In onze moderne maatschappij wordt verouderen nog vaak eenzijdig belicht. Het gaat voornamelijk over het verval van de hersenen en de afname van vaardigheden. Terwijl de wetenschap aangeeft dat er niet alleen sprake is van verlies, maar ook van verdere ontwikkeling.
...

In onze moderne maatschappij wordt verouderen nog vaak eenzijdig belicht. Het gaat voornamelijk over het verval van de hersenen en de afname van vaardigheden. Terwijl de wetenschap aangeeft dat er niet alleen sprake is van verlies, maar ook van verdere ontwikkeling. Onze hersenen blijven zich, zoals in elke levensfase, aanpassen aan interne en externe veranderingen. Dankzij die neuroplasticiteit ga je dus ook bij het ouder worden nog nieuwe, specifieke vaardigheden ontwikkelen en andere aanscherpen. Dat is te weinig bekend, volgens Margriet Sitskoorn, hoogleraar klinische neuropsychologie aan Tilburg University. In Het 50+brein biedt ze daarom wetenschappelijke inzichten en tips om de 'winst' van ouder wordende hersenen te benutten, en de eventuele nadelen ervan te compenseren. 'Moet je op digitaal vlak iets nieuws leren, laat je dan niet afschrikken door het stereotiepe idee dat 50-plussers over minder digitale vaardigheden zouden beschikken', geeft Sitskoorn onder meer als tip mee. 'Want al te vaak doelt men alleen op technische digitale vaardigheden, waarin jongeren vaak beter zijn, omdat ze al van jongs af met digitale technologie vertrouwd raakten. Hoewel de ene jongere de andere niet is, natuurlijk. Net zoals de groep 'ouderen' ook geen homogene groep is. Maar behalve technische vaardigheden zijn er nog andere, minstens even belangrijke vaardigheden nodig om gepast met digitaal aangeboden informatie om te gaan. Zoals gecontroleerde aandacht, emotieregulatie, flexibiliteit, openstaan voor nieuwe informatie, informatie checken op waarheidsgehalte, onthouden waar informatie vandaan komt, nieuwe informatie integreren in bestaande kennis, reflecteren op je eigen gedrag en relativeren. En voor sommige van deze executieve vaardigheden hebben ouderen weleens vaker een stapje voor op jongeren, omdat zij zich over het algemeen al langer in deze vaardigheden hebben getraind. Daarbij komt nog dat je ten slotte ook basale cognitieve vaardigheden nodig hebt om in onze digitale datamaatschappij goed te functioneren. Je moet minimaal goed kunnen lezen, inzicht in getallen hebben, en een zekere mate van logica beheersen, om geen prooi te worden van mensen die je digitaal tot allerlei dingen aanzetten of van nepnieuws voorzien. En wat deze basale vaardigheden betreft, is het beslist niet gezegd dat ouderen gemiddeld moeten onderdoen voor jongeren.'50-plussers voelen zich doorgaans tevredener en gelukkiger dan toen ze nog 40-plusser waren, blijkt uit onderzoek. Komt met de grijze haren dan ook een roze bril? 'Nee, dat is het niet meteen', zegt Sitskoorn. 'De hersenen gaan bij het ouder worden meer geneigd zijn om vooral aandacht te hebben voor het mooie en het goede in de wereld, wat zich weerspiegelt in de dingen die je onthoudt. Jongeren mogen dan algemeen een beter geheugen hebben, als het om positieve informatie gaat, wordt het verschil in geheugenprestaties tussen ouderen en jongeren minder groot. Tegelijk zijn ouderen ook beter in staat om negatieve emoties te reguleren. Daardoor ervaren ze minder heftige emoties bij negatieve informatie en worden ze minder snel van hun stuk gebracht.'Hun grotere emotionele welzijn hebben ouderen misschien ook deels te danken aan hun grotere wijsheid. Want dat wordt toch beweerd, dat wijsheid met de jaren komt. Klopt dat? 