In Brussel geven burgers onderdak aan transmigranten: ‘Eng? Welnee. Ze zijn doodbraaf’

'Bijna niemand hier heeft papieren. We proberen zo veel mogelijk onder de radar te blijven.' © Franky Verdickt
Joanie De Rijke
Joanie De Rijke Medewerkster Knack

In Brussel nemen burgers zelf initiatieven om transitmigranten te laten overnachten. ‘Schandalig dat België mensen terugstuurt naar een dictatuur.’

8 SEPTEMBER 2017

De politie pakt een 30-tal migranten op in het Maximiliaanpark in Brussel. In het park kamperen tussen de 500 en de 600 mensen.

Tussen zes en zeven uur ’s avonds stroomt het huis in hartje Brussel zo goed als leeg. De bewoners vertrekken in kleine groepjes naar verschillende parkings langs de E40, op zoek naar een vrachtwagen voor de illegale oversteek naar het Verenigd Koninkrijk. Het kamertje met de vier stapelbedden zat zojuist nog tjokvol transitmigranten uit Eritrea. Jonge mannen tussen de 16 en de 30 jaar. Ze zijn rond drie uur in de middag opgestaan, eten wat, kleden zich warm aan, pakken hun rugzak en weg zijn ze. Op naar een nieuwe poging om het ultieme doel te bereiken.

‘Iedereen denkt dat we niet in België willen blijven’, zegt een van hen, de enige die een paar woorden Engels spreekt. ‘Dat klopt niet. Maar we hebben onze vingerafdrukken bij aankomst in Italië gegeven, wat betekent dat we daar ook asiel móéten aanvragen. Omdat Italië ons niets kan bieden, en we in België niet kunnen blijven, wordt het Engeland. Dat is de enige plek die overblijft, omdat je er veel gemakkelijker zonder papieren kunt overleven.’

Volgens de Dublin III-verordening, die sinds januari 2014 van kracht is, is het land waar een vreemdeling het Schengengebied binnenkomt verantwoordelijk voor de asielaanvraag. Zo moet worden voorkomen dat migranten van het ene naar het andere land worden gestuurd of zelf gaan ‘shoppen’ om te zien waar ze de beste kansen hebben. Maar de verantwoordelijkheid voor de behandeling van de asielaanvraag vervalt twaalf maanden na de illegale aankomst. Als een asielzoeker daarna minstens vijf maanden in een andere lidstaat verblijft, is die lidstaat verantwoordelijk. De meeste transitmigranten wachten dat niet af en proberen Engeland binnen te raken.

'Het is toch te zot voor woorden dat burgers voor opvang moeten zorgen?'
‘Het is toch te zot voor woorden dat burgers voor opvang moeten zorgen?’

Het opvanghuis is sinds begin november geopend, de locatie is geheim. ‘We willen niet te veel aandacht trekken’, zegt Nabil Moujahid, een van de vier initiatiefnemers die het huis voor migranten openstelde. Er is plaats voor 40 tot 50 mensen. ‘In het begin kreeg de politie argwaan. Ze kwam niet naar binnen maar pakte mensen op die uit het huis kwamen, 20 meter verderop in de straat. Bijna niemand hier heeft papieren. Sindsdien proberen we zo veel mogelijk onder de radar te blijven.’

Moujahid (31) werkt al lange tijd als vrijwilliger om migranten in Brussel bij te staan. Hij doet dat met de gedrevenheid van een man met een missie. Hij deelt ’s avonds maaltijden uit aan Brussel-Noord, bezorgt slaapzakken in het Maximiliaanpark, en gaat met minderjarige migranten mee naar een advocaat. Nu komt hij net terug van het ziekenhuis met twee zieke Eritreeërs. In mei dit jaar besloot hij loopbaanonderbreking te nemen om zich voltijds voor migranten in te zetten: ‘Ik ben leraar Frans, geef les op een middelbare school en aan volwassenen. Een job die ik graag doe, maar hij viel niet meer te combineren met dit vrijwilligerswerk. Ik kon het niet over mijn hart verkrijgen om zo veel mensen in nood te laten zitten.’ Inmiddels spreekt hij ook vlot Arabisch. ‘Ik heb het niet van huis uit meegekregen als Marokkaanse Belg, maar heb het geleerd door mijn omgang met de migranten.’

Sinds de sluiting van het vluchtelingenkamp in Calais, in oktober 2016, zijn opnieuw veel migranten neergestreken bij het Noordstation. Deze zomer doken ze plots weer op in het Maximiliaanpark. Niet zo talrijk als in 2015, maar toch zeker een paar honderd man.

