'Als ze maar niet denken dat ik het gat dichtrijd!' Koen Van Geyt monstert de tegenstand. De renner is geërgerd: waarom neemt niemand initiatief? Een zweetdruppel blijft hangen aan het puntje van zijn neus. Van Geyt mindert zijn cadans en laat zelfs even de kopgroep gaan. 'Hier kan dat. Aan de oevers van de Theems ontploft de koers toch niet', zegt Van Geyt. Om de bocht ligt een venijnige heuvel, weet hij. Ook al is hij nog nooit in Londen geweest.
...

'Als ze maar niet denken dat ik het gat dichtrijd!' Koen Van Geyt monstert de tegenstand. De renner is geërgerd: waarom neemt niemand initiatief? Een zweetdruppel blijft hangen aan het puntje van zijn neus. Van Geyt mindert zijn cadans en laat zelfs even de kopgroep gaan. 'Hier kan dat. Aan de oevers van de Theems ontploft de koers toch niet', zegt Van Geyt. Om de bocht ligt een venijnige heuvel, weet hij. Ook al is hij nog nooit in Londen geweest. We zitten twee hoog in een rustige nieuwbouwwijk in Merelbeke. Op de zolderkamer van het gezin Van Geyt rijdt een internationaal peloton van 65 man de Greater London Loop: een vaste afspraak op de kalender. De mannetjes op Van Geyts flatscreen stellen Australiërs, Zuid-Afrikanen en Zweden voor, die zich op dit eigenste moment thuis afbeulen op een soort uitgebouwde hometrainer. Ze spelen Zwift. Deze virtuele koerswereld telt een miljoen betalende abonnees, onder wie meer dan 10.000 Belgen. Zij installeerden elk een fiets, een rollenbank en een laptop in hun garage, washok of slaapkamer. Een vermogensmeter op de rollenbank stuurt een signaal naar de laptop: hoe harder Van Geyt trapt, hoe sneller zijn digitale alter ego vooruitstuift. Sturen hoeft niet op Zwift, maar positioneren is wel nodig: wie in het peloton rijdt, ervaart minder weerstand omdat hij in de slipstream van zijn voorganger zit. Wanneer het bergop gaat, krijgt het achterwiel tegenkracht te verduren. Net echt. Van Geyt en zijn 64 digitale tegenstanders koersen door de straten van Londen, dat naar werkelijkheid is nagebouwd. Voor de start wees hij de favorieten aan. 'De Amerikaan Casey Schumm plooit nooit, maar voor hem is dit parcours niet selectief genoeg. Ik vrees vooral de Noor Simon Nielsen. Die heeft een dodelijke sprint.' Buiten schijnt de zon, in het virtuele Londen regent het. 'Nu vooraan in de groep positioneren', briest Van Geyt. Zijn adem stokt tussen elk zinsdeel. Twee ventilatoren blazen vol in zijn gezicht. Bij het opdraaien van een lastige helling ziet de geriater in opleiding zijn moment gekomen. Van Geyt staat recht op de trappers. Eén minuut perst hij er alles uit, maar het peloton dicht het gat op virtuele Koen die, in de echte wereld, teleurgesteld weer in het zadel ploft. 'Ik heb ze toch pijn gedaan', vergoelijkt hij, terwijl de arts met zijn hand een snijdende beweging over zijn keel maakt. Een kopgroep van twaalf begint aan de laatste kilometer. Een Brit plaatst een late aanval. Met een ultieme krachtexplosie glipt Van Geyt naar zijn wiel. Een tellertje links op het scherm klimt naar 1500 Watt, het vermogen dat Koen op zijn trappers duwt. De gevreesde Nielsen wacht... en sterft in het wiel van Van Geyt. 'Gewonnen! Wat een geluk dat die Brit het zo lang uithield! De anderen verkeken zich erop', triomfeert hij. Van Geyt stapt van zijn Wahoo Kickr Smart, lurkt van zijn drinkbus en neemt de handdoek van zijn stuur. Eén uur eerder zat hij papierwerk te doen voor een spoedopname, nu ploft de renner voldaan op de sofa. In 64 andere wielergezinnen zal de sfeer iets meer gedempt zijn - al sturen Schumm en Nielsen een opgestoken duim om de winnaar te feliciteren. Zwift ging van start in 2014. Eerst zette het zich in de markt als een soort wintertraining voor de ambitieuze wielertoerist, maar vandaag zijn zelfs op warme zomeravonden duizenden internetfietsers online. Voor Van Geyt, die zelf inschat dat hij als renner 'het hoogst mogelijke niveau bereikt dat haalbaar is met een voltijdse job', begon het als overbrugging van de donkere wintermaanden. 