Benedikt Höwedes (32) ziet er uit als een vakantieganger. Op zijn hoofd draagt hij een rode pet, de armen van zijn wit hemd heeft hij opgerold, zijn voeten steken in sandalen van Birkenstock. Met de fiets is hij naar de plaats van afspraak in Haltern am See gekomen, het is zijn thuis, gelegen aan de noordelijke rand van het Ruhrgebiet. Zijn vrouw heeft helaas de sleutel van de wagen mee naar het werk genomen, zegt hij, maar eigenlijk is het bij zo'n weer aangenamer om te fietsen.
...

Benedikt Höwedes (32) ziet er uit als een vakantieganger. Op zijn hoofd draagt hij een rode pet, de armen van zijn wit hemd heeft hij opgerold, zijn voeten steken in sandalen van Birkenstock. Met de fiets is hij naar de plaats van afspraak in Haltern am See gekomen, het is zijn thuis, gelegen aan de noordelijke rand van het Ruhrgebiet. Zijn vrouw heeft helaas de sleutel van de wagen mee naar het werk genomen, zegt hij, maar eigenlijk is het bij zo'n weer aangenamer om te fietsen. Höwedes ziet er duidelijk ontspannen uit. Hij komt vertellen waarom hij zijn carrière als professioneel voetballer beëindigt. Na André Schurrle is hij de tweede speler uit het team van het wereldkampioenschap 2014 die er dit jaar mee stopt. De verdediger speelde 16 jaar lang voor Schalke 04 vooraleer hij drie jaar geleden naar Juventus Turijn trok. Om af te sluiten speelde hij twee jaar voor Lokomotiv Moskou. Daar heeft hij enkele weken geleden zijn contract, dat tot 2021 liep, voortijdig opgezegd. Mijnheer Höwedes, u hebt de helft van uw leven voor FC Schalke 04 gespeeld, tegenwoordig bevindt die club zich in een zware crisis op zowel financieel als sportief vlak. Voelde u zich niet aangesproken om er te helpen? Benedikt Höwedes: Ik moest er altijd opnieuw aan denken. Ik had ook enkele aanvragen van clubs uit binnen- en buitenland, maar ik wilde me niet meer afhankelijk maken van beslissingen van andere mensen. Ik wou er echt een eindpunt achter zetten. Omdat u niet goed genoeg meer bent? Höwedes: Nee, ik heb in de voorbije twee seizoenen 50 matchen voor Lokomotiv Moskou gespeeld, onder andere in de Champions League, we zijn winnaar van de beker en de supercup geworden. Natuurlijk merk ik dat ik meer tijd nodig heb om te recupereren. Maar dat zou ik nog een hele tijd kunnen compenseren met mijn ervaring. Maar onlangs was ik met een campingwagen onderweg in Zuid-Frankrijk met mijn vrouw en mijn kind. Toen heb ik gemerkt, hoe geweldig het was mijn zoon echt van dichtbij mee te maken. Plots werd voetbal totaal onbelangrijk voor mij. Hij is nu 21 maand oud en gedurende mijn tijd in Moskou heb ik hem helaas niet al te veel gezien. Als familiemens was dat zeer lastig voor mij.Zo'n abrupte breuk is ongewoon, de meeste profs rekken hun carrière zo lang ze kunnen. Höwedes: Het is ook een moeilijke stap. Ik heb tot op het laatste moment graag gevoetbald. Het is niet makkelijk om afscheid te nemen van uitverkochte sportstadia wanneer je het terrein oploopt. Zoiets geeft je nog na veel jaren een duw in de rug. Misschien waren de coronatijden met de lege stadions een hint. U had nog ettelijke miljoenen kunnen verdienen. Höwedes: Het klinkt misschien stom omdat ik ongelofelijk van de voetbalwereld heb geprofiteerd, maar geld is voor mij niet belangrijk. Dure uurwerken en auto's passen niet bij mijn levensstijl. Ik heb genoeg verdiend en ik ben niet van plan om op mijn luie krent te gaan liggen, alleen omdat ik geen profvoetballer