In de eerste twee stemrondes slaagde hij er, net als zijn uitdager Björn Höcke van de radicaalrechtse partij Alternative für Deutschland (AfD), niet in de vereiste absolute meerderheid van 46 stemmen binnen te halen. In de derde stemronde volstaat het volgens de grondwet van Thüringen om de meeste stemmen te halen, en daarin haalde Ramelow het met 42 stemmen. Hij was ook de enige kandidaat, Höcke trok zich voor de derde stemronde terug.

Daarmee komt een einde aan een maand van politieke crisis in Thüringen. Op 5 februari werd Thomas Kemmerich van de liberale partij FDP verrassend verkozen tot minister-president. Dat gebeurde met stemmen van AfD en de christendemocratische CDU. Een en ander zorgde voor schokgolven tot op het nationale niveau in Duitsland, omdat de rode lijn was overschreden dat niet wordt samengewerkt met extreemrechts.

Het was voor CDU-voorzitster Annegret Kramp-Karrenbauer ook de druppel om vervroegd op te stappen aan de leiding van de partij en dus af te stappen van haar stempel als gedoodverfde opvolgster van bondskanselier Angela Merkel. AKK had er sowieso al een hobbelig parcours opzitten, nadat ze eind 2018 het CDU-partijvoorzitterschap had overgenomen van Merkel.

De heisa zorgde ervoor dat Kemmerich enkele dagen na zijn verkiezing al opstapte als minister-president. In een nieuwe poging om een regeringsleider voor de deelstaat te verkiezen, nam uittredend minister-president Ramelow het op tegen Höcke, AfD-leider in Thüringen en voorzitter van de extreemrechtse 'Flügel' binnen de partij die door de Duitse binnenlandse veiligheidsdienst in de gaten gehouden wordt wegens bedreigingen voor de democratie.

De 64-jarige Ramelow wordt nu leider van een minderheidsregering bestaande uit Die Linke, de sociaaldemocratische SPD en de Groenen. Het wordt ook een overgangsregering, tot nieuwe deelstaatverkiezingen in Thüringen op 25 april 2021.

In de eerste twee stemrondes had Ramelow ook al 42 stemmen gekregen. Dat komt overeen met het gewicht van Die Linke, SPD en de Groenen in het deelstaatparlement van Thüringen. Höcke kreeg in die stemrondes telkens 22 stemmen, evenveel als het aantal parlementsleden van AfD. Er waren telkens ook 21 onthoudingen, wat overeenkomt met de sterkte van de CDU in het deelstaatparlement. De christendemocraten hadden vooraf ook aangekondigd dat ze zich zouden onthouden.

In de derde stemronde waren er 20 onthoudingen en 23 neen-stemmen, wat erop zou kunnen wijzen dat een CDU-parlementslid tegen Ramelow stemde. De FDP-parlementsleden stemden in geen enkele stemronde mee.

In de eerste twee stemrondes slaagde hij er, net als zijn uitdager Björn Höcke van de radicaalrechtse partij Alternative für Deutschland (AfD), niet in de vereiste absolute meerderheid van 46 stemmen binnen te halen. In de derde stemronde volstaat het volgens de grondwet van Thüringen om de meeste stemmen te halen, en daarin haalde Ramelow het met 42 stemmen. Hij was ook de enige kandidaat, Höcke trok zich voor de derde stemronde terug.Daarmee komt een einde aan een maand van politieke crisis in Thüringen. Op 5 februari werd Thomas Kemmerich van de liberale partij FDP verrassend verkozen tot minister-president. Dat gebeurde met stemmen van AfD en de christendemocratische CDU. Een en ander zorgde voor schokgolven tot op het nationale niveau in Duitsland, omdat de rode lijn was overschreden dat niet wordt samengewerkt met extreemrechts. Het was voor CDU-voorzitster Annegret Kramp-Karrenbauer ook de druppel om vervroegd op te stappen aan de leiding van de partij en dus af te stappen van haar stempel als gedoodverfde opvolgster van bondskanselier Angela Merkel. AKK had er sowieso al een hobbelig parcours opzitten, nadat ze eind 2018 het CDU-partijvoorzitterschap had overgenomen van Merkel. De heisa zorgde ervoor dat Kemmerich enkele dagen na zijn verkiezing al opstapte als minister-president. In een nieuwe poging om een regeringsleider voor de deelstaat te verkiezen, nam uittredend minister-president Ramelow het op tegen Höcke, AfD-leider in Thüringen en voorzitter van de extreemrechtse 'Flügel' binnen de partij die door de Duitse binnenlandse veiligheidsdienst in de gaten gehouden wordt wegens bedreigingen voor de democratie. De 64-jarige Ramelow wordt nu leider van een minderheidsregering bestaande uit Die Linke, de sociaaldemocratische SPD en de Groenen. Het wordt ook een overgangsregering, tot nieuwe deelstaatverkiezingen in Thüringen op 25 april 2021. In de eerste twee stemrondes had Ramelow ook al 42 stemmen gekregen. Dat komt overeen met het gewicht van Die Linke, SPD en de Groenen in het deelstaatparlement van Thüringen. Höcke kreeg in die stemrondes telkens 22 stemmen, evenveel als het aantal parlementsleden van AfD. Er waren telkens ook 21 onthoudingen, wat overeenkomt met de sterkte van de CDU in het deelstaatparlement. De christendemocraten hadden vooraf ook aangekondigd dat ze zich zouden onthouden. In de derde stemronde waren er 20 onthoudingen en 23 neen-stemmen, wat erop zou kunnen wijzen dat een CDU-parlementslid tegen Ramelow stemde. De FDP-parlementsleden stemden in geen enkele stemronde mee.