'Je houdt een stad levendig als je ook in staat bent kunstenaars in je stad te houden'

06/10/18 om 16:31 - Bijgewerkt om 16:38

Om de twee jaar organiseert NUCLEO vzw Open Ateliers. Zondag 7 oktober gooien Gentse beeldende kunstenaars hun deuren wagenwijd open om het publiek een intieme kijk te gunnen in hun werkplek. Een gesprek met Marjoleine Maes, coördinator van NUCLEO, over de atelierwerking en de belangrijkste uitdagingen voor de toekomst.

'Je houdt een stad levendig als je ook in staat bent kunstenaars in je stad te houden'

Een van de ateliers die NUCLEO beheert. © Eveliene Deraedt

Stel: ik ben een beeldend kunstenaar die net in Gent aanspoelt, op zoek naar een betaalbaar atelier. Mensen raden me aan om eens bij jullie aan te kloppen. Wat gebeurt er dan?

MARJOLEINE MAES: Kunstenaars die via ons een atelier willen huren, moeten zich registreren via onze website. Het eerste wat ze moeten doen, is een anonieme vragenlijst invullen die peilt naar de nood aan werkruimte bij beeldende kunstenaars. Met die cijfers hebben we continue bevestiging dat we als organisatie aan een reële nood beantwoorden.

NUCLEO is een organisatie die met steun van Stad Gent en de Vlaamse Gemeenschap kwaliteitsvolle en betaalbare atelierruimte biedt aan professionele beeldende kunstenaars. NUCLEO heeft vier vaste medewerkers in dienst (samen goed voor 2,8 VTE) en herbergt momenteel 170 kunstenaars in 10 panden verspreid over de stad.

Vervolgens kan de kunstenaar heel concreet aangeven wat voor ruimte hij of zij zoekt. We zijn er vooral voor beeldende kunstenaars, al komt er ook al eens een schrijver of een kunstenorganisatie bij ons terecht. De kunstenaar dient dan een dossier in, met ook beeldmateriaal van het werk, een toelichting om het werk te kaderen, een artistiek cv en een motivatie voor zijn of haar aanvraag.

Delen

Wat je niet mag vergeten, is dat kunstenaars over het algemeen een financieel kwetsbare groep zijn.

Dat dossier gaat naar onze toewijzingscommissie; daarin zetelt minstens één professionele kunstenaar, en verder zitten daar ook mensen in die gelinkt zijn aan LUCA en KASK, omdat die een goed zicht hebben op de uitstroom van jonge kunstenaars uit het onderwijs. De kwaliteit van het werk, professionaliteit van de praktijk en ambitie en motivatie van de aanvrager zijn van doorslaggevend belang bij hun beoordeling. Vervolgens beginnen we te puzzelen om voor de kunstenaar een match te vinden met de op dat moment beschikbare ruimtes. Soms kunnen we mensen onmiddellijk aan werkruimte helpen, vaker belanden ze toch wel even op een wachtlijst.

Dat de stad steeds duurder wordt: we klagen er collectief steen en been over. Voor kunstenaars is het helemaal niet evident om huur op te hoesten voor een woning én een atelier.

MAES: Betaalbaarheid staat inderdaad met stip op één als reden waarom mensen bij ons aankloppen. Wij verhuren ons kleinste, goedkoopste atelier voor 50 euro per maand, ons grootste atelier - dat momenteel gebruikt wordt door twee personen - is 360 euro per maand.

Die prijzen zijn dan wel inclusief de nutsvoorzieningen en in sommige gebouwen ook inclusief internet. Er zijn ook nog grotere ruimtes die gebruikt worden als deelatelier door vijf tot veertien personen.

Een van de ateliers die NUCLEO beheert.

Een van de ateliers die NUCLEO beheert. © Eveliene Deraedt

Wat je niet mag vergeten, is dat kunstenaars over het algemeen een financieel kwetsbare groep zijn. Als een kunstenaar ons komt vertellen dat het financieel te krap wordt en dat hij zich zijn atelier niet meer kan veroorloven, willen we het ook mogelijk maken dat die snel weg kan door middel van bijvoorbeeld korte opzegtermijnen. Of als ze een buitenlandse residentie aangeboden krijgen: dan durven we uitzonderlijk toestaan dat er tijdelijk iemand anders ingaat, zodat ze de kost niet hoeven te dragen, maar zodat ze hun atelier ook niet kwijt zijn als ze terugkomen.