Inmiddels zijn we begin december en is het te koud om in het park te overnachten. Omdat er tot nu toe geen opvang is voorzien door de stad of de federale overheid, hebben ze dit huis geopend, zegt Moujahid. ‘Mijn drie partners en ik betalen de kosten voor het huis. Voor de rest leven we van giften. Geld vragen we niet, want we willen niet verplicht worden aan iemand verantwoording af te leggen. We nemen wel eten, bedden, kleding en andere nuttige zaken en materialen aan.’

Het nieuws over het geheime opvanghuis ging als een lopend vuurtje onder de migranten. Binnen een paar dagen zat het bomvol, elke nacht weer. Moujahid gaat ons voor langs de vier verdiepingen. Beneden zitten vrouwen en een paar kinderen, op de eerste verdieping wonen Eritreeërs, op de tweede Soedanezen, en op de derde zitten ze door elkaar, waaronder ook Ethiopiërs.

In Brussel geven burgers onderdak aan transmigranten: 'Eng? Welnee. Ze zijn doodbraaf'

Knokpartijen

De meeste bewoners van het huis komen ’s morgens rond 10 uur terug van een lange nacht op de snelwegparkings. De Eritreeërs zijn de armsten, zegt Moujahid. Ze nemen de bus of tram tot in de buurt van een parkeerplaats en gaan dan te voet verder. Naar de parkings aan de E40 bij Groot-Bijgaarden en Everberg. Ze gaan ook via Leuven. Dan nemen ze de bus aan Brussel-Noord en eindigen ze op de E40-parking in Heverlee. Ze vertrekken telkens met twee of drie man, zodat ze niet te veel opvallen in de bus. Wie geld heeft, betaalt een smokkelaar die hen naar de ‘betere’ parkings brengt, in Gent en in West-Vlaanderen. ‘Smokkelaars vragen 1000 euro per persoon’, vertelt Moujahid. ‘Daar krijg je een soort abonnement voor. Dat is een paar weken of maanden geldig. Je kunt dan zo vaak je wilt aan een parkeerplaats gedropt worden. Lukt het niet, dan keer je de volgende avond terug. Na vijf of zes nachten nemen de meeste migranten een dag of twee rust. Daarna beginnen ze opnieuw. Degenen die 1500 euro betalen, worden naar de juiste vrachtwagens gebracht. Ze zijn dan ook vaak binnen de vijf dagen in Engeland. Ik weet het omdat ze me van daaruit bellen.’

De smokkelaars zijn meestal van buitenlandse afkomst en spreken dezelfde taal als de migranten. In september veroordeelde de correctionele rechtbank in Leuven zes leden van een bende Syrische smokkelaars tot effectieve celstraffen van twee en drie jaar. ‘Voor een kind vragen ze 2000 euro’, zegt Moujahid. ‘Vaak zeggen ze maar wat tegen de migranten. Wijzen ze een vrachtwagen aan en zeggen dat het “een goeie” is. Als de migranten er dan in klimmen, blijkt de bestemming van de chauffeur helemaal niet in Engeland te liggen. Het gebeurt ook dat migranten in de eerste de best truck klimmen met een Britse nummerplaat op. En dan worden ze wakker in het zuiden van Spanje.’

In Brussel geven burgers onderdak aan transmigranten: 'Eng? Welnee. Ze zijn doodbraaf'

De afgelopen week waren er aan de parkings veel gevechten tussen migranten. Volgens Moujahid voornamelijk tussen Soedanezen en Ethiopiërs. ‘De ene groep heeft doorgaans wat meer geld dan de andere en kan zich een betere smokkelaar veroorloven. Dat wekt bij de rest woede en frustratie op. Er is gewoon niet genoeg plaats voor iedereen.’

Soms worden messen gebruikt tijdens de knokpartijen. ‘Ik krijg inderdaad mensen over de vloer met messteken,’ zegt Moujahid, ‘maar dat zijn uitzonderingen. Meestal gaan de migranten ongewapend met elkaar op de vuist.’

Het valt op dat de laatste paar weken meer migranten sneller oversteken dan voorheen, weet hij. Vaak duurt het maanden. Maar tegenwoordig is zo’n 20 procent al binnen een paar weken weg. ‘Misschien heeft het met de brexit te maken.’

Minderjarigen

Moujahid neemt ons mee naar het Noordstation, waar rond halfacht ’s avonds warme maaltijden aan migranten, vluchtelingen en daklozen worden uitgedeeld. Volgend jaar wil hij terug aan het werk als leraar, klinkt het. ‘Ik moet verder met mijn leven. Ik kan mijn job niet opgeven, daar help ik niemand mee. Maar het is een moeilijke beslissing.’ Hij wandelt zwijgend verder. We passeren een sociale woonwijk, vlak bij het station. De lichten branden in de huizen, we zien mensen bezig in hun keuken, of met een bord eten voor de tv.

