Het ketodieet staat vooral bekend om zijn snelle resultaat op de weegschaal. Kim Kardashian is alvast fan, en ze is niet alleen. 'What's Trending in Nutrition', een rapport van het Amerikaanse vakblad Today's Dietitian, voorspelde recent dat het ketodieet in 2020 opnieuw het populairste dieet wordt.
...

Het ketodieet staat vooral bekend om zijn snelle resultaat op de weegschaal. Kim Kardashian is alvast fan, en ze is niet alleen. 'What's Trending in Nutrition', een rapport van het Amerikaanse vakblad Today's Dietitian, voorspelde recent dat het ketodieet in 2020 opnieuw het populairste dieet wordt.Met een ketogeen dieet haal je gemiddeld 80 procent van je energie uit vetten, 15 procent uit eiwitten en 5 procent uit koolhydraten. Dat terwijl de European Food Safety Autority (ESFA) aanraadt om minstens 45 procent van je energie uit koolhydraten te halen en vetten te beperken tot maximaal 35 procent.Het ketodieet hertekent dus de gangbare richtlijnen van wat gezond is. Brood, pasta en koekjes worden door wel meer crashdiëten afgeschreven, maar groenten en fruit blijven meestal de veilige haven. Niet bij keto, dat wortels en sinaasappels radicaal schrapt. Ook pompoenen en bonen staan niet langer op het menu, maar worden vervangen door alle mogelijke soorten kaas en rood vlees. Al in 500 voor Christus wendden de oude Grieken vasten aan om epilepsie te behandelen. Het vasten zorgde ervoor dat de natuurlijke brandstof van het lichaam, suiker, niet werd aangevuld. Hierdoor moest het lichaam aanspraak maken op een alternatieve brandstof, vet. De uithongering bracht het lichaam in een overlevingsmodus, ketose genoemd. Hierbij gaf de lever opgeslagen vetten vrij die in het bloed de rol van suiker overnamen.De overlevingsmodus die het vasten creëerde, verminderde het aantal epileptische aanvallen. Maar het uithongeren van patiënten kon natuurlijk nooit een duurzame oplossing zijn. In 1920 kwam men erachter dat een koolhydraatarm dieet dat steunt op vetten, het lichaam na een drietal dagen eveneens in de overlevingsmodus van ketose kan brengen. Het ketodieet maakte vasten overbodig.Door de opkomst van medicatie werd steeds minder teruggevallen op het ketogeen dieet bij epilepsie. Toch wordt er vandaag nog steeds een beroep op gedaan. Zo'n 20 tot 30 procent van de patiënten reageren niet zoals gehoopt op de twee meest aanbevolen vormen van medicatie. Een ketodieet kan voor hen een alternatieve oplossing bieden. Zo vertoont een tot twee op de drie kinderen met epilepsie tot de helft minder aanvallen na zes maanden op een ketogeen dieet.Epilepsie is niet de enige aandoening die het ketodieet in toom zou kunnen houden. Ook zou het, in combinatie met chemo- en radiotherapie, kanker kunnen bestrijden. Kankercellen voeden zich met suiker. Door de suikerinname te beperken, zouden we kankercellen kunnen uithongeren. Daarnaast zouden ook neurologische aandoeningen als parkinson, alzheimer, slaapstoornissen en autisme baat kunnen hebben bij een ketogeen dieet. Voorlopig gaat het nog om speculaties en is meer onderzoek vereist, maar de mogelijkheden lijken veelbelovend.Andere gezondheidsvoordelen die het ketodieet zou voortbrengen, zijn vooral toe te schrijven aan het gewichtsverlies dat het dieet veroorzaakt. Dit kan de bloeddruk, het cholesterolgehalte en de bloedsuikerspiegel doen zakken, wat dan weer de kans op obesitas en diabetes type 2 vermindert.De eerste twee tot zes maanden vertoont het ketodieet betere resultaten als het gaat om gewichtsverlies dan bijvoorbeeld