De vorige Franse president Nicolas Sarkozy had het na enige tijd begrepen. Het was de Duitse kanselier Angela Merkel die het ritme van de discussies rond de eurocrisis bepaalde. Als hij goed afstelde met Merkel, kon Sarkozy geregeld uitpakken met een opvallend nummertje dat hem in het brandpunt van de belangstelling bracht. Merkel gunde hem dat, niet in het minst omdat zij zelf op die manier in de schaduw kon blijven als haar dat beter uitkwam. De tandem Merkel/Sarkozy werkte en de term Merkozy groeide uit tot een begrip.

De nieuwe Franse president François Hollande pakt de zaken heel anders aan dan Sarkozy. Hij ziet Frankrijk nog altijd op het schavotje naast en zelfs lichtjes boven Duitsland. Hollande's houding leidt tot een toenemende verzuring tussen de twee politici die gezamenlijk in de spits van de Europese ploeg zouden moeten lopen. Het kost, zo vernemen we in Duitse regeringskringen, Merkel alsmaar meer moeite om haar persoonlijke en intellectuele afkeer voor de Franse president niet al te ostentatief te laten blijken. De manier waarop ze tijdens de jongste Europese besprekingen een voorstel van Hollande om "toekomstgerichte investeringen" buiten de begrotingen te houden van tafel veegde, sprak in dit verband boekdelen.

Het stoort de Duitse kanselier in toenemende mate dat Hollande zich steeds nadrukkelijker opwerpt als de spreekbuis van de landen die willen dat Duitsland haar portefeuille wijd opentrekt in naam van de Europese solidariteit. Of het nu over de bankenunie, specifieke hulpprogramma's voor noodlijdende landen of het stabiliteitsfonds gaat, het is steeds meer François Hollande die voor de Duitsers de verpersoonlijking wordt van de filosofie van de gratuite solidariteit. Ook inzake de rol van de Europese Centrale Bank (ECB) verkondigt Hollande een visie die Merkel en de meeste andere Duitsers doet gruwen. Bovendien raakt de Franse economie steeds meer achterop op de Duitse. Zowel inzake groei, tewerkstelling en export als inzake het beheer van de publieke financiën schiet Parijs steeds meer tekort in de ogen van Berlijn.

Hollande, zo klinkt het bij onze bronnen in Berlijn, lijkt niet te beseffen dat de populariteit van Merkel in Duitsland alles te maken heeft met het feit dat de meeste Duitsers Merkel veel meer dan de socialistische oppositie als een degelijke hoeder zien van de Duitse belangen zien in het kader van de eurocrisis. Door voortdurend heel nadrukkelijk tegen Merkel in te gaan en maatregelen te bepleiten die aan het einde van de rit vooral Duitsland veel geld zouden kosten, drijft Hollande de Duitsers steeds nadrukkelijker in de armen van Merkel en niet in die van zijn SPD-geestesgenoten. Merkozy is weg, van Merlande lijkt niets in huis te komen.

Johan Van Overtveldt