Olivier Roy ontvangt me bij hem thuis in het stadje Dreux, op een uur rijden van Parijs. De bekende politoloog en auteur van veelgeprezen boeken over de islam staat ontspannen zwaaiend met zijn hemd uit de broek in de deuropening van zijn herenhuis. Hij is koffers aan het pakken, met zijn vrouw en zoon vertrekt hij weer naar Firenze, waar hij doceert aan het European University Institute. Maar er is nog even tijd voor een gesprek over het fenomeen 'cultuurchristenen' en zijn laatste boek , L'Europe est-elle chrétienne? 'Het antwoord op die vraag is nee', zegt Roy in de woonkamer, terwijl hij koffie serveert. 'Tot in de jaren zestig waren de dominante waarden van de Europese samenlevingen geseculariseerde christelijke waarden. Maar dat is niet meer zo.'
...

Olivier Roy ontvangt me bij hem thuis in het stadje Dreux, op een uur rijden van Parijs. De bekende politoloog en auteur van veelgeprezen boeken over de islam staat ontspannen zwaaiend met zijn hemd uit de broek in de deuropening van zijn herenhuis. Hij is koffers aan het pakken, met zijn vrouw en zoon vertrekt hij weer naar Firenze, waar hij doceert aan het European University Institute. Maar er is nog even tijd voor een gesprek over het fenomeen 'cultuurchristenen' en zijn laatste boek , L'Europe est-elle chrétienne? 'Het antwoord op die vraag is nee', zegt Roy in de woonkamer, terwijl hij koffie serveert. 'Tot in de jaren zestig waren de dominante waarden van de Europese samenlevingen geseculariseerde christelijke waarden. Maar dat is niet meer zo.' Waarom zegt u 'geseculariseerd' en niet gewoon 'christelijk'? Olivier Roy: Het zijn dezelfde waarden, maar sinds de verlichting zijn ze voorzien van een ander fundament: God werd vervangen door de rede. We wisselden van metafysisch model, maar de moraal bleef hetzelfde. Descartes en Kant waren absoluut niet antichristelijk, en zeker ook geen feministen. Pas in de jaren zestig ging de visie op de familie, de vrouw en de seksualiteit op de schop. Plotseling gold het streven naar het bevredigen van behoeften en verlangens als positief en werd de individuele vrijheid het belangrijkste criterium. Dat is niets minder dan een antropologische revolutie. De impact van de sixties is alleen te vergelijken met de Reformatie in de zestiende eeuw. De katholieke kerk zag onmiddellijk het gevaar, schrijft u. Roy: In juli 1968 publiceerde paus Paulus VI de encycliek Humanae Vitae, waarin hij de aanval op de traditionele seksuele moraal veroordeelde. Sinds Paulus volgen alle pausen - inclusief Franciscus - dezelfde lijn: het is rampzalig als alles draait om de individuele vrijheid. De vorige paus, Benedictus XVI, sprak van 'niet-onderhandelbare principes': de kerk is tegen abortus, tegen het homohuwelijk, tegen ivf-behandelingen. Dat is niet zomaar zedenmeesterij, de kerk vindt dat de waarheid moet worden verdedigd tegen het relativisme. Het huidige Europa is volgens Rome in de greep van een cultuur van de dood. De kerk staat met haar afwijzing van abortus, euthanasie en de promotie van de voortplanting binnen het natuurlijke kader van het gezin voor een cultuur van het leven. De protestanten reageerden anders. Roy: In de Verenigde Staten verdedigen de evangelicals dezelfde positie als de katholieken. Maar de meeste protestanten in Europa bogen inderdaad mee met de veranderingen, zij hebben zichzelf geseculariseerd. Zie het voorbeeld van het homohuwelijk: als twee mannen van elkaar houden, is dat liefde en dus ook goed. Hoe dan ook, de secularisering heeft gewonnen en gaat nog steeds verder. Zo ver dat het onbegrip tussen de kleine minderheid van gelovigen en de ongelovigen nu vrijwel totaal is, ze delen niet langer dezelfde cultuur. In Aubagne, in de Provence, sprak ik een priester die vertelde