Opinie

Sigrid Spruyt

‘Laat zwemmen in open water overal toe, tenzij waar het expliciet verboden is’

Sigrid Spruyt Schrijfster

Outdoor Swimming Belgium roept de Vlaamse politici op om de regelgeving rond zwemmen in open water te veranderen. ‘Tijd voor een terugkeer van zwemmen op eigen verantwoordelijkheid’, schrijft Sigrid Spruyt.

De commissie Leefmilieu van het Vlaams parlement buigt zich vandaag over zwemmen in open water. Vorig jaar was er een eerste hoorzitting over een conceptnota van Groen en intussen is een vergelijkende studie klaar die opgevolgd wordt door de kabinetten Leefmilieu en Sport.

Die studie toont wat een Europese rariteit wij zijn met het algemeen verbod op buiten zwemmen en adviseert om te doen zoals elders: zwemmen overal toelaten tenzij expliciet verboden.

Laat zwemmen in open water overal toe, tenzij waar het expliciet verboden is.

Ooit was buitenzwemmen heel gewoon. Neem Emblem in de Kempen. Op de grens met Kessel staat een huis. Het Badhuis. Nu een café voor wandelaars en fietsers, vroeger een trekpleister voor badgasten.

Synoniem van 70 jaar lang bad- en zwemplezier in de kleine Nete, in het land van Pallieter. Zwemmen op eigen verantwoordelijkheid bestond nog: ‘Wie zich buiten de afsluiting begeeft’, zei het reglement, ’trekt alle verantwoordelijkheid op zich’. Heerlijk! Er was nog geen verkleutering en algehele betutteling.

Tegen 1965 was het uit met de pret: industrialisering en riolering vervuilden het water, en de Nete-arm waar de badplaats lag werd gedempt. Er kwam vooral autoverkeer voor in de plaats. De band van het Badhuis met het water ging volledig verloren.

Het huidig Masterplan wil de link met water herstellen maar net als op andere plaatsen met nieuw ruimtelijk beleid is water uitsluitend iets om naar te kijken, naast te lopen of te fietsen, of in het beste geval op te varen. Zwemmen is er niet meer bij.

Een verbodsbordjes in Emblem.
Een verbodsbordjes in Emblem.© Sigrid Spruyt

Toch kan er nog altijd perfect gezwommen worden, in het vlakbije Netekanaal. En tot voor een paar jaar mocht dat ook. De plek stond in onze tijden bekend als Emblem Beach. Fusiegemeente Ranst voerde op haar grondgebied een gedoogbeleid, kwestie van goeie tradities in ere te houden. Tot in de hete zomer van 2020 in Lier in datzelfde Netekanaal iemand die niet kon zwemmen in het water gleed en verdronk.

Daarop liet de gemeente bij haar open gedoogwaters verbodsbordjes plaatsen. In die zomer van lockdown en hittegolf hadden de media zoveel ‘reclame’ gemaakt voor Emblem Beach dat wanhopige zwemmers er in steeds grotere getale toestroomden.

Schaarse zwemplekken betalen het gelag voor het zwemverbod in open water elders.

Schaarse zwemplekken betalen het gelag voor het zwemverbod in open water elders. In ’t slechtste geval komt er overlast van, zoals we gezien hebben aan zee of in de Gentse Blaarmeersen. Het toont één ding aan: er is te weinig open zwemwater. Niet het water is het probleem, maar het tekort. Lokale besturen weten zich in opwarmtijden geen raad.

Waterwegen zijn publiek domein. Ongelukken horen helaas bij het leven en 100% veiligheid is een illusie. Zwemverbod na 1 verdrinking is als de E40 voorgoed afsluiten na 1 dodelijk ongeluk. Blind verbodsbeleid is verkeerd beleid. Landen waar zwemmers vrij zijn kunnen trouwens lagere verdrinkingscijfers voorleggen. In Vlaanderen vallen 8 keer minder doden door verdrinking dan in het verkeer. Slechts een handvol van die verdrinkingen is gelinkt aan zwemmen, o.a in bewaakt gebied! Vaker gaat het om mensen die uit het leven stappen, en auto’s die in het water rijden. In het verkeer stuur je ook niet met iedereen een redder mee. Werk aan bekwaamheid en neem onbekwaamheid niet als norm waarvoor iedereen moet boeten.

