De jonge wielrenner Bjorg Lambrecht overleed na een zware val in de Ronde van Polen. In de krant De Morgen liet sportjournalist Hans Vandeweghe wielerarts Yvan Vanmol en oud-wielrenner Frank Hoste aan het woord. Hun conclusie is dat wielrennen de allergevaarlijkste sport is. De redenen zijn divers: er wordt sneller gefietst en het peloton rijdt dichter op elkaar dan vroeger. Fietsen zijn lichter en daardoor minder stabiel.

Vandeweghe relativeert tegenover Knack de tussenkop 'Gevaarlijkste aller sporten' in het artikel: 'Het is inderdaad moeilijk bewijsbaar. Er vallen in verhouding meer doden bij het beklimmen van de Mount Everest, maar het staat wel vast dat in het wielrennen veel en steeds meer gevallen wordt. Mijn punt is dat het wielrennen in tegenstelling tot andere sporten helemaal niet veiliger is geworden. De sinds 2003 verplichte valhelm is zowat de belangrijkste veiligheidsmaatregel. Zowat alle andere sporten zijn de afgelopen twintig jaar veel veiliger geworden, denk maar aan formule 1, motorrijden, skieën, eventing (paardensport). Die sporten worden op beveiligde circuits beoefend. Maar wielrenners racen op de openbare weg, met al zijn obstakels.'

Wielrennen is in tegenstelling tot andere sporten helemaal niet veiliger is geworden.

Hans Vandeweghe

Concrete gegevens of vergelijkend wetenschappelijk onderzoek over risico's en slachtoffers onder beroepssporters zijn niet meteen te vinden. Op het internet circuleren wel lijstjes van dodelijke slachtoffers in sporten, maar die blijken niet altijd correct of onvolledig.

Wauthier Robyns, woordvoerder van verzekeringskoepel Assuralia, zegt dat ook verzekeringsmaatschappijen geen specifieke data bijhouden. 'Verzekeraars beschouwen competitiesport sowieso als een risico en zullen vaak strengere voorwaarden of zelfs uitsluitingsclausules in bepaalde polissen opnemen.' Noch de KBWB, noch de UCI houdt gegevens bij over ongevallen.

De meest betrouwbare data zijn te vinden bij Fedris, de overheidsinstelling die gegevens bijhoudt over arbeidsongevallen - beroepssporters in België zijn daar verplicht tegen verzekerd. Alexandra De Backer van de afdeling Studies & Ontwikkeling van Fedris zocht het op. Tussen 2009 en 2018 vielen tien doden bij beroepssporters. Vier daarvan werden niet aanvaard als arbeidsongeval. Bij de zes erkende arbeidsongevallen waren drie wielrenners. 'Dat is duidelijk een indicatie van het gevaar van wielrennen', zegt De Backer. De totaalcijfers van sportongevallen (dus ook zonder dodelijke afloop) versterken die indicatie. Er waren bijvoorbeeld 6550 letselongevallen in het voetbal, maar zonder doden. In het wielrennen telde men ruim 800 ongevallen, maar wel met drie doden. 'Er zijn veel meer beroepsvoetballers dan wielrenners, en ook dat wijst weer op het grotere gevaar.' Ter vergelijking: gevechtssporten leverden 6 arbeidsongevallen op, tennis 25 en paardensport 110. De Backer wijst erop dat vallen een van de grootste oorzaken is van alle arbeidsongevallen, ook buiten de sport: 'Dodelijke ongevallen in een bepaalde sector betekent bovendien dat in die sector meer ernstige letselongevallen gebeuren.'

Conclusie

De uitspraken in De Morgen zijn weliswaar veralgemenend en steunen niet op uitgebreid onderzoek, maar de schaarse beschikbare statistieken over arbeidsongevallen wijzen er duidelijk op dat wielrennen een van de gevaarlijkste sporten is. Knack beoordeelt de stelling daarom als grotendeels waar.

Krasse uitspraak, straf cijfer of dito feit in de actualiteit gezien? Stuur uw vraag met exacte bronvermelding van het citaat naar factchecker@knack.be

Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.