: 21 (hoogst met 6 zetels in Vlaams- Brabant en laagst met 1 zetel in Limburg)

– SP.A: 18 (hoogst met 5 zetels in West-Vlaanderen en laagst met 2 zetels in Antwerpen)

Union des Francophones: 2 (enkel Vlaams Brabant)

PVDA: 1 (Antwerpen)

Zetelaantal

In zetelaantal komt de N-VA als eerste uit in drie provincies, met uitzondering van Limburg en West-Vlaanderen waar het CD&V als eerste eindigt. De socialisten eindigen op een zesde plaats qua zetelaantal.

De rangorde per provincieraad ziet er als volgt uit:

Antwerpen: N-VA (14 zetels), CD&V en Vlaamse Belang (elk 6 ), Groen (5), Open VLD en SP.A (elk 2) en PVDA (1 ).

Limburg: CD&V (10 zetels), N-VA (7), SP.A (5), Open VLD en Vlaams Belang (elk 4) en Groen (1).

Oost-Vlaanderen: N-VA (8 zetels ), Open VLD en CD&V (7), Vlaams Belang (6), Groen (5) en SP.A (3).

Vlaams Brabant: N-VA (10 zetels), CD&V (7), Groen (6), Open VLD (5), Vlaams Belang en SP.A (elk 3) en UF (2).

West-Vlaanderen: CD&V (10 zetels ), N-VA (7), Open VLD en SP.A en VL. Bel. (elk 5) en Groen (4) .

Partner Content