'Hou de zwemmer niet langer uit het water.' Met die woorden richtte Sigrid Spruyt, gewezen VRT-nieuwsanker en gepassioneerd zwemmer, zich in een column in De Morgen tot onze premier. 'Zwemmen is meer dan een hobby, het is een levenswijze, het is therapie, het is meditatie, en bovenal: het is de gezondste sport die er bestaat volgens alle wetenschappelijke studies.'

Zwemmen is inderdaad een heel gezonde sport, zegt hoogleraar inspanningsfysiologie Romain Meeusen (VUB). 'Maar om nu te zeggen dat alle wetenschappelijke studies bewijzen dat het dé gezondste sport is, vind ik op z'n minst overdreven. Ik ken alvast geen studies die op grote schaal vergelijkingen maken tussen verschillende sporttakken. Bij zwemmen is er geen impact op de gewrichten, waardoor recreatieve zwemmers amper blessures krijgen. Maar verder is het gezondheidsbevorderende effect niet groter dan bij andere (duur)sporten.'

Hoogleraar inspanningsfysiologie Peter Hespel (KU Leuven) is het daarmee eens. 'Het klopt dat er bij zwemmen veel minder blessures zijn dan bij pakweg voetbal of lopen. Maar dat is wel een zeer enge visie op gezondheid. Lopen, roeien of fietsen bevordert net zo goed de cardiovasculaire conditie. En ook de mentale en sociale gezondheid spelen een rol: als je mij zou verplichten om drie keer per week te zwemmen, word ik gek. Het gezondst is een combinatie van sporten, zodat je al je spieren op verschillende manieren gebruikt. Triatlon op een recreatieve manier - één keer per week zwemmen, fietsen en lopen - is gezonder dan drie keer per week zwemmen.'

De uitspraak van Sigrid Spruyt is dus overdreven.

Ook Wim Derave, hoogleraar inspanningsfysiologie (UGent), kent de vele voordelen van zwemmen. 'Je gebruikt alle spieren van je lichaam, het is goed voor de uithouding en niet belastend voor de gewrichten. Uit studies blijkt ook dat het bevorderlijk is voor mensen met een hoge bloeddruk. Maar er zijn ook nadelen: voor de preventie en behandeling van osteoporose is zwemmen niet geschikt, omdat botten juist versterkt worden door impact. En de chloordampen in een zwembad kunnen voor sommige mensen ademhalingsproblemen opleveren, al is dat risico beperkt. Bovendien toont een overzichtsartikel uit 2009 aan dat er onvoldoende bewijs is dat zwemmen béter is voor hart en bloedvaten dan andere sporten, misschien zelfs integendeel. De uitspraak van Sigrid Spruyt is dus overdreven.'

'Uit een recente Britse studie blijkt dat zwemmers gezonder zijn en zich beter in hun vel voelen dan niet-zwemmers', zegt Kristine De Martelaer, hoogleraar verbonden aan de onderzoeksgroep MOVE (VUB) en auteur van Levenslang zwemmen. 'Zwemmen in open water blijkt extra winst op te leveren. Een ander voordeel is dat ook ouderen en mensen met diverse beperkingen, zoals rug- en gewrichtsklachten of overgewicht, kunnen blijven zwemmen. Naast de fysieke conditie worden bij zwemmen ook de coördinatie en het evenwicht getraind. Uit een studie bij jonge kinderen blijkt dat wateractiviteiten gunstig zijn voor de ontwikkeling van de grove motoriek, tijdinschatting en het redeneervermogen. Al is het uiteraard belangrijk voor de botontwikkeling dat zij zwemmen combineren met andere vormen van beweging. Variatie is nodig, maar zwemmen lijkt me op veel vlakken toch een uitschieter. Om zwart op wit te bewijzen dat het echt de gezondste sport is, zouden er studies nodig zijn die grote groepen mensen vergelijken over een lange periode.'

Conclusie

Zwemmen heeft verschillende gezondheidsvoordelen, zo blijkt uit heel wat onderzoek. Maar dat het dé gezondste sport is, achten de experts (nog) niet bewezen. Daarom beoordeelt Knack de stelling als eerder onwaar.

