Reeds in de 12de eeuw waren er groepen vrouwen die hun leven invulden met het dienen van de plaatselijke gemeenschap, zonder onderdeel te zijn van de clerus. De latere hoven werden gesticht om hun toenemende invloed en daarmee ...

Reeds in de 12de eeuw waren er groepen vrouwen die hun leven invulden met het dienen van de plaatselijke gemeenschap, zonder onderdeel te zijn van de clerus. De latere hoven werden gesticht om hun toenemende invloed en daarmee vermeende dwaalleren zoveel mogelijk te reguleren. Begijnen leefden veelal aan de rand van de stad, maar zonderden zich niet af. Een hof was feitelijk een seculier klooster, waar ook een zekere persoonlijke vrijheid heerste. Die manier van leven is later verworden tot het cliché van de schuwe en wereldvreemde zonderling, terwijl deze sociale vrouwen juist autonoom, inventief en weerbaar waren. In maart is de tentoonstelling te zien in het Sint-Elisabethbegijnhof te Kortrijk, dat werd gesticht in 1238. Kortrijk is overigens de stad waar in 2013 de laatste begijn overleed. De reeks is daarna nog te zien in Diest, Gent, Breda, Tongeren, Brugge en Overijse.