koolhydraatrijke of vetarme diëten. Na een jaar zou dat effect echter helemaal geneutraliseerd zijn.Voor dat snelle resultaat op de weegschaal betaal je wel een prijs. Zo is het niet abnormaal dat je je de eerste dagen (of weken) van het dieet vermoeid en hongerig voelt. Ook hoofd- en spierpijn zijn veel gehoorde klachten. Deze neveneffecten bij de start van een ketogeen dieet worden de keto flu genoemd, maar eens door de zure appel heen zal je je net energieker en alerter voelen. Daarbij zal ook honger je minder plagen, waardoor het jojo-effect dat veel andere vermageringsdiëten veroorzaken vaker uitblijft. Maar het ketodieet ontkomt niet aan kritiek. Zo zou het kunnen leiden tot spierverlies, een lage bloeddruk en nierstenen. Daarnaast kan je uitdrogen, als gevolg van een elektrolytentekort. Door het uitsluiten van volledige voedingsgroepen komen ook andere tekorten frequent voor. Zo kan bijvoorbeeld door een tekort aan vezels constipatie optreden. Op termijn kan het cholesterolgehalte opnieuw de hoogte in gaan, met een verhoogde kans op hart- en vaatziekten tot gevolg.Schrappen van wat voor de meeste mensen het hoofdbestanddeel van hun maaltijd is, maakt het bovendien niet gemakkelijk om het restrictieve eetpatroon met een sociaal leven te combineren. Dat en de belemmerende neveneffecten bij de start van het dieet zorgden ervoor dat een Amerikaans onderzoek uit 2015 moest vaststellen dat meer dan de helft van de deelnemers vroegtijdig afhaakt. Mensen die zich toewijden aan het ketodieet lopen dan weer een verhoogd risico om te vervallen in sociale isolatie of om een verstoord eetgedrag te ontwikkelen.Recent voerde de Yale University een studie uit naar de langetermijngevolgen van het ketodieet bij muizen. Daaruit bleek dat de snelle gezondheidsvoordelen zich al vlug omkeerden. Na een week te leven op het ketodieet, vertoonden de muizen de verwachte positieve effecten: hun bloedsuikerspiegel verlaagde, ze hadden minder last van ontstekingen en verloren gewicht. Daar toonde zich ook meteen het keerpunt. Wanneer de muizen het dieet langer dan een week aanhielden, consumeerden ze meer vet dan ze verbranden konden waardoor hun verloren gewicht er weer snel bij kwam. Sommige muizen ontwikkelden zelfs diabetes type 2 of obesitas, het tegenovergestelde van wat je met het dieet wil bereiken. Hoewel de stap van muis naar mens niet meteen gezet is, geeft de studie genoeg stof tot nadenken. Gelijktijdig met de studie van Yale, publiceerde een Australische studie zijn bevindingen over het effect van een ketogeen dieet op de staat van het beendergestel van atleten. De studie volgde gedurende een drietal weken van intensieve training een dertigtal snelwandelaars. De ene helft leefde tijdens die periode op een koolhydraatrijk dieet, de andere helft op een koolhydraatarm dieet. Wanneer na de proefperiode de staat van hun botten opnieuw werd gecontroleerd, vertoonden de sporters die een koolhydraatarm ketodieet volgden eerste indicaties van botverlies. De controlegroep op een koolhydraatrijk dieet vertoonde geen veranderingen in botstructuur. Door de beperkte duur van de studie is niet geweten of het botverlies zich na een langere periode op een ketogeen dieet weer zou herstellen of dat het net erger zou worden. Toch toont deze studie de invloed van het samenspel tussen voeding en beweging op onze gezondheid aan. Daarbij blijkt uit deze en voorgaande studies dat de ongerustheid over de mogelijke ongewenste gevolgen van dieethypes niet helemaal onterecht.