meer ben.U hebt jarenlang in die voetbalbubbel doorgebracht, een wereld waarin privé-jachten, chique auto's en diamanten in de oren bij het dagelijks leven horen. Hoe kon u zich daar goed voelen? Höwedes: Elke mens is anders. Voor mij hebben die zaken nooit enige betekenis gehad. In het begin van mijn carrière had ik een sportwagen, die heb ik met een matte coating en aluminium velgen opgekalefaterd. Na een paar dagen schaamde ik me zo dat ik het ding heb teruggebracht. Men moet fouten maken om te begrijpen wie men is. Hoe bent u zo goed met de voeten op de grond gebleven? Höwedes: Met hulp van mijn ouders en mijn vrienden hier in Haltern am See. Ook wanneer de verleidingen in het voetbal groot zijn. Ik geef een voorbeeld: in mijn eerste profjaar speelden we met Schalke in de Champions League in Barcelona. Ik zei tegen mijn trainer dat ik niet meekon, omdat ik de volgende dag voor mijn einddiploma humaniora de laatste proef voor wiskunde moest afleggen. De oplossing was dat de toenmalige voorzitter van Raad van Bestuur, Clemens Tönnies, mij direct na de match met zijn privéjet liet ophalen. Om vier uur 's morgens was ik in Haltern. U was toen twintig - bestaat zo'n waanzin vandaag ook nog? Höwedes: Ik verdiende toen 4.000 Euro per maand. Dat was een aardige som, maar betekent niks in vergelijking met wat jonge gasten vandaag opstrijken. Het gevaar is groot dat ze in zo'n situatie flippen. En het wordt alsmaar erger. Bij de matchen van de jeugdteams in de Bundesliga duiken langs de lijn dikwijls meer raadgevers op dan toeschouwers. Ze lokken met contracten en vertellen iedereen dat hij de volgende wereldster kan worden. Daarom moest ik er op mijn 21ste even tussenuit en heb een week in een hostel in Kopenhagen doorgebracht, ik sliep er in een kamer voor acht personen. Het was zeer belangrijk voor mij dat ik alleen op mezelf was aangewezen. Schalke-baas Tönnies had het lange tijd graag met u te doen, hij heeft u toen opgevoerd als 'het gezicht van Schalke' - maar dan heeft hij niet verhinderd dat men u drie jaar geleden aan de deur heeft gezet. Höwedes: Feit is dat ik me altijd uitputtend voor Schalke 04 heb ingezet, ik wou mijn carrière daar beëindigen, heb de fans ooit beloofd nooit voor een andere ploeg uit de Bundesliga te spelen. Slechts één voorbeeld: in het seizoen voor mijn afscheid heb ik mij voor elke match laten inspuiten om toch te kunnen spelen ondanks een liesbreuk. Er was druk vanuit de club en ook de trainer vroeg me de ploeg niet in de steek te laten. Uiteraard was het daarom niet mijn beste seizoen. Pas daarna heb ik mij laten opereren. En dan komt er een nieuwe trainer, het nieuwe seizoen breekt aan en plots ben ik uit beeld. Dat heeft me zwaar geraakt omdat ik me altijd zeer voor de waarden van die club heb ingezet, voor betrouwbaarheid en loyaliteit. Was u te naïef? Höwedes: Dat kan je wel stellen. Ik wist dat het een bikkelharde wereld is, maar ik had altijd alleen de zonnige kant gezien. Toen kreeg ik het volledige beeld. Ik kan wel begrijpen dat een club geen toekomst meer heeft voor een speler. Maar ik was de personificatie van Schalke, de fans stonden achter mij.Men krijgt de indruk dat de club daarna nooit nog op adem is gekomen. Höwedes: De club dacht op dat ogenblik dat ze, wanneer ze afstand deed van Höwedes als identificatiefiguur, wel iemand zou vinden om die rol over te nemen en een hiërarchie op te bouwen. Het probleem is: ze hebben nog