Ik mocht in het kader van een interview ooit op bezoek in het atelier van Luc Tuymans, dat hij toen net nieuw had laten bouwen. Het had drie keer de oppervlakte van mijn toenmalig appartement. Dat is dan wel de andere kant van het spectrum...

MAES: Of Michaël Borremans, die voor zichzelf een kerk koopt om in te werken. En Wim Delvoye koopt een kasteel. Dat schept natuurlijk een vertekend beeld; de dagelijkse realiteit van veel beeldende kunstenaars is heel anders. Vraag aan tien kunstenaars wat ze het liefst zouden doen: een atelier via NUCLEO huren of een eigen ruimte kopen of bouwen: natuurlijk kiezen ze bijna allemaal dat laatste.

Maar het inkomstenmodel binnen de beeldende kunsten is nu eenmaal niet van die aard dat de meeste dat kunnen, en al zeker niet aan het begin van hun artistieke carrière. Binnen de groep professionele beeldende kunstenaars heb je een heel klein segment dat tot de internationale top behoort en navenante bedragen verdient, maar in totaliteit kan slechts 5 tot 11 procent (afhankelijk van welk onderzoek je bekijkt) van de inkomsten van hun artistieke praktijk leven. Om maar te duiden dat een werking als de onze wel degelijk broodnodig is.

Sommige ateliers huizen op historische locaties, zoals hier in het Begijnhof Onze-Lieve-Vrouw ter Hoyen. Zorgt dat niet voor ernstige beperkingen in wat de kunstenaars mogen doen in de werkruimtes?

MAES: De gebouwen in het Begijnhof zijn UNESCO-werelderfgoed; ze mogen hier dus inderdaad zeker niet zomaar een gat in een muur slaan. En de site heeft nog andere beperkingen: je mag hier niet parkeren, de rust moet worden gerespecteerd... Zo hebben we van elk van onze gebouwen wel een speciaal huisreglement waar dat soort specificaties instaan. Mede op basis daarvan moeten we soms beslissen dat een bepaald atelier niet geschikt is voor een bepaalde kunstenaar. Een concreet voorbeeld: je gaat een beeldhouwer die met loodzwaar gerief werkt niet op een derde verdieping steken in een gebouw waar enkel een trap is. Af en toe lezen we in een aanvraagdossier van een kunstenaar: 'Ik zou graag een atelier huren bij NUCLEO, want dan kan ik dat tenminste eens echt goed trashen.' (lacht) Dat is dus niet de bedoeling.

Een van de ateliers die NUCLEO beheert.

Een van de ateliers die NUCLEO beheert. © Eveliene Deraedt

Krijgen jullie meer aanvragen dan er ruimtes ter beschikking zijn?

MAES: Sowieso. Bovendien verliezen we voortdurend gebouwen. Af en toe kan het gebeuren dat onze wachtlijst ineens 'opgelost' geraakt, wanneer we een grote nieuwe plek bij vinden. De Lindelei-site is zo'n voorbeeld, daar konden veertig kunstenaars in één klap terecht. Maar meestal komen we gebouwen tekort.

Gebouwen verliezen, weer nieuwe gebouwen bij zoeken: zorgt zo'n nooit aflatende 'gebouwenpuzzelarij' niet voor voortdurende kopzorgen?

MAES: Helaas wel. Ik schets even de huidige realiteit. Momenteel bieden we onderdak aan 170 kunstenaars. Eind september verliezen we onze ateliers aan het Churchillplein: vier ateliers. Het appartementsblok wordt daar gerenoveerd. Eind dit jaar zijn we de Leopoldskazerne kwijt: twaalf ateliers. Provincie Oost-Vlaanderen plant er werken. Eind maart wordt het gebouw in de Onderstraat, waar we nu dertien ateliers hebben, verkocht. We werken hard om voor deze kunstenaars een oplossing te voorzien. Al onze gebouwen zijn tijdelijke leegstandsinvullingen: de ateliers worden er tijdelijk in ondergebracht in afwachting van de definitieve bestemming van het gebouw of de site.

