‘Wilde bloemen’ van Rony Roeland: ‘een bokkig maar middelmatig boek’

© GF
Lukas De Vos
Lukas De Vos Europakenner

Rony Roeland heeft potentieel, ongetwijfeld, maar vooralsnog blijft hij nog een thrillerauteur in spe.

Taalbeheersing laat zich afmeten aan het aantal uitroeptekens per bladzijde. Bij Roeland loopt dat makkelijk boven de vijf uit, nog altijd beter dan de gewrochten van ‘den triplen artiest’, Jan Arnold van der Borght (Juan del Castro, 1772-1842, enigszins beneveld gestorven door naast het brugje over de Antwerpse Minderbroedersrui te stappen en loodrecht in de modder te zijn gezonken tot de dood erop volgde), die in zijn schelddicht Den Wanhoopigen en Raezenden Napoleon meer leestekens gebruikt dan woorden (Napoleon kwam niet meer uit zijn woorden).

Rony Roeland is het prototype van de amateur met beste bedoelingen, een verzekeringsmakelaar op rust die zichzelf heeft beloofd ooit een roman te schrijven, omdat hij als aanloop lid werd van de Cyriel Buyssekring. De eenvoud van Het Bolleken ligt evenwel nog een eindweegs buiten zijn bereik. ‘Ik schrijf niet voor de critici maar voor de lezer. Ik spiegel me aan mijn idool, Cyriel Buysse, die ze destijds ook een vuilschrijver noemden. (…) Een werk dat geen kritiek verdraagt, is een slecht werk’. Eat That.

Roeland heeft al drie thrillers op zijn actief: Aan de Rand van de Toekomst (2018) waarin de vermoeide politiecommissaris Ludo Deckers in een baaierd van witteboordencriminaliteit ook nog es de verdwenen zus van zijn Oekraïens lief Olena moet opsporen; De Bitcoin (2020) waarin hij de voorspelling van Thomas Kiefer die de bitcoin bedacht over zijn eigen dood moet natrekken, en zijn lief zwanger is; en nu Wilde Bloemen (2022), dat een ingewikkelde vierhoeksverhouding (of partnerruil) moet ontwarren maar ingebed ligt in politieke en rechterlijke intriges, terwijl Olena bevallen is van Alexander – en nog kan hij niet op rust gaan.

Het grootste probleem met amateurs is dat ze alleen bij amateuruitgeverijen terechtkunnen, en de uitgavezorg het laatste van hun bekommernis of investering is. Een strenge eindredacteur ontbreekt, de taal- en zetfouten worden niet verbeterd, overbeklemtoning niet in toom gehouden. En dat is jammer, want Roeland kan een ingewikkeld plot beheerst uitwerken. Alleen verslikt hij zich geregeld in taalregisters, wat van de maatschappelijke verhoudingen geregeld een karikatuur maakt. Komt bij dat hij zijn persoonlijke (politieke) afkeuren voortdurend ventileert, wat ettelijke pamflettaire paragrafen oplevert. Ik geef toe, de omstandigheden zijn ernaar, met het nepnieuws, de oorlog in Oekraïne, de covidnasleep, de sensatiezucht van het televisienieuws, en de politieke strapatsen die ervoor zorgen dat extreme partijen het schone weer maken. Waardoor de auteur meermaals in toogpraat verzinkt.

Verwonderlijk is dat niet, want commissaris Deckers brengt meer tijd door in volkscafé De Welvaert bij de stoere bazin Linda, die de armenwijk (en haar nering) wil redden van de vastgoedbaronnen. De stuurlui aan de wal dus. Zegt, bij voorbeeld, de verdachte tegenhangster van Marilyn Monroe, Leen Metsers (die zowat het hele publieke leven in Antwerpen manipuleert, het Stadhuis, de haven, de opmars van rechts, het Schipperskwartier, mannen en vrouwen): ‘Politici zijn mooipraters en zwijgen enkel voor de camera’s. Maar als je op een delicate manier hun gevoelens bespeelt, komen ze los! Als je zo mooi als ik bent, willen de mannen indruk op je maken en vetellen ze hun diepste geheimen!’ (Let op de uitroeptekens). Enige ijdelheid lijkt wel een sterke drijfveer te zijn.

Zelfbeheersing is niet de grootste kwaliteit van de schrijver, en ook niet van zijn personages. Dat weegt op de subtiliteit van de plot. Vanaf het begin eigenlijk, wanneer Barbara Vreebos, een Nederbelg uit Brasschaat, vergiftigd wordt met ‘wilde bloemen’, wat slecht verhuld wordt door de val van een trap. Intussen dringt zich een aardige knoop van motief en verdachten op, en niemand niet echt van iemand houdt om de juiste redenen. Erfenis, geld en familiale belangen verdringen de menselijke aandriften. Verweven met de doorbraak van de Blauwvoetpartij – niet mis te verstaan. Als nevenplot dient zich natuurlijk de verstarrende toestand in de politietoren van de Oudaan aan, waar Deckers een haat-liefdeverhouding heeft met rechter Turk, en waar de jongere speurders plots concurrentie krijgen van een pientere nieuwkomer, Samira (autochtone van allochtone herkomst).

Er zit nogal wat melig en voorspelbaar actualiteitsgehussel in de plot, maar de ontrafeling van de puzzel, die Deckers schele hoofdpijn bezorgt, maakt veel goed. Vooral als hij uiteindelijk beseft dat hij tot driemaal toe op het verkeerde spoor zat. Of er uiteindelijk gestraften of veroordeelden uitkomen laat Roeland in het midden. De beschrijving van de verziekte sfeer in het Stadhuis en de norse commentaar op de belangrijkste spelers in het economisch-politieke web van de Stad zijn belangrijker dan de psychologie van de personages. Je krijgt de indruk dat de schrijver voor alles gestalte wil geven aan de afkeer die politiek inboezemt. Of aan de machteloosheid van de kiezer.

Roeland slaagt er niet altijd in het groteske te vermijden, wanneer hij de steevast bedronken anatoom-patholoog opvoert, of Leen, de spin in het netwerk beschrijft. Niettemin kneedt hij het verhaal en de spanning op voorbeeldige wijze, alleen gehinderd door zijn nevengedachten en zure oprispingen. Dat kan hem populair maken bij een simpel publiek, maar bij geharde lezers wekt het een gevoel van gêne, soms van overdaad.

Wilde Bloemen – dat overigens een prachtig omslag heeft met een tekening van Egon Schiele uit 1917 – dient zich daardoor aan als een bokkig maar middelmatig boek. Het lijdt aan de ziekte van overhaasting. De auteur zou best wat meer zelfkritiek hanteren, de uitgeverij meer aandacht besteden aan redactie en nalezing. Roeland heeft potentieel, ongetwijfeld. Dat kan er alleen uitkomen als hij niet de makkelijkste weg kiest – publiceren wat in zijn manuscript staat, zonder aftoetsing bij een ervaren panel en vooral bij een betrokken eindredacteur. Vooralsnog blijft Roeland nog een thrillerauteur in spe.

Rony Roeland, Wilde Bloemen. Gent, Beefcake 2022, 284 blz.

Partner Content