identificatiefiguren laten vertrekken, Ralf Fährmann, Naldo, en enkele andere - die hadden allemaal goesting om op Schalke te voetballen. Dus het klopt dat het zakelijk aspect het verenigingsleven bepaalt? Höwedes: Het voetbal heeft zich op een brutale manier ontwikkeld. En zich altijd verder verwijderd van de normale fans. Vroeger kwamen in Schalke in de vakantie wel eens 5000 mensen naar de training, vandaag zijn er dat hooguit een paar honderd. Er is iets verloren gegaan. Schalke 04 is voor veel mensen nog altijd een levensinhoud, het is een club met een traditie, zo'n vereniging moet je anders leiden dan door en door gecommercialiseerde clubs. Ondertussen klagen veel critici over de wereld van het commerciële voetbal. Hoe beoordeelt u die business? Höwedes: We zijn deel van een systeem en profiteren ervan wanneer nieuwe investeerders veel geld in de competitie pompen. We draaien mee aan het wiel, de luxe bevalt ons. En niet te vergeten: er zitten zeker afzetters onder de spelers, voor hen is het om het even waar ze spelen. Als kapitein van de ploeg heb ik geprobeerd hen bij de ploeg te betrekken. Het is een dubbel gevoel: enerzijds moeten goede spelers goed verdienen, topspelers staan constant in de spots, ze moeten zich altijd ter beschikking houden. Anderzijds heeft de coronacrisis getoond dat de salarissen moeten verlaagd worden. Het is moeilijk het juiste evenwicht te vinden. Vermoedelijk moeten we ons oriënteren aan het voorbeeld van de Amerikaanse competitie met het draft-systeem en bovengrenzen voor lonen. Zodat we opnieuw het voetbal kunnen vinden dat ons zoveel plezier heeft bezorgd. André Schürrle, uw collega op het wereldkampioenschap, heeft onlangs gezegd dat de nationale ploeg voor hem altijd een soort nest was wanneer hij het moeilijk had in zijn club. Was dat gevoel van samenhorigheid de echte reden waarom Duitsland in 2014 wereldkampioen is geworden? Höwedes: In elk geval hadden we in Brazilië niet de beste individuele spelers, maar we waren wel het beste team. Op een bepaald moment waren we zo'n hechte groep dat het voor ons duidelijk was: tegen ons kan niemand winnen, we kunnen niet verliezen. Dat was een gigantisch gevoel. Bestaat dat teamgevoel vandaag nog? Höwedes: Men vindt het zelden maar het bestaat ook in het professionele voetbal. De meesten weten dat goede prestaties altijd afhankelijk zijn van de stemming in de ploeg. Dat kan je tot op een bepaalde hoogte sturen, maar het moet zich ook onder de spelers ontwikkelen. Er moet een hiërarchie zijn tussen leiders, individualisten, reservespelers. In Brazilië was Joachom Löw de dirigent, maar belangrijk was ook Hansi Flick (de toenmalige hulptrainer van deMannschaft, nvdr.) die dicht bij de spelers stond en vertrouwen creëerde. In de finale had u in de reguliere speeltijd bijna de 1-0 binnengekopt, u was misschien de matchwinnaar geweest. Vindt u het nog altijd erg dat de bal kort voor de rust alleen maar tegen de paal belandde? Höwedes: Integendeel, ik ben tot de dag van vandaag heel blij dat ik niet de maker van de beslissende goal was. Dan was al die belangstelling op mij gevallen. Ik heb nooit graag in de spotlights gestaan. Ik zou niet graag de publieksheld zijn, wel een deel van de ploeg, een deel van het succesverhaal. Het is Mario Götze anders vergaan. Hij maakte het winnende doelpunt en heeft zijn vroegere vorm na het wereldkampioenschap nooit meer kunnen tonen, tegenwoordig zit hij zonder