Boete! Daarmee zeggen we het. Voor alle waters die niet als zwemgelegenheid zijn aangeduid. Tegenwoordig in GAS-vorm. Goed voor een paar honderd euro. Openwaterzwemmers worden behandeld als criminelen. We kunnen in Vlaanderen niet meer buiten het concept ‘zwembad’ denken. Of ‘officiële badzones in open water’ maar die zijn dus met een vergrootglas te zoeken. We hebben maar goed 10% van het aantal in Nederland en dat geeft een stormloop op de kust want daar ligt de helft van onze openwaterbadzones. Drooglegging in het binnenland.

Wij vragen een beleid met twee pijlers: 1) Maak meer badplaatsen voor seizoenszwemmers, ‘zomergasten’, in oppervlaktewater, zwemvijvers én zwembaden. Buitenzwemwater voor recreatie. Voor de hitte die komt.

En 2) Maak zwemmen op eigen verantwoordelijkheid vrij voor sport-, natuur- en lange afstandzwemmers, in de badplaatsen buiten het seizoen (ook in zee) en in elk open water waar geen reëel gevaar is voor gezondheid of veiligheid. Wij willen met de zwemzak bij de hand het water in waar dat kan, net zoals je een blokje om gaat wandelen of een eindje fietsen. Je laat dat ook niet alleen toe in voetgangerszones of op de piste. Zwemmen is onze op één na natuurlijkste vorm van voortbewegen!

Het is perfect verenigbaar met natuurbescherming. Wij zijn dier onder de dieren, zélf natuur, al vergeten we dat. Zwemmen in de natuur is anders dan recreatiegebied. Buitenzwemmers willen geen infrastructuur en behouden hun element ongeschonden.

Momenteel mag de individuele buitenzwemmer in Vlaanderen niet bestaan. Er wordt niet gedacht buiten clubs. Uitzonderlijk krijgen zij soms toestemming van de burgemeester om ergens te zwemmen, meteen het bewijs dat het kán. IJsberen bijvoorbeeld. Clubs hebben ook open water in concessie, waardoor het ‘van hen’ is. Duikclubs bijvoorbeeld. Prima zwemwater, maar trek je duikpak uit en zwemmen verboden. Verloren gebied.

De huidige regelgeving zorgt voor chaos en apartheid in het water. Vooral de goed geoliede machine van Triatlon Vlaanderen profiteert van de afwijkingsaanvraag op het ‘Vlaams Reglement betreffende de Milieuvergunning’ (Vlarem) die sinds goed twee jaar mogelijk is, maar ook haar 20-tal trainingswaters zijn moeizaam bevochten. Gewone zwemmers blijven in de kou. Dit is discriminatie. Terwijl wedstrijd- en prestatiezwemmen stilaan overvleugeld wordt door welzijns- en gezondheidszwemmen.

Zwemmen kan tot op de hoogste leeftijd beoefend worden en biedt enorme gezondheidsvoordelen.

Hoe meer mensen dit ontdekken, hoe groter de vraag naar water, vooral in coronatijd en in onze overspannen steden. In Antwerpen, Vlaanderens grootste stad, moet je 20 kilometer naar het dichtstbijzijnde -beperkt- open water. Het enige natuurlijke stedelijk zwembad, een ecologische zwemvijver, wordt overspoeld: blokzwemmen in de zomer, een ledenstop met 1.400 ijsberen in de winter. Alle zwemclubs (zowel buiten als binnen) kennen dit fenomeen.

In Brugge en omstreken blijft de lokale overheid niet doof voor de toenemende vraag naar open zwemwater.