BRONNEN

Alle bronnen werden laatst geraadpleegd op 17 juni 2020 tenzij anders vermeld.

* Bijgewerkt op 25/6/2020 om 09:22, om bronvermeldingen en hyperlinks toe te voegen aan het artikel.

Krasse uitspraak, straf cijfer of dito feit in de actualiteit gezien? Stuur uw vraag met exacte bronvermelding van het citaat naar factchecker@knack.be

RMG
© RMG

Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.

'Hou de zwemmer niet langer uit het water.' Met die woorden richtte Sigrid Spruyt, gewezen VRT-nieuwsanker en gepassioneerd zwemmer, zich in een column in De Morgen tot onze premier. 'Zwemmen is meer dan een hobby, het is een levenswijze, het is therapie, het is meditatie, en bovenal: het is de gezondste sport die er bestaat volgens alle wetenschappelijke studies.' Zwemmen is inderdaad een heel gezonde sport, zegt hoogleraar inspanningsfysiologie Romain Meeusen (VUB). 'Maar om nu te zeggen dat alle wetenschappelijke studies bewijzen dat het dé gezondste sport is, vind ik op z'n minst overdreven. Ik ken alvast geen studies die op grote schaal vergelijkingen maken tussen verschillende sporttakken. Bij zwemmen is er geen impact op de gewrichten, waardoor recreatieve zwemmers amper blessures krijgen. Maar verder is het gezondheidsbevorderende effect niet groter dan bij andere (duur)sporten.' Hoogleraar inspanningsfysiologie Peter Hespel (KU Leuven) is het daarmee eens. 'Het klopt dat er bij zwemmen veel minder blessures zijn dan bij pakweg voetbal of lopen. Maar dat is wel een zeer enge visie op gezondheid. Lopen, roeien of fietsen bevordert net zo goed de cardiovasculaire conditie. En ook de mentale en sociale gezondheid spelen een rol: als je mij zou verplichten om drie keer per week te zwemmen, word ik gek. Het gezondst is een combinatie van sporten, zodat je al je spieren op verschillende manieren gebruikt. Triatlon op een recreatieve manier - één keer per week zwemmen, fietsen en lopen - is gezonder dan drie keer per week zwemmen.' Ook Wim Derave, hoogleraar inspanningsfysiologie (UGent), kent de vele voordelen van zwemmen. 'Je gebruikt alle spieren van je lichaam, het is goed voor de uithouding en niet belastend voor de gewrichten. Uit studies blijkt ook dat het bevorderlijk is voor mensen met een hoge bloeddruk. Maar er zijn ook nadelen: voor de preventie en behandeling van osteoporose is zwemmen niet geschikt, omdat botten juist versterkt worden door impact. En de chloordampen in een zwembad kunnen voor sommige mensen ademhalingsproblemen opleveren, al is dat risico beperkt. Bovendien toont een overzichtsartikel uit 2009 aan dat er onvoldoende bewijs is dat zwemmen béter is voor hart en bloedvaten dan andere sporten, misschien zelfs integendeel. De uitspraak van Sigrid Spruyt is dus overdreven.' 'Uit een recente Britse studie blijkt dat zwemmers gezonder zijn en zich beter in hun vel voelen dan niet-zwemmers', zegt Kristine De Martelaer, hoogleraar verbonden aan de onderzoeksgroep MOVE (VUB) en auteur van Levenslang zwemmen. 'Zwemmen in open water blijkt extra winst op te leveren. Een ander voordeel is dat ook ouderen en mensen met diverse beperkingen, zoals rug- en gewrichtsklachten of overgewicht, kunnen blijven zwemmen. Naast de fysieke conditie worden bij zwemmen ook de coördinatie en het evenwicht getraind. Uit een studie bij jonge kinderen blijkt dat wateractiviteiten gunstig zijn voor de ontwikkeling van de grove motoriek, tijdinschatting en het redeneervermogen. Al is het uiteraard belangrijk voor de botontwikkeling dat zij zwemmen combineren met andere vormen van beweging. Variatie is nodig, maar zwemmen lijkt me op veel vlakken toch een uitschieter. Om zwart op wit te bewijzen dat het echt de gezondste sport is, zouden er studies nodig zijn die grote groepen mensen vergelijken over een lange periode.'