Opinie

Kristof Clerix

‘Fiscale fraude niet langer topprioriteit? Die beslissing van Annelies Verlinden is onverdedigbaar’

Kristof Clerix is redacteur bij Knack

Knack-journalist Kristof Clerix, die de voorbije jaren meewerkte aan verschillende internationale onderzoeken naar financiële misdrijven, vindt het onverdedigbaar dat fiscale fraude niet langer een topprioriteit is voor de Belgische politie.

‘De strijd tegen fiscale fraude wordt onverminderd verdergezet.’ Zo staat het in het regeerakkoord van september 2020. Flash forward naar december 2021. ‘Belastingfraude geen topprioriteit meer voor politie’, kopt De Tijd.

De krant achterhaalde dat in het Nationaal Veiligheidsplan 2022-2025, dat op 1 januari van kracht wordt, fiscale fraude niet langer bij de fenomenen staat die een ‘bijzondere aandacht’ verdienen van alle politiediensten in ons land. Het plan zit in een laatste fase om goedgekeurd te worden door minister van Binnenlandse Zaken Annelies Verlinden (CD&V) en haar collega van Justitie Vincent Van Quickenborne (Open VLD). De socialisten en de groenen reageerden alvast boos. Terecht. Want hoe krijg je uitgelegd dat fiscale fraude géén topprioriteit meer hoeft te zijn voor de politie?

Fiscale fraude niet langer topprioriteit? Die beslissing van Annelies Verlinden is onverdedigbaar.

De voorbije acht jaar heb ik het voorrecht gehad om met het Internationaal Consortium van Onderzoeksjournalisten (ICIJ), en samen met De Tijd en Le Soir, miljoenen gelekte documenten in te kijken over geheime financiële constructies en afspraken. Natuurlijk gaan die documenten niet allemaal over fiscale fraude (uiteindelijk kan enkel de rechter dat bepalen), maar ze tonen wel aan dat Belgen niet vies zijn van een geheime belastingdeal in Luxemburg, een bankrekening in Zwitserland of een postbusbedrijfje in een belastingparadijs.

In LuxLeaks (2014) ging het om 37 belastingakkoorden die Luxemburg afsloot met 26 van de rijkste families en grootste bedrijven van ons land. SwissLeaks (2015) legde bloot dat meer dan zes miljard dollar geparkeerd stond op Zwitserse HSBC-bankrekeningen van 3002 Belgen. In de Panama Papers (2016) achterhaalden we dat 712 Belgische burgers en inwoners een offshore constructie hadden opgezet, en dat een voormalig dochterbedrijf van Dexia meer dan 1600 offshores had helpen oprichten. Uit de Bahamas Leaks (2016) bleek dat nog eens 92 Belgische burgers of inwoners gelinkt waren aan 116 Bahamaanse offshores. In de gelekte Paradise Papers (2017) vonden we 500 Belgen. Het Panama Papers II-lek (2018) onthulde nog eens 133 nieuwe namen van Belgen. En in oktober bleek uit de Pandora Papers (2021) dat 1217 burgers en inwoners van België via 14 offshoreproviders schermbedrijven en trusts hebben opgericht in belastingparadijzen.

Komt daar nog bij dat al die leaks en papers slechts het topje van de ijsberg zijn. Met elk nieuw lek wordt duidelijk dat zo veel zaken nog niet naar buiten zijn gekomen. Kortom, er is in België werk aan de winkel. Niet alleen voor de antiwitwascel CFI en voor de Bijzondere Belastinginspectie (BBI), maar ook voor de politie.

‘Met elk nieuw lek wordt duidelijk dat zo veel zaken nog niet naar buiten zijn gekomen. Kortom, er is in België werk aan de winkel.’

Fiscale onderzoeken zijn in de regel bijzonder moeilijk. Speurders moeten vaak complexe internationale constructies blootleggen, waarvoor ze aangewezen zijn op informatie van landen die net bekendstaan voor geheimhouding. Zo’n internationale gegevensuitwisseling kan soms lang duren, en in complexe dossiers loert de kans op procedurefouten altijd om de hoek. Om toch te slagen, kun je beter voldoende beslagen financiële speurders in huis hebben. Maar net daar knelt het schoentje in ons land. Al jaren.

In september, bij de start van het gerechtelijk jaar, hekelde de Brusselse procureur-generaal Johan Delmulle opnieuw het tekort aan middelen om financiële en fiscale criminaliteit aan te pakken. Bij de Federale Gerechtelijke Politie Brussel blijkt het aantal gespecialiseerde speurders gedaald van 131 in 2002 naar 87 vandaag, aldus Delmulle.

‘Het College van procureurs-generaal heeft al bij herhaling de alarmklok over het schrijnende tekort aan gespecialiseerde speurders geluid bij de minister van Justitie en, via hem, bij de minister van Binnenlandse Zaken. Ook in mijn openingsrede in 2019, die voorstellen bevatte om de strijd tegen de georganiseerde economische en financiële criminaliteit en tegen de fiscale en sociale fraude efficiënter te voeren, werd de versterking van de federale gerechtelijke politie als een kritieke succesfactor naar voren geschoven. We zijn twee jaar verder en ik zie geen vooruitgang op het terrein, wel integendeel.’

Knack onderzocht eerder al de resultaten van zo’n beleid. Vaststelling? Fiscale fraudeurs belanden in België zelden in de cel.

In een interview met Knack stipte Europol-directeur Catherine De Bolle recent nog aan dat wereldwijd naar schatting liefst 7500 miljard euro offshore geparkeerd staat. De Bolle: ‘Het Europese aandeel ervan bedraagt 1500 miljard euro. Verder weten we dat in 2016 op die manier voor 46 miljard euro aan belastingen ontdoken is in de EU.’

In oktober riep het Europees Parlement Europol op om in het kader van onderzoeken naar fiscale misdrijven intensiever samen te werken met de lidstaten.

Maar wat doet België – een land waar banken als UBS en HSBC miljoenenschikkingen sloten om hun vervolging af te kopen, en waar 18 voetbalclubs onderzocht worden in een belastingschandaal? Het schrapt fiscale fraude uit de prioriteitenlijst van de politie. Onbegrijpelijk en onverdedigbaar. Daarom, mevrouw de minister, een urgente oproep om te doen wat het regeerakkoord belooft. Zet de strijd tegen fiscale fraude voort. Onverminderd. En neem fiscale fraude in het nieuwe Nationaal Veiligheidsplan opnieuw op als topprioriteit.

Partner Content