De literaire landkaart van Vlaanderen

Roderik Six
Roderik Six Journalist voor Knack

Vlaanderen. In een zucht ben je er doorheen. Als het verkeer een beetje mee wil, tenminste. Een drassig strookje aarde vol lintbebouwing, slaperige stadjes en steden die maar geen metropolen willen worden. Een reepje betonland waar het altijd motregent. Waar een stil volkje woont, dat graag klaagt en feest, graag de binnenvetter uithangt, en graag in brave stoeten loopt, die dan betogingen worden genoemd. Niemand die nog weet hoe we het moeten noemen. Is het een regio, een landsdeel, een federatie of toch, voor wie graag met vlaggen zwaait, een natie? Niemand die er echt om maalt. Zwijgen en doorwerken, met de kop naar de grond.

Geen plek waar literatuur gedijt, zou je denken. Maar ligt het aan de klei, aan die paar historische stadjes, of aan die loopgraven in De Westhoek waar voor het eerst voor een taal werd gevochten? Dat bastaardtaaltje Vlaams, dat veredelde dialect dat dankzij dappere dichters en schrijvers werd opgekweekt tot een rijk idioom waarmee zoveel schitterende boeken werden geschreven. Want een literaire landkaart vullen bleek vooral een oefening in schrappen. Talloze auteurs sneuvelden, zelfs buitenlandse namen als Teju Cole, Louis Couperus, W.F. Hermans, en Marie Louise de la Ramée die met A Dog of Flanders Antwerpen wereldberoemd maakte.

Wereldoorlogen en tapijtboeren, kromgewerkte arbeiders en kettingrokende stadsdwalers, zeeminnaars en boswandelaars, royalisten en heroïneverslaafden, kunstliefhebbers en communisten: je vind het allemaal op deze kaart. Vlaanderen is misschien niet meer dan enkele provincies die zich angstvallig aan elkaar vastklampen, maar er wordt geschreven. Meer dan je zou bevroeden. Aan u om te lezen, als u dan toch in de file staat.

Partner Content