ploeg. Höwedes: Ik kan daarop weinig zeggen. Ik ben te ver weg om te kunnen oordelen wat de redenen kunnen zijn. Maar ik weet hoe wij, Duitsers, met onze sterren omspringen. We kunnen ze vandaag bejubelen en morgen helemaal onderuit halen. Dan is de waardering in het buitenland dikwijls van een andere orde. Pas onlangs las ik in diverse media een en ander over de spelers van de nationale ploeg van 2014. Is het niet logisch, dat de meeste van ons zes jaar na het winnen van de titel veeleer in de herfst dan in de lente van hun carrière staan? Ook bondstrainer Löw is een goed jaar geleden respectloos met de wereldkampioenen Jérôme Boateng, Mats Hummels en Thomas Müller omgesprongen toen hij ze uit de nationale ploeg verwijderde. Höwedes: Begrijpt u mij niet verkeerd. Natuurlijk mag en moet men profspelers bekritiseren. En de bondstrainer heeft het recht zich te scheiden van spelers. Over de manier waarop dat is gebeurd kan men discussiëren. De communicatie en het moment waarop dat is gebeurd waren zeker niet 100% ideaal. Ook bij verdienstelijke spelers gaat het om mensen die met hun gevoelens en de openbare ruimte moeten omgaan. Ik weet nog goed dat de verwachtingen na het wereldkampioenschap heel hoog lagen. In elke match werd van ons, werd van Jogi Löw iets bijzonders verwacht, iets wat we onmogelijk konden waarmaken. Kan u zich ook nog aan de mooi momenten in Brazilië herinneren?Höwedes: Ik heb de matchen achteraf nooit terug bekeken, dat doe ik wel ergens in de toekomst met mijn kinderen. Ik heb genoten van veel momenten en ik wil ze gewoonweg zo in mijn geheugen behouden. Het meest is me bijgebleven hoe ik na de goal van Mario (Götze, nvdr.) begon te wenen. De tranen liepen over mijn wangen toen ik naar hem en de collega's stormde om rond elkaars hals te vliegen, bij het terugkeren weende ik nog altijd.Uw carrière is nu voorbij. Moet u als ex-prof loskomen van de zware trainingen om geen gezondheidsproblemen te krijgen?Höwedes: Ja, maar dat valt best mee. Ik loop, rijd met de mountainbike en wil bovendien een beetje meespelen bij mijn thuisploeg TuS Haltern. Na uw wissel van Schalke naar Juventus voor drie jaar bent u begonnen met veganistische voeding. Wat was de aanleiding?Höwedes: Op dat moment had ik last van kwetsuren. Ik had steeds goed op mijn voeding gelet, maar in hotels is het aandeel vlees en vis bij het eten altijd zeer hoog. Ik heb veel studies gelezen en heb geleerd dat vlees en melk voor ontstekingen kunnen zorgen. Toen ik ze wegliet, stelde ik erg snel vast hoe goed me dat deed. Ik heb meer kracht, recupereer beter en ben nauwelijks nog gekwetst. Blijft u veganistisch eten na uw carrière? Höwedes: De effecten van de vleesconsumptie op het milieu, denk aan het methaangas van de runderen, en het welzijn van de dieren moet je nog toevoegen aan de voordelen van veganistisch eten. Ik wil geen andere voeding meer. Hoe gaat het verder in het beroepsleven?Höwedes: In de komende weken begin ik als management-stagiair in Het agentschap voor maatschappelijke communicatie en sport van Raphael Brinkert. En dan solliciteer ik voor een plek in de masterstudie voor sportmanagement van de Uefa. Die is vooral in het leven geroepen voor vroegere spelers van de nationale ploegen. Ik wil de sport trouw blijven, mij inzetten voor waarden. Graag zou ik wat van mijn visie op de sport inbrengen. Mijnheer Höwedes, wij danken u voor het gesprek. © Der Spiegel, vertaald door Wim Vermeylen