Op sommige plekken, zoals hier in het Begijnhof, kunnen we er vrij gerust in zijn: omdat dit erfgoed is, gaat die ontwikkeling zo traag dat we jaren kunnen blijven. Op andere plekken is de situatie helaas onvoorspelbaar. Dat is complex en belastend voor ons als organisatie, en het betekent ook een constante verhuiscarrousel voor de kunstenaars zelf, waar ook voor hen veel tijd en energie in kruipt.

Delen

Stel je voor dat we op korte tijd eens meerdere grotere gebouwen tegelijkertijd verliezen: we zijn dermate kwetsbaar dat we dan over de kop zouden kunnen gaan. Ideaal kan je dat niet noemen.

Bovendien is er ook op zakelijk niveau een zeer gevaarlijk kantje aan die hele situatie. Op dit moment draait onze werking voor 70 procent op onze huurinkomsten en voor 30 procent op subsidies. Klinkt mooi, maar mede door die voortdurende 'puzzelarij', moeten we trekken, sleuren en keihard werken om genoeg ruimtes, genoeg middelen, genoeg omkadering voor de kunstenaars te kunnen blijven voorzien. Stel je voor dat we op korte tijd eens meerdere grotere gebouwen tegelijkertijd verliezen: we zijn dermate kwetsbaar dat we dan over de kop zouden kunnen gaan. Ideaal kan je dat niet noemen. Vandaar dat we naar onze overheidspartners al lang vragende partij zijn om ons te helpen om een eigen gebouw te verwerven, een structurele ankerplek waar we al minstens een minimum aan permanente ateliers en een vast huurinkomen uit zouden kunnen halen. Maar het moet ook verder gaan dan dat. Want hoewel zo'n plek inderdaad zou betekenen dat we wat steviger in onze schoenen kunnen staan, kunnen daar in het beste geval 30 of 40 kunstenaars terecht... Maar we hebben er 170! Naast de nood aan een eigen plek, blijven we dus ook hameren op de noodzaak van een structureel gedragen atelierbeleid.

Een van de ateliers die NUCLEO beheert.

Een van de ateliers die NUCLEO beheert. © Eveliene Deraedt

Hoe ziet zo'n atelierbeleid er in een ideale wereld uit?

MAES: Momenteel krijgen we steun van het departement Cultuur van de stad, waar we nauw mee samenwerken, maar eigenlijk opereren we breder dan louter in het cultuurveld. In een ideale wereld wordt onze werking gedragen en structureel ondersteund door een geïntegreerd beleid vanuit cultuur, vastgoedbeheer én facility management, maar ook door bijvoorbeeld het departement jeugd, de dienst economie, de dienst toerisme...

Vaak wordt in de eerste plaats gedacht aan resultaten op korte termijn of aan de directe gevolgen op het vlak van het voorkomen van leegstand, maar beschouwt men het maatschappelijk doel dat de ondersteuning van kunstenaars inhoudt onvoldoende als meerwaarde op zich.

De afgelopen jaren zijn er steeds meer commerciële leegstandbeheerders bijgekomen. Die argumenteren naar lokale overheden dat zij ook kunstenaars huisvesten, terwijl de ondersteunende werking van de atelierorganisaties natuurlijk in scherp contrast staat met het winstoogmerk van zulke leegstandbeheerders. Waarom? Omdat wij de 'overflow' van het huurgeld dat we innen voor onze ateliers integraal laten terugvloeien naar de ondersteuning van diezelfde kunstenaars! De aanwending van de huurgelden dient bij NUCLEO een maatschappelijk doel, geen commercieel. We zijn er niet om winst te maken op de kap van de kunstenaars, met andere woorden. Dat verschil wordt bij sommige overheidsdiensten soms wat uit het oog verloren.

Een van de ateliers die NUCLEO beheert.

