Een bloem is niets anders dan het voortplantingsorgaan van een plant. Een aardige gedachte voor wie graag zijn neus in een kleurig veldboeket drukt. Lang voor de komst van de mens stonden bloemen al naar insecten te lonken. De oudste stuifmeelpollen ooit gevonden zijn 130 miljoen jaar oud en afkomstig van een verre voorouder van onze magnolia. Het oudste fossiel van een daadwerkelijke bloem wordt gedateerd op 98 miljoen jaar en is ook een soort magnolia, toepasselijk archaeanthus genoemd, wat vrij vertaald 'heel oude bloem' betekent.
...

Een bloem is niets anders dan het voortplantingsorgaan van een plant. Een aardige gedachte voor wie graag zijn neus in een kleurig veldboeket drukt. Lang voor de komst van de mens stonden bloemen al naar insecten te lonken. De oudste stuifmeelpollen ooit gevonden zijn 130 miljoen jaar oud en afkomstig van een verre voorouder van onze magnolia. Het oudste fossiel van een daadwerkelijke bloem wordt gedateerd op 98 miljoen jaar en is ook een soort magnolia, toepasselijk archaeanthus genoemd, wat vrij vertaald 'heel oude bloem' betekent.Op begraafplaatsen van Neanderthalers, verre familie van de moderne mens, zijn bloemenresten gevonden. Een rituele gift ? Waarschijnlijk zijn de planten daar door knaagdieren terechtgekomen. Harder bewijs van ritueel gebruik van bloemen vinden we in Israël. Opgravingen brachten 15.000 jaar oude graven aan het licht met daarin resten van meegegeven aromatische kruiden. En in 2009 werden bij het Schotse plaatje Forteviot in een 4000 jaar oud graf de resten van de moerasspirea gevonden, bloempjes die duidelijk als grafgift waren neergelegd.Volgens de Griekse mythologie werden voor het huwelijk van Zeus en Hera door de overige goden bloemenkransen gevlochten. Eigenlijk dus de eerste bruidsboeketten. In het oude Griekenland versierden de vrouwen zich tijdens het huwelijksfeest met witte bloemen, als teken van reinheid. Maar ook knoflook en andere sterk ruikende kruiden werden in de kransen verwerkt, bedoeld om kwade geesten af te weren. Bij de Romeinen zien we hetzelfde. Maar bij hen droeg ook de man soms bloemen. De Romeinse dichter Publius Papinius Statius (45-96) noemt bijvoorbeeld een lauwerkrans van rozen, lelies en viooltjes die door de bruidegom als een lauwerkrans op het hoofd werd gedragen. Vrouwelijke invloed? Integendeel. In Rome stond de lauwerkrans voor kracht en succes: Zo droegen Romeinse veldheren een lauwerkrans wanneer hun na een succesvolle militaire expeditie een triomftocht door de stad werd toegestaan. Expliciete vermeldingen van bruidsbloemen komen veel minder voor, misschien omdat het zo vanzelfsprekend was. De laat-Romeinse geschiedschrijver Festus, die leefde in de 4de eeuw na Christus, schreef in zo'n beschrijving dat 'de nieuwe bruid onder haar sluier een kroon van bloemen, kruiden en grassen droeg, die zij zelf geplukt had.'Huwelijk en bloemen zijn dus al lange tijd nauw met elkaar verbonden. Door de eeuwen heen veranderde daarbij niet veel. Bloemen werden net als bij de Romeinen op allerlei manieren toegepast, als boeket, verwerkt in kransen of gewoon gestoken in het haar. Ook de toevoeging van kruiden bleef in gebruik. Populair was dille, dat behalve als reinigend, ook gold als lustopwekkend, wat een geslaagde huwelijksnacht natuurlijk alleen maar ten goede kon komen.Het 'gooien van het boeket' ontstond in Engeland. Het geloof wil dat diegene die het bruidsboeket vangt zelf de volgende bruid zal zijn. De verklaring van dit gebruik ligt in de gedachte dat een bruid geluk verspreidt. Na afloop van het bruiloftsfeest probeerden de gasten wat van dat geluk af te dwingen door iets van de bruid als talisman te bemachtigen. Vaak -er was natuurlijk wat gedronken-ontaardde dat in ordinaire duw- en trekpartijen, waarbij de bruid vaak verfomfaaid uit de strijd kwam. Om dat te voorkomen werd het boeket als afleidingsmanoeuvre naar de aansnellende menigte geworpen, die zich erop stortte waarna het bruidspaar zich ongeschonden uit de voeten kon maken om zich op te maken voor de eerste huwelijksnacht.Het klassieke bruidsboeket zoals wij dat nu kennen zien we voor het eerst in de 19de eeuw. En de Britse koningin Victoria heeft daar zeker haar steentje aan bijgedragen. Het is de eeuw waarin onder invloed van de Romantiek het persoonlijke gevoelsleven meer op de voorgrond kwam. De romantische symboliek van het bruidsboeket -elke bloem had een eigen betekenis-sloot daar naadloos op aan. Victoria droeg bij haar huwelijk in 1840 een boeket van enkel witte bloemen. Haar hoofd was getooid met, helemaal in traditie, een krans van oranjebloesem en mirte. Mirte gold net als dille als een symbool van reinheid, liefde en vruchtbaarheid en Victoria was er dol op. In 1845 kreeg zij van haar Duitse schoonmoeder een mirtestruik die zij plantte in de tuinen van Osborne House, het koninklijk verblijf op het eiland Wight. Nakomelingen van deze mirte zijn daar nog steeds te vinden. Tot op de dag van vandaag worden bij huwelijken van het Britse vorstenhuis mirtebloemen van de voormalige residentie in de bruidsboeketten verwerkt.Met haar boeket zette Victoria lange tijd de trend. In de Provinciale Noordbrabantsche en 's Hertogenbosche Courant van 8 september 1888 lezen we het duidelijk: 'Ieder kent het voorschrift dat een bruidsboeket wit moet zijn'. In diezelfde krant lezen we ook: 'De mode wil dat de tegenwoordige boeketten eenigszins plat gevormd zijn, in tegenstelling van de vroegere hooge boeketten', waarmee vast staat dat het bruidsboeket ook toen al aan mode onderhevig was. Eigentijdse opvattingen over schoonheid spelen een grote rol, maar ook praktische overwegingen: 'Met een goed bruidsboeket moet je kunnen gooien en smijten', zo schreef een journalist in 1958 in het dagblad De Tijd naar aanleiding van zijn bezoek aan een huwelijksbeurs. Of zou dat typisch Nederlands zijn?