'Eigenlijk heeft de coronacrisis mijn dagelijkse leven amper veranderd', zegt Haruki Murakami. 'Ik woon buiten de stad, dus ik kan elke dag mijn rondje lopen zonder enige beperkingen. Ik luister veel naar muziek. Mijn grootste probleem is dat ik niet naar het buitenland kan. Maar het schrijven vordert zoals gewoonlijk.' En zo ontstond, ongehinderd, Eerste persoon enkelvoud, het nieuwe boek van de Japanse successchrijver. Het verzamelt acht verhalen waarin telkens een ik-verteller herinneringen ophaalt. Met elk verhaal neemt de somberheid toe. Wilde de successchrijver iets nieuws uitproberen?
...

'Eigenlijk heeft de coronacrisis mijn dagelijkse leven amper veranderd', zegt Haruki Murakami. 'Ik woon buiten de stad, dus ik kan elke dag mijn rondje lopen zonder enige beperkingen. Ik luister veel naar muziek. Mijn grootste probleem is dat ik niet naar het buitenland kan. Maar het schrijven vordert zoals gewoonlijk.' En zo ontstond, ongehinderd, Eerste persoon enkelvoud, het nieuwe boek van de Japanse successchrijver. Het verzamelt acht verhalen waarin telkens een ik-verteller herinneringen ophaalt. Met elk verhaal neemt de somberheid toe. Wilde de successchrijver iets nieuws uitproberen? HARUKI Murakami:Nee. Of toch niet bewust. Als iets voor verandering zorgt in mijn werk, is het misschien simpelweg dat ik ouder geworden ben. Ik kan natuurlijk niet voor eeuwig zestien blijven. (lacht) Of het nu een bundel of een omvangrijke roman is, ik schrijf altijd wat ik wil. Zonder plan. Allerlei elementen vloeien gewoonweg in mijn werk terwijl ik erover gebogen zit. Die onvoorspelbaarheid vind ik een van de leukste dingen aan het hele proces. Ik tast rond in het diepste van mijn bewustzijn, vis op wat ik vind en schrijf erover. Ik heb, in tegenstelling tot andere schrijvers, nog nooit een dagboek bijgehouden ter inspiratie. Langer dan drie dagen zou ik dat toch niet volhouden. Notities maak ik evenmin - te veel moeite! Een van de ik-figuren in uw nieuwe boek is rond de twintig jaar oud. Veel mensen beschrijven die periode als de meest zorgeloze van hun leven. Geldt dat ook voor u? Murakami: Hm, nee. Ik heb niet echt goede herinneringen aan mijn tijd als twintiger. Volgens mij had ik ze toen niet allemaal op een rijtje. Mijn mooiste tijd heb ik op mijn drieënveertigste beleefd. Op die leeftijd heb ik mijn snelste marathon gelopen. Dat was in 1992. Muziek speelt een belangrijke rol in uw werk. Wat was het eerste lied dat iets voor u betekende? Murakami:Johnny Angel van Shelley Fabares. Dat lied doet me onder meer denken aan een meisje dat ik gekend heb in 1962. Wat er van me geworden zou zijn zonder muziek in mijn leven? Ik durf het niet te zeggen. Het verhaal Carnaval in uw nieuwe bundel gaat over de Duitse componist Robert Schumann, en meer bepaald zijn gelijknamige pianocompositie: die zou de demonen uit het diepste van ons bewustzijn oproepen. Komen er bij uw schrijfproces demonen om de hoek kijken? Murakami:Voor Schumann was - en niet alleen in Carnaval - de waanzin oproepen de enige manier om die waanzin te bedwingen. Daar kan ik me helemaal in vinden, zolang het tenminste met schoonheid gepaard gaat. Tot slot: de hoofdthema's in uw boeken zijn muziek, honkbal, vrouwen en literatuur. Wat verbindt die verschillende onderwerpen volgens u? Murakami: Simpel, het zijn allemaal belangrijke stukken van mijn leven. Alleen katten en bier ontbreken nog. © Der Spiegel