Een van de ateliers die NUCLEO beheert. © Eveliene Deraedt

Daarnaast is er de afgelopen jaren ook een trend om tijdelijke leegstand in te vullen met projecten die je onder de noemer wijkgericht, participatief, burgerinitiatieven, commons, en soms zelfs deels zelfbedruipend kan vatten. Geweldige projecten zoals DOK en NEST in de oude bibliotheek, waar we als organisatie volledig achter staan en ook aan meewerken. Maar zelf passen we niet onder die paraplu, en onze kunstenaars ook niet. Die zitten nu eenmaal in een ander segment. Zij hebben een atelier nodig om te creëren en dat creatieproces is niet noodzakelijk openbaar, wijkgericht of participatief. Je zit dus met een gegeven waar je als stad niet zo heel erg mee kan uitpakken, maar dat maakt het niet minder noodzakelijk. Je kan je stad

pas levendig houden, je identiteit als creatieve plek maar behouden als je ook in staat bent om kunstenaars in je stad te houden. Dat doe je natuurlijk beleidsmatig op verschillende manieren, maar betaalbare ateliers vormen daar een belangrijk onderdeel van. Op het moment dat kunstenaars geen plek meer vinden waar ze in alle rust aan hun oeuvre kunnen werken, zijn ze weg. Resultaat: verschraling. Die sense of urgency willen we nadrukkelijk blijven meegeven aan onze overheidspartners.

Liggen er op Vlaams niveau geen oplossingen? Nu lijkt het vooral af te hangen van de goodwill en de middelen van stadsbesturen of er al dan niet een atelierbeleid voor lokale kunstenaars is.

MAES: Om die reden hebben we UFO opgericht, een samenwerking met vier andere stedelijke atelierorganisaties in Vlaanderen. Samen met hen willen we op Vlaams niveau ijveren voor het vrijwaren van ruimte voor artistieke creatie in een stedelijke context. We zullen de nood aan een geïntegreerd beleid ook daar aankaarten en het gesprek aangaan. Het beheer van de atelierruimtes zelf; dat lijkt me sowieso een lokale aangelegenheid, waarvoor een geïntegreerd stedelijk beleid noodzakelijk is. Maar bepaalde bevoegdheden bevinden zich op gemeenschaps- of zelfs federaal niveau, waardoor ook daar de verschillende beleidsdomeinen betrokken moeten worden. Wat de omkaderende ondersteuning voor kunstenaars betreft hopen we ook op mogelijkheden bij het decreet bovenlokale cultuurwerking of het Kunstendecreet. Al blijft de stedelijke ondersteuning ook daarvoor broodnodig.

Een van de ateliers die NUCLEO beheert.

Een van de ateliers die NUCLEO beheert. © Eveliene Deraedt

Veel stevige gesprekken met de overheid voor de boeg, maar jullie gaan er hopelijk nog steeds met volle goesting voor?

MAES: Absoluut. De afwisseling en het contact met de kunstenaars zorgen ook dat we veel voldoening halen uit ons werk. Tijdens Open Ateliers krijgen de bezoekers voor één dag een inkijk in het kunstenaarsbestaan, maar bij ons op bureau komen kunstenaars het hele jaar door binnenvallen. Af en toe om hun beklag te doen over iets - de chauffage is uitgevallen, te luide muziek bij de buurman - maar doorgaans om plezantere redenen. Dan nodigen ze ons uit voor de opening van hun tentoonstelling, of komen ze vertellen dat er interesse is in hun werk, of dat ze een uitnodiging kregen voor een residentie... Of iemand passeerde de bakker en vond het een goed idee om ons op taart te trakteren.

Natuurlijk is het ook extra fijn als een van de kunstenaars het nationaal of internationaal goed begint te doen, maar wat er voor ons vooral toe doet, is dat de cirkel rond blijft. Dat we door het aanbod van betaalbare ateliers en een waaier aan ondersteuning mee dingen mogelijk maken, waardoor het voor de kunstenaars zelf interessanter is om in deze stad te blijven. Uiteindelijk is dat waar het allemaal echt om draait.

Onze partners