"We hadden verwacht een positief effect van de zomer te zien, maar dat is helemaal niet het geval", zegt professor Kris Vanhaecht van het Leuvens Instituut voor Gezondheidszorg (KU Leuven). "De resultaten zijn in feite slechter dan tijdens de eerste COVID-golf in april." De bevraging werd afgenomen begin oktober, dus nog voor de ziekenhuisopnames flink stegen. Er participeerden 1.280 medewerkers van ziekenhuizen en woonzorgcentra. In april waren de scores voor 'onder druk staan' en 'voortdurend hyperalert zijn' weliswaar nog hoger dan begin oktober. Ook was er toen meer angst bij het zorgpersoneel. "Die is afgevlakt omdat men weet wat er komt en omdat er nergens een tekort aan beschermingsmateriaal is en er overal draaiboeken en protocollen zijn", zegt Vanhaecht. Maar andere symptomen zaten begin oktober al even hoog als in april. Vijfenvijftig procent voelt zich oververmoeid, 42 procent ervaart slaaptekort en 35 procent van het zorgpersoneel geeft aan zich onvoldoende te kunnen ontspannen. (Belga)

"We hadden verwacht een positief effect van de zomer te zien, maar dat is helemaal niet het geval", zegt professor Kris Vanhaecht van het Leuvens Instituut voor Gezondheidszorg (KU Leuven). "De resultaten zijn in feite slechter dan tijdens de eerste COVID-golf in april." De bevraging werd afgenomen begin oktober, dus nog voor de ziekenhuisopnames flink stegen. Er participeerden 1.280 medewerkers van ziekenhuizen en woonzorgcentra. In april waren de scores voor 'onder druk staan' en 'voortdurend hyperalert zijn' weliswaar nog hoger dan begin oktober. Ook was er toen meer angst bij het zorgpersoneel. "Die is afgevlakt omdat men weet wat er komt en omdat er nergens een tekort aan beschermingsmateriaal is en er overal draaiboeken en protocollen zijn", zegt Vanhaecht. Maar andere symptomen zaten begin oktober al even hoog als in april. Vijfenvijftig procent voelt zich oververmoeid, 42 procent ervaart slaaptekort en 35 procent van het zorgpersoneel geeft aan zich onvoldoende te kunnen ontspannen. (Belga)