Fikry El Azzouzi tipt Saki & BizzyBlaza

Saki (Vianney Adriaens) & BizzyBlaza (Bissi Owa) zijn twee Vlaamse rappers die voorlopig vooral op YouTube gedijen maar sinds kort ook naar het podium lonken, en dan niet alleen met hun muziek maar ook met hun bijtende teksten.
...

FIKRY EL AZZOUZI: Voor de KVS ben ik op dit moment bezig met de bewerking van mijn roman Drarrie in de nacht. Daar heb ik tijdens de audities Vianney en Bisi leren kennen. Ze kwamen als acteur, maar onderdeel van de auditie is dat ze ook zelf een kort verhaal schrijven en dat brengen. Ik was meteen onder de indruk van hun twintig minuten tekst: heel rauw, maar toch met een overduidelijke kwaliteit.Je kunt hun clipjes op YouTube bekijken en die zijn heel hard gebaseerd op de blingblingrap - er wordt wat met pistolen gezwaaid en de liefdesbetuigingen lopen over van de schunnigheden. Maar in het stuk dat ze brachten lieten ze een andere kant zien. De urgentie droop ervanaf.Het zijn natuurlijk ruwe diamanten, en talent is slechts de eerste fase. Het valt af te wachten of ze ook het zitvlees kunnen kweken om hun teksten te polijsten. Ik probeer hen alvast aan te moedigen. Net zoals ik vroeger lijken ze totaal geen ambitie te hebben om boeken te schrijven, of beter: ik dacht dat zoiets voor mij onbereikbaar was, dat literatuur hoogdrempelig is en slechts voor weinigen is weggelegd. Verkeerd van me, maar die remmingen zullen zij ook moeten overwinnen. Ze hebben alvast meer talent dan ik op die leeftijd.LIZE SPIT: Ik leerde Marieke een paar jaar geleden kennen tijdens een schrijfresidentie in Parijs. Ik heb een grote bewondering voor haar, zowel voor haar als persoon als voor haar werk. Ze heeft een bijzondere kijk op de dingen, praat ook op een bijzondere manier. Haar werk is exact zoals zijzelf: breekbaar en eerlijk. Ze schrijft steeds poëtisch en intuïtief, haar gedichten zijn stapelwerkjes van beelden en gedachten en ook haar proza is erg associatief.Vaak schrijft ze over donkere gebeurtenissen, schaamteloos. Over de dood of de aantrekkingskracht die de dood op personages heeft, steeds op een kinderlijke en naïeve manier, waardoor het tegelijk grappig en droevig wordt. Ze schrijft over de grote zaken, enkel door kleine zaken te benoemen. Soms ga je door de weemoed in haar gedichten plots zelf iets missen -zoals bijvoorbeeld de handen van andermans moeder in je haar, op zoek naar luizen.Marieke Lucas Rijneveld is geen persoon die verhalen verzint omdat ze een bepaalde schrijver wil zijn of worden, ze schrijft verhalen om zichzelf een houvast te bieden, omdat taal de plaats is waar ze het meest thuis is. Dat maakt haar werk erg indringend. Het is een beetje zoals ze het zelf schrijft in haar gedicht over thuiskomen: 'Al die tijd voor niets gezocht zag wel de slakken op het asfalt/ ervan uitgegaan dat zij steevast onderweg waren tot ik hoorde dat thuis/ geen plek is maar een welbevinden.'MATTHIAS M.R. DECLERCQ: Van Casteren schrijft over het station waar u de trein neemt, over de plek waar u boeken koopt, over de rivier waarlangs u gaat wandelen. Plekken die u kent. Plekken die u denkt te kennen. Maar dan trekt de werkelijkheid een jasje uit en is niets nog hetzelfde. Een techniek die mij ook inspireerde bij het schrijven van De val.Geen lang uitgesponnen, barokke constructies bij deze Nederlander. Wel een stijl die kortaf is, snedig, rauw en vaak ook grappig. Van Casteren ontrafelt een fait divers tot dat simpel feit een universeel karakter krijgt. Hij trekt zich daarbij van de buitenwereld kennelijk niets aan en stelt de normaliteit in vraag. Privacy is in zijn werk een rekbaar begrip, wat op kritiek stuit in onze moraliserende samenleving. Hij trekt gewoon laarzen aan en marcheert door de bagger heen. Van Casteren drijf je niet zomaar in de hoek. En maar goed ook.MAARTEN VAN DER GRAAFF: Ik heb haar leren kennen toen ze gedichten instuurde voor samplekanon.com, een poëziewebsite waarvan ik een van de redacteurs ben. Op dit moment studeert ze nog aan het KASK in Gent, en die beeldende invloed merk je tijdens haar optredens. In plaats van droogweg haar tekst voor te lezen, maakt ze van haar optreden een multimediale voorstelling waarbij woord overvloeit in beeld en omgekeerd. In oktober debuteerde ze bij de kleine maar zeer interessante uitgeverij Het Balanseer en aan haar debuut kleeft een interessant verhaal. Het heet Shop Girl en het is gebaseerd op haar ervaringen als jobstudent bij de Primark, waar ze godbetert twee lange seizoenen in de kelder werkte. De bundel leest dan ook als een lyrisch epos over de laatkapitalistische era. Ze volgt de hele supply chain van die wegwerpmode, van textielarbeider tot klant. Dat levert hypermobiele poëzie op die de hele aarde overspant - van de kleinste lichamelijke ervaringen tot de internationale politiek, het wordt allemaal in een woordenkolk meegezogen. Dat soort opzet is best uniek voor het Nederlandse taalgebied. Ik volg haar werk dan ook met veel interesse.