'Als we wijsheid mogen beperken tot het vermogen om alledaagse problemen op te lossen, dan kunnen we dit beantwoorden met een wetenschappelijke bevinding. Ouderen lijken de keuze van hun strategie - een emotionele dan wel probleemoplossende strategie - beter af te stemmen op het specifieke probleem. Daardoor lossen ze problemen doorgaans doeltreffender op, vooral als het om interpersoonlijke problemen gaat, blijkt uit onderzoek. Sommige wijsheid komt dus inderdaad met de jaren.'Een belangrijke intellectuele vaardigheid die achteruitgaat bij het ouder worden, is het hoger uitvoerend functioneren. 'Dat is een soort topmanagementfunctie in de hersenen waarop je een beroep doet bij het maken van plannen, het controleren van je gedrag, het structureren van nieuwe informatie en het verdelen van je aandacht', legt Sitskoorn uit. 'De hersengebieden die je daarvoor activeert, lijken de tand des tijds minder goed te doorstaan dan de rest van de hersenen. Ze laten als eerste tekenen van achteruitgang zien: je krijgt bijvoorbeeld nieuwe complexe vaardigheden minder snel onder de knie.'Maar er is ook goed nieuws, want je kunt zelf iets doen om die achteruitgang te vertragen: veel bewegen. Waarom bewegen dat effect heeft, is nog niet helemaal duidelijk. 'Het veroorzaakt mogelijk een betere bloedvoorziening in de hersenen', zegt Sitskoorn. 'Ook lijkt het de leeftijds- en stressgerelateerde krimp tegen te gaan van de hersengebieden die met het hoger uitvoerend functioneren verband houden. Ouderen die fysiek fitter zijn, zijn dus doorgaans ook mentaal fitter. En dat gedurende de hele dag. Bij minder fitte ouderen zet de mentale vermoeidheid vaak al 's middags in.'Als mensen voor een dilemma staan, kiezen ze sneller voor een risicovolle optie als ze zich blij of gelukkig voelen. Zijn ze in een droevige of neerslachtige bui, dan zijn ze veel behoudender in hun keuzes. Dat is niet anders voor ouderen dan voor jongeren. Maar het oordeelsvermogen van jongeren wordt veel meer beïnvloed door een negatieve dan door een positieve bui. 'Terwijl dat bij ouderen omgekeerd is', zegt Sitskoorn. 'Des te breder hun lach, des te meer bereid ze zijn om risico's te nemen. Als je wat ouder bent, zijn dus de dagen waarin je in een goede bui bent - of bent gebracht door een handige verkoper - misschien niet zo geschikt om een hypotheek af te sluiten, je geld te beleggen of een nieuwe auto te kopen.'Ouderen voelen zich over het algemeen jonger dan ze zijn, blijkt uit onderzoek. En dat is niet verwonderlijk, zegt Sitskoorn. 'Veel ouderen willen zich niet associëren met het stereotiepe beeld van ouderen dat alleen gedachten aan verval oproept. Hoe oud je je voelt en hoe tevreden je met je leeftijd bent, lijkt ook samen te hangen met onder meer je gezondheid, je financiële situatie en de waardering die je van de maatschappij krijgt. Ben je ontevreden over je leeftijd, probeer dan uit te zoeken wat dat gevoel precies voedt. Dan kun je dat misschien enigszins verhelpen. Of, als dat niet lukt, proberen er vrede mee te hebben. Misschien is dat wel het geheim van de eeuwige jeugd.' Sitskoorn droomt daarom ook weleens van een 'extreme make-over'-programma waarin men het gevoel van mensen die ontevreden zijn over hun leeftijd in evenwicht probeert te brengen. 'En dan niet door aan hun uiterlijk te sleutelen, maar wel door aan hun zelfwaardegevoel te werken en de negatieve stereotiepe ideeën over ouderen bij te stellen.'