‘Het moeilijkst heb ik het met de minderjarigen’, zegt Moujahid met een zucht. ’25 procent van de migranten is jonger dan achttien. Ze hebben geen idee hoe de maatschappij bij ons in elkaar zit. De Eritreeërs komen uit een dictatuur. Hun land is een van de vreselijkste om in te wonen. Als ze dan na een lange reis vol ontberingen hier belanden en worden opgejaagd door de politie, wil ik tonen dat niet iedereen in België zo ongastvrij is. Dat er ook burgers zijn die hen welkom heten. Ik vind het schandalig dat België migranten – eigenlijk zijn het vluchtelingen – terugstuurt naar een dictatuur.’

Twee agenten wandelen voorbij. Ze groeten Moujahid vriendelijk. Vragen hoe het gaat. ‘Toegegeven, het is voor de politie niet altijd gemakkelijk om met de migranten om te gaan’, zegt Moujahid. ‘Ik ken ook de verhalen dat truckchauffeurs op de parkings klappen krijgen van transitmigranten. Maar ik zie evengoed de andere kant. Migranten worden soms keihard aangepakt. Ik heb zelf slaag gehad van de politie toen ik opkwam voor een paar minderjarigen. Ik ben naar een advocaat gestapt voor een aanklacht. Met foto’s van de zichtbare gevolgen van het politieoptreden.’

Aan Brussel-Noord vertrekken de transitmigranten naar parkings langs de E40.
Aan Brussel-Noord vertrekken de transitmigranten naar parkings langs de E40.

Bij het station staat al een rij migranten te wachten. Hier en daar een bleke dakloze ertussen. De jongens met wie we net in het huis zaten, zien we verschillende richtingen uitgaan, naar bus en tram. ‘Hopelijk zie ik je niet meer terug’, grijnst een Ethiopiër. Hij rent weg, springt op de bus naar Leuven.

Ontbijt inbegrepen

Iedere avond komen transitmigranten en Belgen bijeen in het Maximiliaanpark. De een zoekt een bed, de ander biedt het aan. Toen het Maximiliaanpark deze zomer weer volstroomde, schoot het Burgerplatform in actie. Die organisatie werft onder andere via Facebook gastgezinnen die transitmigranten een slaapplaats voor één of enkele nachten willen geven. Het initiatief bestaat ruim drie maanden en is een succes, zegt Mehdi Kassou, die zich als woordvoerder van het platform heeft opgeworpen. ‘De stad en het gewest geven geen gehoor aan onze oproep voor opvang. Op federaal niveau gebeurt er al helemaal niets. Dus doen we het zelf. Iedereen kan zich opgeven om onderdak aan te bieden, wij bekijken wie in aanmerking komt. Hetzelfde geldt voor de migranten. Er zitten ook rare types tussen. Die vallen uit de boot. Maar de rest – twee tot driehonderd migranten per avond – vindt een plek. Soms nemen mensen hele gezinnen op. Of een groep mannen. Anderen houden het bij één gast.’

De vrijwilligers van het platform lopen rond met lijsten en zoeken wie het beste bij wie past. Nieuwe gastgezinnen krijgen doorgaans migranten mee die al vaker bij iemand thuis geslapen hebben. Nieuwe migranten gaan dan weer naar een plek waar ze al eerder logés over de vloer hebben gehad.

‘Het is de eerste keer voor ons’, zegt Tiphanie de Bellefroid, studente in Brussel. Ze is samen met haar drie huisgenoten naar het park gekomen. ‘We hebben in ons kot plaats voor één persoon. Dat is misschien een druppel op een hete plaat maar als we er net die ene persoon mee kunnen helpen, is het de moeite. Nu het koud wordt, willen we mensen in nood niet negeren.’

Ze kennen veel studenten die een slaapplek voor een migrant openhouden, klinkt het. Maakt niet uit of het een klein kamertje is; een matras is zo neergelegd. Meer is er niet nodig.

In Brussel geven burgers onderdak aan transmigranten: 'Eng? Welnee. Ze zijn doodbraaf'

Staatssecretaris voor Asiel en Migratie Theo Francken (N-VA) raadt mensen af om migranten in huis te nemen, omdat het een aanzuigeffect zou hebben.

‘Wij gaan niet akkoord’, reageren de studenten. ‘België biedt geen opvang. En toch zijn de migranten hier. Kijk naar Frankrijk: omdat daar geen hulp werd geboden, ontstonden situaties als in Calais. Met alle onmenselijke toestanden als gevolg.’ Na een kwartier gaan ze naar huis met een Eritreeër. ‘Ontbijt is inbegrepen’, zegt Tiphanie lachend als ze naar de auto lopen.