'Van november tot februari fiets je beter niet op straat', vindt hij. 'Het is gevaarlijk, nat en koud. Vroeger onderhield ik mijn conditie op de rollen, maar dat is gruwelijk saai. Nee, geef me dan maar Zwift: je voelt de prikkel van de competitie, en ik hoef niet eens mijn fiets schoon te maken.' Het computerprogramma is een nazaat van de ouderwetse hometrainer, de met wasgoed overwoekerde herinnering aan zoveel gefnuikte goede voornemens. Een hometrainer kost zelden meer dan 300 euro, maar wie wil zwiften is daar een veelvoud van kwijt. 'Voor een fatsoenlijke rollenbank betaal je zo'n 800 tot 1200 euro. Je hebt ook nog een koersfiets nodig en een laptop of een smartphone, maar dat bezitten de meeste wielertoeristen sowieso. Het abonnement kost 15 euro per maand', zegt Stephan Tytgadt. Hij heeft een fietsenwinkel, werd een early adopter van Zwift en vertegenwoordigt het bedrijf nu in België. 'Niemand rijdt lek, niemand breekt zijn sleutelbeen en het spelelement zorgt ervoor dat je blijft terugkomen. Voormalige couch potatoes, die al jaren niet meer sportten, bouwen conditie op. Bijna niemand haakt af.' Zwiften is een sport op zichzelf aan het worden, met alle voor- en nadelen. Er bestaan zwifters die nooit meer op de openbare weg rijden. Er ontstonden Zwift-teams, met kopmannen en knechten die ontsnapte renners terughalen. Livestreams van de grootste races lokken meer dan 100.000 kijkers. Professionele wegploegen begonnen te rekruteren op Zwift: deels als reclamestunt, deels omdat de betere zwifters gewoon erg hard kunnen fietsen. Zo tekende de Sloveen Martin Lavric een profcontract bij de opleidingsploeg van Dimension Data, een team dat meedoet aan de Ronde van Frankrijk. En op 10 juli beginnen de Zwift Classics: een meerdaagse virtuele rittenwedstrijd met een zeer echte geldprijzenpot. 'Maar over die winstpremies gaan we maar beperkt communiceren', zegt Stephan Tytgadt van Zwift. 'Anders lokt het misschien valsspelers.' Bij echte wielerwedstrijden zie en ken je de tegenstand, op Zwift koers je tegen pixels. Achterdocht over prestaties horen bij het virtuele wielrennen. De internetfora staan er vol van. Een ervaren wielerprof, momenteel actief in de Tour, stopte met Zwift omdat hij keer op keer de huiskamercoureurs moest lossen. Maar nu is er een oplossing. Men richtte, en dit is geen grap, het ZADA op: het Zwift Anti-Doping Agentschap. 'Daarbij checkt een panel of prestaties plausibel zijn', legt Tytgadt uit. 'De renner moet eerder al soortgelijke wattages hebben getrapt. Bij de serieuzere koersen brengen we alle deelnemers op één locatie samen en rijden ze op een rollenbank die Zwift zelf gehomologeerd heeft. Wie daar niet kan wat hij thuis presteert, valt door de mand. De uitslagen van kleinere koersen neem je het best met een korreltje zout. Rij die voor jezelf, niet om per se te willen winnen.' Valsspelen is niet moeilijk. De weerstand van de hometrainer kun je zo losser draaien. Of je doet aan 'gewichtdoping'. De snelheid van de virtuele renners op Zwift hangt af van hoeveel kracht er in de echte wereld ontwikkeld wordt. Net zoals in echt wielrennen draait het om watt per kilogram. Zware coureurs zetten (automatisch) meer gewicht op hun trappers, maar ze moeten ook wel meer kilo's vervoeren. Nu is afvallen in Zwift makkelijk: je vult gewoon een lager gewicht in. Een internetcoureur die tien virtuele kilo's vermagert, wordt haast onverslaanbaar. Vooral de Koreaanse zwifters worden van dit misdrijf beticht. 