Toch blijft er povere aandacht voor zwemwater in stedelijk beleid. Antwerpen bij de overkapping, Gent met haar Houtdokproblematiek, Leuven en de Vaartkom-saga… Maar Brugge doet het: de stad heeft zich veel moeite getroost om binnen de regelgeving open zwemwater te voorzien, óók voor individuele seizoenszwemmers, met zomers Coupurezwemmen.

Urban Swim Brugge (Foto Tina Desmaele)
Urban Swim Brugge (Foto Tina Desmaele)© Tina Desmaele

En clubs kunnen er bogen op een Urban Swim en drie trainingswaters, voor ijsberen, langeafstandzwemmers en triatleten: de Damse Vaart, Sint-Pietersplas en Koude Keuken. In Brugge en omstreken blijft de lokale overheid niet doof voor de toenemende vraag naar open zwemwater.

Al blijft de huidige regelgeving ook daar een obstakel.

Neem dat obstakel dus weg en zorg voor een degelijk algemeen Vlaams open zwemwaterbeleid.

De vergelijkende studie wil heel wat uit Vlarem schrappen en stelt drie categoriën voor: toezicht op badplaatsen, maar ook vrij zwemmen op eigen verantwoordelijkheid, met infoplicht voor de overheid, en zwemverbod enkel als het echt moet. Er blijven drie belangrijke aandachtspunten:

1) Wat is de definitie van ‘open zwemgelegenheid’, waar ‘op regelmatige wijze’ gezwommen wordt? Dan worden Vlaremvoorwaarden van kracht en de strenge Europese zwemwaternorm. Met andere woorden: wanaf hoeveel zwemmers heb je een ‘badplaats’? Wij stellen de Zweedse norm voor van 200 per dag.

2) In bevaarbare waterwegen, en dat zijn ze allemaal, al is er één of geen schip per dag, blijft zwemmen onmogelijk als het scheepvaartreglement niet wordt aangepast. Het kan dan immers alleen bij bordjes ‘zwemmen toegelaten’. De Vlaamse Waterweg plaatst die niet. Op zich is het niet verboden noch gevaarlijk, zoals Nederland zelfs in de Schelde bewijst. Samenleven met andere watergebruikers en -sporters is met goede afspraken perfect doenbaar.

3) Zwemmen in niet 100% zuiver water ook. In Nederland is de waterkwaliteit nog slechter maar géén excuus voor verbod: zwemwater is geen drinkwater en ‘op eigen verantwoordelijkheid’ betekent dat je ’t goed genoeg vindt, mits juiste informatie. Maar het blijft wel nodig om meer water zwembaar te maken, conform de Europese richtlijn. Da’s uiteindelijk de bedoeling, want Vlaamse waterlopen zijn bij de vuilste van Europa. Buitenzwemmen vergroot het milieubewustzijn en is een bondgenoot van milieubescherming.

Opnieuw: waterwegen zijn publiek domein. Zwemmen verbieden omdat water vervuild is, is als straatverbod bij luchtvervuiling: dan kunnen we in Vlaanderen niet meer buitenkomen… Alleen al fijn stof kost jaren van ons leven.

Besluit: Doe zoals elders en laat zwemmen overal toe tenzij expliciet verboden. Maak onderscheid tussen badzones en vrij zwemmen. Maak komaf met het vervolgbeleid van zwemmers zodat wij geen zwemvluchtelingen naar Nederland meer moeten zijn.

In water zijn geen grenzen. Alle politieke partijen, meerderheid en oppositie, hebben erbij te winnen. Zwemmen is de meest democratische sport, geeft bewegingsvrijheid aan het individu, herstelt onze band met de natuur, met God en de Vlaamse traditie, en zorgt voor meer eenheid in de Nederlanden. Dus, in dit Jaar van de Watertijger : Vlaamse Leeuw, pak het scheefgegroeid zwembeleid aan, in ons aller belang.

Partner Content