Sebastien Lemaire uit Linkebeek is hier voor de derde keer. Of hij het niet wat naïef vindt om wildvreemden in zijn huis te laten overnachten, vragen we. ‘Maar nee. Op de Facebook-pagina wisselen we ervaringen uit. Als er iets fout gaat, is het meteen bekend. Maar er gebeurt niets. Ik heb twee keer eerder een migrant meegenomen. Dat ging prima. De man is meteen gaan slapen. Hij was doodop.’ Lemaire vindt het een schande dat de regering niets doet. ‘Het is toch te zot voor woorden dat burgers voor opvang moeten zorgen? Dat is een taak voor de regering. Nu, het staat de stad Brussel vrij om zelf iets te organiseren. Ik verwacht dat er voor kerst een opvang is. Tot dan zal ik blijven komen.’

Er zijn heel wat vrouwen die een bed aanbieden. ‘Eng? Welnee. Ik heb sinds gisteren drie Soedanezen in huis opgenomen’, zegt Marie-Louise uit Brussel. ‘Ze zijn doodbraaf.’

Veronique Pochet en haar gezin nemen van maandag tot vrijdag elke nacht twee migranten mee naar huis. ‘Onze twee oudste kinderen zitten door de week op kot. Ze hebben er geen probleem mee dat er een migrant in hun kamer slaapt. Mijn jongste zoon is nog thuis en vindt het ook prima. Tot nu toe hebben we alleen maar goeie ervaringen gehad. De migranten zijn meestal erg verlegen. Durven zich nauwelijks te bewegen. Ze trekken hun schoenen uit, ze krijgen een kop thee, en daarna is het hup, naar bed. Wij moeten om zeven uur opstaan voor ons werk, dus zij ook. Dat weten ze. Ze gaan ’s morgens terug met de bus. Eén keer heb ik ze laten slapen. Ze werden pas rond drie uur ’s middags wakker. Ze waren volkomen uitgeput.’

Iedere avond komen transitmigranten en Belgen bijeen in het Maximiliaanpark. De een zoekt een bed, de ander biedt het aan.
Iedere avond komen transitmigranten en Belgen bijeen in het Maximiliaanpark. De een zoekt een bed, de ander biedt het aan.

Een jong meisje staat met haar vriend al meer dan een uur te wachten in de kou. ‘Deze zomer waren we op stap in Brussel. We hadden een geweldige avond. Tot we het Maximiliaanpark passeerden en al die mensen in slaapzakken zagen liggen. Stonden we daar met onze halfdronken kop. Wat een contrast. Ik kon het beeld niet vergeten. Nu doe ik tenminste íéts.’

Twee uur later heeft iedereen een bed gevonden. Op een paar schimmige figuren na.

‘We hebben inmiddels duizenden migranten onderdak verschaft’, zegt Mehdi Kassou niet zonder trots. ‘De migranten hebben geen baat bij problemen. Ik hoor ze tegen elkaar zeggen dat ze zich moeten gedragen, anders is het meteen afgelopen met dit initiatief. En dan hebben ze niets. Het enige “probleem” dat zich in al die maanden heeft voorgedaan was met een minderjarige. Het gastgezin had tegen hem gezegd dat hij moest doen alsof hij thuis was. Hij moest zich niet generen, hij kon te eten en te drinken nemen wat hij wilde. Weet een jongen uit de Hoorn van Afrika veel dat je dat niet letterlijk moet nemen. Dat deed hij dus wél. Zijn oog viel op een paar flessen Rochefort: hij dronk ze allemaal op, achter elkaar. Het gastgezin vond hem laveloos in de woonkamer. Gelukkig konden ze erom lachen. De jongste zoon van de man, ook minderjarig, zei dat hij net hetzelfde zou hebben gedaan.’

'Kijk naar Frankrijk: omdat daar geen hulp werd geboden, ontstonden situaties als in Calais.'
‘Kijk naar Frankrijk: omdat daar geen hulp werd geboden, ontstonden situaties als in Calais.’

Twee dagen na ons bezoek aan het Maximiliaanpark zou de stad Brussel een gebouw in deelgemeente Haren ter beschikking hebben gesteld voor de opvang van migranten in het Maximiliaanpark. Mehdi Kassou bevestigt dat er een ruimte beschikbaar is. Het Burgerplatform en andere hulporganisaties moeten de rest verzorgen.

‘We gaan geen hub creëren naar het Verenigd Koninkrijk’, zegt Katrien Jansseune, de woordvoerster van staatssecretaris Francken. ‘We organiseren daarom ook geen structurele opvang van transitmigranten. Dat zou niet alleen een aanzuigeffect kunnen creëren, het zou ook niet veilig zijn. Het gaat om dezelfde populatie als de inklimmers van de vrachtwagens op de E40 die richting Engeland gaan. Het is gevaarlijk voor henzelf én voor de truckchauffeurs.’

Het probleem in het Maximiliaanpark is onder controle, volgens Jansseune. ‘En de winteropvang bij Fedasil is ingegaan. De meest kwetsbare niet-begeleide minderjarigen kunnen daar terecht.’

Partner Content