Leonard Nolens, Els Moors, Maud Vanhauwaert, Peter Verhelst of Geert Buelens: fragmenten uit de gedichten van deze vijf genomineerden voor de Herman De Coninck-prijs kan u deze week overal te lande tegenkomen. Zomaar, op de stoep, onder de blote hemel. Voor iedereen, waar poëzie hoort. Kies uit deze woordkunstenaars uw lieveling en maak kans op een van de Kärchers waarmee wij de poëzie verspreiden

Er komt een vrouw naar mij toe. Ze zegt
'wij zijn evenwijdig, raken elkaar in het
oneindige, laten we rennen'.

Zullen we wachten? Zullen we wachten
tot de kinderen groot zijn en de aardbeien
rood, ze zijn te bleek nog, te klein, te hard.
Zullen we wachten tot de de avond valt
en de nacht waarover wij nog een keer
willen slapen.

Ze haakt haar arm in de mijne tot een lemniscaat.

Zullen we wachten op een eerste stap
zo reusachtig dat je makkelijk een tent
tussen onze benen spant
waarin nieuwe kinderen kamperen,
aardbeien rijpen en niemand nog buiten
de zomer kan_

En we rennen. Met onze armen
zwaaien wij een maat die bij ons past_

Uit Maud Vanhauwaert, Wij zijn evenwijdig _, Querido

Er komt een vrouw naar mij toe. Ze zegt 'wij zijn evenwijdig, raken elkaar in het oneindige, laten we rennen'. Zullen we wachten? Zullen we wachten tot de kinderen groot zijn en de aardbeien rood, ze zijn te bleek nog, te klein, te hard. Zullen we wachten tot de de avond valt en de nacht waarover wij nog een keer willen slapen. Ze haakt haar arm in de mijne tot een lemniscaat. Zullen we wachten op een eerste stap zo reusachtig dat je makkelijk een tent tussen onze benen spant waarin nieuwe kinderen kamperen, aardbeien rijpen en niemand nog buiten de zomer kan_ En we rennen. Met onze armen zwaaien wij een maat die bij ons past_Uit Maud Vanhauwaert, Wij zijn evenwijdig _, Querido