In de Europese Unie wordt vandaag/dinsdag European Fish Dependence Day "gevierd". Dat betekent dat de Europeanen alle vis die dit jaar in de Europese wateren kan worden gevangen of in viskwekerijen kan worden geteeld, hebben opgebruikt. De rest van het jaar hangen ze voor hun consumptie van vis en zeevruchten af van invoer van buiten Europa. Dat zegt de milieuorganisatie WWF.

Volgens WWF eet een gemiddelde persoon in de Europese Unie elk jaar 22,7 kilogram vis. Dat is een pak meer dan de hoeveelheid vis die uit de nationale en Europese wateren kan worden gehaald en de hoeveelheid vis die via aquacultuur wordt geteeld.

Het aanbod afgezet tegen de consumptie, geeft een graad van zelfvoorziening van 52 procent. Of met andere woorden: bijna de helft van de in de Europese Unie geconsumeerde vis moet van elders ingevoerd worden.

De graad van zelfvoorziening is erg verschillend per land. Lidstaten die niet aan de zee liggen, zijn het meest afhankelijk van invoer. Maar ook België, dat een kleine vloot vissersboten heeft, komt maar op 14 procent zelfvoorziening. Fish Dependence Day valt er al op 22 februari.

Aan de andere kant vangen Estland, Ierland, Kroatië en Nederland genoeg vis om zelfvoorzienend te zijn.

WWF pleit voor ambitieuze visserijplannen op lange termijn, waarbij er allereerst nog meer maatregelen moeten komen tegen overbevissing. 'Als de visbestanden in het noordoosten van de Atlantische Oceaan hersteld zouden worden, zou de zelfvoorzienendheid van de Europese Unie met bijna drie maanden opschuiven. Dan zou Fish Dependence Day niet op 9 juli vallen, maar op 2 oktober.'

De milieuorganisatie roept consumenten ook op om in de winkel altijd te kiezen voor duurzame vis.