Voor de allereerste jagers-verzamelaars was het betrekkelijk simpel: ze verzamelden en jaagden hun maaltijd bij elkaar en waren daarvoor afhankelijk van de waan van de dag én van elkaar. Werkten ze niet samen, dan had niemand genoeg eten. De zaken veranderden langzaam maar zeker toen die jagers-verzamelaars landbouwers werden. 'Tot ongeveer 4.000 voor Christus was ook die landbouw heel collegiaal georganiseerd en hadden ze elkaar nodig om te overleven', weet dokter Staf Henderickx van Geneeskunde voor het Volk. 'Maar zodra er overschot kwam, ontstond een zogenaamde redistributie-economie, waarbij de opbrengsten (her)verdeeld werden. En zag je hoe mensen door het zich toe-eigenen van voedsel en later landbouwgronden de macht in handen kregen.'
...