'Als ik zie hoe die mannen koersen, kan ik alleen maar besluiten dat de beste klimmers ter wereld in Zuid-Korea wonen. De profteams moeten daar dringend gaan scouten', grijnst de afgehaakte profrenner. Het ZADA behandelt zo'n veertig zaken per maand. Soms gaat het om kolderieke toestanden: mannen die meedoen aan vrouwenkoersen, bijvoorbeeld. De betere vrouwelijke Zwift-coureurs filmen zichzelf tijdens het rijden, om de verdenking af te houden. Op echte doping controleert het ZADA overigens niet. Stephan Tytgadt, ex-lid van het ZADA, kan er alleen de schouders bij ophalen. 'In elk spel wordt gefoefeld. Het is eigen aan de mens, en zeker aan atleten. We winnen allemaal graag: dat oerverlangen is de reden waarom Zwift zo aanslaat. Je kunt er eigenlijk niet boos om zijn, maar kinderachtig is het wel.' Het profpeloton is ook aan het internetkoersen geslagen - ook al omdat nogal wat profs een Zwift-set cadeau kregen van het bedrijf. De broers Yates, Caleb Ewan en Edvald Boasson Hagen zijn fanatieke zwifters, net als Victor Campenaerts, Thomas De Gendt en Oliver Naesen. Michael Matthews viel zwaar in het voorjaar. De Australische sprinter durfde pas opnieuw in competitie te komen nadat hij een keer stevig had uitgepakt op Zwift. Ongeveer een derde van het huidige Tourpeloton heeft een account. Het zal hen nog van pas komen, want voor volgend seizoen plant Zwift een straffe stunt. Volgens onbevestigde geruchten zal de proloog van de Ronde van Italië van 2020 verreden worden op Zwift. De eerste roze trui is voor wie het snelst op de rollen vlamt. Dit jaar experimenteerde de Giro al met virtueel koersen: het parcours van de proloog werd nagebouwd en kon simultaan verreden worden op Zwift. Eurosport pakte uit met split screens: links zag je de coureur in de echte wereld, rechts reed zijn digitale evenknie. De beste, door het ZADA geverifieerde amateur-zwifter had de top tien gehaald in de echte Giro. Maar mag je de twee wel vergelijken? Victor Campenaerts is bijvoorbeeld geen voorstander van de digitale Giro-proloog, hoewel hij zelf vaak Zwift. 'Het gaat puur om de wattages die je kunt trappen. Maar koersen draait niet alleen om watts.' Het computerprogramma werkt aan innovaties om de werkelijkheid dichter te benaderen, om meer virtual reality te worden. Er bestaan al rollenbanken die kasseien simuleren: op slechtere weg begint de hometrainer te schokken. Zwift experimenteert met blazers die zijwind zullen uitstoten, en mogelijk wordt de optie geïntroduceerd om te sturen. En wellicht dus ook om te vallen - al zal de echte renner geen botten breken. Ook de digitale fietswereld zelf moet meer gaan lijken op de wereld daarbuiten. De meeste Zwift-koersen worden verreden op het fantasie-eiland Watopia, waar je onder meer over een vulkaan kunt fietsen of in een tropische jungle. Echte parcoursen door Londen, New York of Innsbruck bestaan ook, en de diehards beginnen die te verkiezen. Voor Tourfans is er de Alpe du Zwift, een exacte kopie van Alpe d'Huez. 'Ik ben bij het moederbedrijf aan het pushen om er ook iets Ronde van Vlaanderenachtigs in te steken', verklapt Tytgadt. 'De streek rond Oudenaarde spreekt de hele wereld aan. Amerikaanse wielertoeristen die er al hun hele leven van dromen om de Paterberg te beklimmen, hoeven dan niet eens meer hun huis uit.' Maar het grootste Zwift-nieuws van het moment is de aankomende Classics-competitie. Geriater Koen Van Geyt is een van de vijf Belgian Zwift Riders die woensdag aan de start staan voor The Apple Lap, een race door de straten van New York. Winnen wordt moeilijk. 'Ik heb gezien dat Lionel Vujasin ook aan de start staat', zegt hij. 'Een Luiks fenomeen met een ongelooflijke demarrage. Zijn watts zijn straf genoeg om wielerprof te zijn, alleen kan hij niet sturen. Ik zal vroeg moeten aangaan, en hopen dat zijn ploeg me niet terughaalt.'