dat hij een huwelijksmis moest onderbreken omdat de bruid, zonder kwade bedoelingen, blikjes bier had laten uitdelen. Wat moeten we in deze context denken van cultuurchristenen en rechts-nationalistische politici die hun 'christelijke wortels' benadrukken? Roy: Het probleem is dat ze nooit zeggen welke waarden ze precies bedoelen. Naastenliefde? Die beperkt zich bij hen tot de eigen groep. Het universele karakter van het christendom willen ze niet zien. De eerste populist die Togolese of Senegalese christenen aan de borst drukt, moet ik nog tegenkomen. Met de niet-onderhandelbare principes van Benedictus hebben ze ook niets. De meeste leiders van populistische partijen zijn hedonisten, feestneuzen. Ze zijn tegen de elite, tegen Europa, tegen immigratie en tegen de islam. Hun mentale horizon is die van mei 1968: Geert Wilders, Marine Le Pen en Matteo Salvini hebben niets tegen homoseksuelen en zijn heel erg voor de gelijkheid van man en vrouw. Maar in christelijke zin zijn man en vrouw alleen gelijk in de zin van gelijkwaardig, ze hebben ieder een andere rol te spelen. De waarden die de populisten verdedigen, zijn postchristelijke waarden. En bij sommigen zijn ook prechristelijke paganistische waarden erg in trek. Anders gezegd, het cultuurchristendom heeft geen inhoud? Roy: Ik zou tenminste niet weten wat het nog inhoudt. Wat blijft er over als zowel het geloof als de normen ontbreken? Het gehamer op de christelijke identiteit dient alleen om de islam beter te kunnen verwerpen. De Duitse minister van Binnenlandse Zaken Horst Seehofer zei vorig jaar dat de islam geen deel uitmaakt van Duitsland omdat zijn land een christelijk land is. Dat kon je volgens hem zien aan de zon- en feestdagen. Maar dat zijn culturele merktekens, die geen enkel verband meer houden met een geloofspraktijk. Voor hoeveel procent van de Europese bevolking betekent Pinksteren iets anders dan een lang weekend met veel files? Overleeft de christelijke identiteit het einde van het geloof, is dan de vraag. Roy: In Denemarken, waar ik onlangs was voor de vertaling van mijn boek, had ik een debat over die kwestie. Mensen daar zeiden: natuurlijk geloven wij niet in God, maar wij zijn lutheranen omdat wij Denen zijn, het is de kerk van dit volk. Wij houden ervan om met kerst naar de kerk te gaan, samen te zingen en daarna met de hele familie te eten en te drinken. Dat was hun christelijke identiteit, vonden zij. Nee, antwoordde ik, dat is een vorm van nostalgie, van Deens zijn, jullie hebben het over je Deense identiteit. Want stel dat een moslim zich wil bekeren en bij jullie kerk wil horen. Wat zeggen jullie dan? Ze reageerden gegeneerd. Een religie zonder geloof is ten dode opgeschreven, alleen de folklore blijft over. En wat zijn de kansen van een conservatieve revolutie die sommigen, zoals Thierry Baudet in Nederland, bepleiten? Roy: Zo'n omgekeerd mei '68 zit er eenvoudig niet in. Met een anti-islamdiscours kun je nog succes hebben, maar een pleidooi om terug te keren naar traditionele familiewaarden, daar zit vrijwel niemand op te wachten. Het christendom is ons verleden, niet onze toekomst. Er is ook geen terugkeer van religie, zoals je vaak hoort. De ontkerstening heeft een reactie opgeroepen, maar die groepen zijn geïsoleerde minderheden. Ze vallen op, maar ze zijn geen voorbode van een veel bredere beweging. Praktiserende christenen zijn overal op de terugtocht, in Europa gaat tussen de 5 en 10 procent van de bevolking nog naar de kerk, alleen in Polen is het meer. Voor moslims geldt trouwens hetzelfde, het salafisme is niet in opkomst maar in crisis. In Iran, Turkije en Tunesië verliest religie naar mijn idee ook terrein. In Egypte is atheïsme onlangs strafbaar gesteld, dat is een teken aan de wand.