Vandaag wordt literatuurhistoricus Marcel Janssens begraven te Haasrode. Hij vormde decennialang germanisten aan de KU Leuven en was als literatuurhistoricus en - criticus een belangrijke speler in het Vlaamse literaire veld tot begin jaren 90. Hij overleed op 11 juli.

Marcel Janssens werd geboren te Grembergen op 28 februari 1932 en werd na zijn studies Germaanse filologie assisent en later ook opvolger van de legendarische katholieke literatuurhistoricus Albert Westerlink aka José Aerts.

Janssens zelf was een kenner van het literatuurvergelijkende werk van Leo Spitzer en Oskar Walzel én een Multatulispecialist. Hij maakte furore in de jaren 60 met literatuurstudies als 'Tachtig jaar na tachtig' (1960) en 'De schaduwloper' (1967). In dit laatste boek formuleerde hij zijn credo als literatuurcriticus: literatuurkritiek moet zich dienstbaar maken aan de literatuur en niet in de plaats van de literatuur (en de schrijver) zelf willen treden.

Janssens zelf werd professor Europese literatuurgeschiedenis en algemene literatuurwetenschap in 1964 en zou tot aan zijn emeritaat in 1997 honderden germanisten en neerlandici aan de KU Leuven opleiden met een brede culthuurhistorische, encyclopedische kijk op de letteren.

Daarnaast was hij in De Standaard der Letteren een gerespecteerd literatuurcriticus die regelmatig zijn Europees licht over de Vlaamse literatuur liet schijnen in panoramische, synthetische stukken die later werden gebundeld, onder andere in 'De maat van drie' (1984) en 'Geboekstaafd. Vlaamse prozaschrijvers na 1945' (1988). Hij leidde jarenlang als hoofdredacteur het literaire tijdschrift Dietsche Warande & Belfort (tegenwoordig afgekort tot DWB) en kreeg in 1985 de Staatprijs voor Kritiek en Essay.

Janssens was ook een bevlogen causeur die lichtvoetig maar diepgravend de nieuwste literair-historische inzichten voor een groot publiek kon vulgariseren.

Frank Hellemans

Vandaag wordt literatuurhistoricus Marcel Janssens begraven te Haasrode. Hij vormde decennialang germanisten aan de KU Leuven en was als literatuurhistoricus en - criticus een belangrijke speler in het Vlaamse literaire veld tot begin jaren 90. Hij overleed op 11 juli.Marcel Janssens werd geboren te Grembergen op 28 februari 1932 en werd na zijn studies Germaanse filologie assisent en later ook opvolger van de legendarische katholieke literatuurhistoricus Albert Westerlink aka José Aerts.Janssens zelf was een kenner van het literatuurvergelijkende werk van Leo Spitzer en Oskar Walzel én een Multatulispecialist. Hij maakte furore in de jaren 60 met literatuurstudies als 'Tachtig jaar na tachtig' (1960) en 'De schaduwloper' (1967). In dit laatste boek formuleerde hij zijn credo als literatuurcriticus: literatuurkritiek moet zich dienstbaar maken aan de literatuur en niet in de plaats van de literatuur (en de schrijver) zelf willen treden.Janssens zelf werd professor Europese literatuurgeschiedenis en algemene literatuurwetenschap in 1964 en zou tot aan zijn emeritaat in 1997 honderden germanisten en neerlandici aan de KU Leuven opleiden met een brede culthuurhistorische, encyclopedische kijk op de letteren.Daarnaast was hij in De Standaard der Letteren een gerespecteerd literatuurcriticus die regelmatig zijn Europees licht over de Vlaamse literatuur liet schijnen in panoramische, synthetische stukken die later werden gebundeld, onder andere in 'De maat van drie' (1984) en 'Geboekstaafd. Vlaamse prozaschrijvers na 1945' (1988). Hij leidde jarenlang als hoofdredacteur het literaire tijdschrift Dietsche Warande & Belfort (tegenwoordig afgekort tot DWB) en kreeg in 1985 de Staatprijs voor Kritiek en Essay.Janssens was ook een bevlogen causeur die lichtvoetig maar diepgravend de nieuwste literair-historische inzichten voor een groot publiek kon vulgariseren.Frank Hellemans