Amper 60 procent van de Vlaamse vrouwen laat om de drie jaar een uitstrijkje nemen. Nochtans wordt dat aangeraden en terugbetaald voor iedereen tussen 25 en 65 jaar. Met zo'n uitstrijkje worden cellen van de baarmoederhals weggenomen en daarna onder een microscoop onderzocht. Op die manier kunnen de voorstadia van baarmoederhalskanker en de kanker zelf worden opgespoord. Maar ondertussen lijkt het klassieke uitstrijkje zijn beste tijd gehad te hebben. Binnenkort beslist de overheid over de mogelijke overstap naar een ander soort screening: HPV-tests. HPV of humaan papilloma virus kan letsels in de baarmoederhals veroorzaken, die zich op termij...

Amper 60 procent van de Vlaamse vrouwen laat om de drie jaar een uitstrijkje nemen. Nochtans wordt dat aangeraden en terugbetaald voor iedereen tussen 25 en 65 jaar. Met zo'n uitstrijkje worden cellen van de baarmoederhals weggenomen en daarna onder een microscoop onderzocht. Op die manier kunnen de voorstadia van baarmoederhalskanker en de kanker zelf worden opgespoord. Maar ondertussen lijkt het klassieke uitstrijkje zijn beste tijd gehad te hebben. Binnenkort beslist de overheid over de mogelijke overstap naar een ander soort screening: HPV-tests. HPV of humaan papilloma virus kan letsels in de baarmoederhals veroorzaken, die zich op termijn tot kanker kunnen ontwikkelen. 'Er zitten veel voordelen aan die HPV-tests', zegt Marc Arbyn van het Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid. 'Niet alleen zijn ze beter dan het klassieke uitstrijkje, ze zijn ook goedkoper en vrouwen zouden zich maar om de vijf jaar meer hoeven te laten testen.' Een HPV-test kan worden uitgevoerd op de cellen die een arts van de baarmoederhals afschraapt, maar ook op een vaginaal staal. 'Daardoor zou een vrouw de afname zelf kunnen doen en het staal dan opsturen naar een laboratorium', zegt Arbyn. 'Uit onderzoek is gebleken dat dit even betrouwbaar is als een afname door een arts. Als er tenminste een degelijke HPV-test wordt gebruikt.' Belangrijk is vooral dat meer mensen dan wellicht geneigd zullen zijn om zich te laten testen. Vandaag krijgen Vlaamse vrouwen die langer dan drie jaar geen uitstrijkje meer hebben gehad een uitnodiging in de bus. Dat kost de overheid veel geld terwijl er weinig respons op komt. Krijgen ze in de plaats van een brief een zelftest toegestuurd, dan maakt gemiddeld 20 procent daar gebruik van. 'Een mooi resultaat', beaamt Arbyn. 'Maar dan komt nog altijd 80 procent van die kits in de vuilnisbak terecht.' Vandaar dat een paar Brusselse huisartsen op zoek zijn gegaan naar een alternatief. Ze deelden niet-gescreende vrouwen in twee groepen in: bij de ene stelde de dokter voor om een uitstrijkje te laten afnemen, de andere kreeg een zelftest met instructies mee naar huis. Van die laatste groep deed liefst 75 procent daadwerkelijk de test. Op die manier zou dus een heel grote groep bereikt kunnen worden. 'Die resultaten moeten we wel eerst nog bevestigd zien in een studie op veel grotere schaal', zegt Arbyn. 'Op dit moment doen collega's van het Vlaams Centrum voor Kankeropsporing baanbrekend onderzoek naar de mogelijkheden van zelfafgenomen uitstrijkjes. Daarbij wordt ook bekeken of het een optie is om HPV op te sporen in urine. Met die methode zou de drempel nog verlagen.' Toekomstperspectieven genoeg dus. Maar zullen die screenings op termijn wel nodig blijven nu dertienjarige meisjes op school massaal tegen HPV worden gevaccineerd? 'Op dit moment is de eerste lichting gevaccineerde vrouwen 25 jaar, de leeftijd waarop het aan te raden is om je geregeld te laten testen', zegt Arbyn. 'We zijn dan ook richtlijnen aan het uitwerken voor hen en voor de nog beter beschermde generaties na hen. Wellicht zal de uitkomst zijn dat de screenings voor gevaccineerde vrouwen pas later moeten beginnen, minder frequent zijn en vroeger stoppen.'